Nuttige tips

Deutsche Bank

Is het nu Europe first voor beleggers?

5 juli 2021

 

Samengevat:

  • Nagenoeg alle beurzen fietsten ook de afgelopen maanden vrolijk verder de aandelencurve op.
  • Toch blijft het nodig om als belegger goed de handen aan het stuur te houden, en hier en daar een andere afslag te overwegen.
  • Europese aandelen profiteren van het cyclische profiel. Ze noteren traditioneel met een korting en die korting is vandaag nog relatief hoog.

 

Gunstige factoren

 

Van ’s werelds kleinste aandelenbeurs (Yangon Stock Exchange in Myanmar met 7 namen op het koersenbord en minder dan 500 miljoen Amerikaanse dollar aan marktkapitalisatie) tot ’s werelds grootste aandelenbeurs (New York Stock Exchange met ruim 2.400 bedrijven en meer dan 25.000 miljard Amerikaanse dollar aan marktkapitalisatie)1: sinds ze in het eerste kwartaal van 2020 een duik namen, kozen ze nagenoeg allemaal de weg naar boven. Hoewel er intussen al wat ter plaatse werd getrappeld, bleef de trend de voorbije maanden stijgend. Er zijn momenteel dan ook verschillende krachten aanwezig die de aandelenmarkten blijven ondersteunen:

 

  • In heel wat grote economieën zijn de vaccinatiecampagnes op snelheid gekomen. Steeds meer deuren gaan open waardoor de groei kan heropleven.
  • Meer economische groei betekent meer bedrijfsactiviteit, en dat zwengelt de winstgroei van ondernemingen aan.
  • Het algemene renteniveau mag dan wel teruggekaatst zijn van een dieptepunt, in absolute termen is het renteniveau nog extreem laag. En dat is gunstig voor aandelen. De centrale banken blijven rustig aan de zijlijn staan en laten de teugels van hun soepel monetair beleid voort vieren. Behalve aandelen zijn er weinig alternatieven voor wie een hoger rendement nastreeft.

 

Redenen om voorzichtig te zijn

 

Tegelijkertijd duiken er de jongste tijd enkele signalen op die op korte termijn toch tot enige voorzichtigheid nopen (hoewel de beurzen zich daar tot op heden weinig van aantrekken):

  • Het belangrijkste aandachtspunt blijft de inflatie en de inflatieverwachtingen. Die trekken sterk aan. De inflatie in de VS (incl. energieprijzen) steeg in mei jaar op jaar met 5%, de sterkste stijging sinds augustus 2008. Ook de grondstoffenprijzen (van aluminium tot sojabonen) lieten een stijging optekenen en duwen de inflatie omhoog. Als die trend zich dermate doorzet dat centrale banken hun soepel monetair beleid sneller dan verwacht moeten bijsturen, dan zal dat een impact op de beurzen hebben. Daarnaast valt wel op te merken dat de obligatierente, die vorig kwartaal opveerde, ondertussen weer daalde.
  • De ISM manufacturing index heeft wellicht zijn piek bereikt. Deze index geeft de aankoopappetijt van 300 grote Amerikaanse maakbedrijven weer en geldt als een voorspellende economische indicator. In het verleden volgde op een piek van deze index traditioneel een kleine of iets grotere verkoopgolf op de beurzen.
  • De Citi U.S. Economic Surprise Index, die aangeeft in welke mate de macro-economische cijfers in de VS positief verrassen, is sinds augustus 2020 in dalende lijn.

Alles in beschouwing genomen zijn er voldoende redenen om op middellange termijn positief te blijven over de aandelenmarkten, maar op korte termijn toch enige voorzichtigheid aan de dag te leggen. Het is beter om belegd te blijven (zie verder: wat te doen?) en een eventuele terugval van aandelenkoersen of een algemene correctie (daling van meer dan 10%) te benutten om de blootstelling aan aandelen op te trekken.

 

Europese aandelen: profiteren van het cyclische profiel

 

In Europa kwam de vaccinatiecampagne trager op gang dan in de VS, maar draait nu op volle toeren. Hierdoor krijgt het cyclisch herstel een boost. Omdat de Europese beurzen een meer cyclisch profiel hebben dan de Amerikaanse, kan ons continent hiervan sterker profiteren. Hoewel we de winsten pas in 2023 op het niveau van vóór de crisis verwachten, bieden die vooruitzichten vandaag ook al steun. Een bijkomend argument in het voordeel van Europese aandelen zijn hun waarderingen t.o.v. Amerikaanse aandelen. Ze noteren traditioneel met een korting en die korting is vandaag nog relatief hoog.

 

Amerikaanse aandelen: klimaat nog steeds gunstig

 

De VS – ’s werelds grootste economie – staat verder dan Europa in het herstelproces. Dat weerspiegelt zich ook in het sterkere parcours dat de Amerikaanse beurzen sinds hun dieptepunt van maart 2020 aflegden. We vermoeden echter dat de bedrijfswinstgroei nu zijn piek bereikt heeft, of dat binnenkort zal doen, en dat veel positief nieuws vandaag al in de koersen is verrekend.

De stijgende inflatie beroert tot op heden vooral de VS en dat kan een bedreiging zijn voor de hoge aandelenwaarderingen, zeker wanneer het renteniveau sterk en snel zou stijgen.

Anderzijds zorgen de plannen van de regering Biden en het zeer soepele beleid van de Fed voor een klimaat van lage rente en veel liquiditeiten. En dat is een klimaat waarin aandelen goed gedijen.

 

Aandelen groeilanden: opwaarts potentieel

 

Op dit moment ziet men het hoogste opwaartse potentieel in Europa en de groeilanden. Deze laatste zijn in relatieve termen niet te duur en moeten kunnen profiteren van het wereldwijde groeiherstel. Het herstel van de bedrijfswinsten zit volgens ons nog niet volledig in de koersen verwerkt. De regionale voorkeur gaat uit naar Azië, waar de koersprestaties in 2021 voorlopig achterbleven tegenover Europa en de VS.

 

Obligaties: selectiviteit blijft geboden

 

Zolang de centrale banken hun soepel monetair beleid aanhouden, zullen de rentevoeten (bedroevend) laag blijven. Zelfs al is de inflatiedruk toegenomen, een eerste stijging van de beleidsrente door de Fed wordt pas in 2023 verwacht en voor de ECB zal dat wellicht nog later zijn.

Obligatiebeleggers worden over het algemeen aangeraden om niet te lange looptijden te kiezen. Obligaties van groeilanden in USD bieden nog steeds de beste risico-rendementsverhouding voor beleggers die op zoek zijn naar een degelijk(er) rendement. Eventueel kan dit aangevuld worden met high yield obligaties, maar selectiviteit en diversificatie blijven een absolute must.

 

De dollar is geen vluchtwaarde meer

 

De prognose voor de dollar werd bijgesteld naar EUR/USD 1,20 tegen juni 2022. Met de huidige hogere risico-appetijt op de markten kan de dollar niet terugvallen op zijn rol van veilige haven. Bovendien zal het groeiverschil tussen de VS en Europa vanaf volgend jaar verkleinen, waardoor een andere steunfactor voor de dollar afzwakt.

Anderzijds wil de regering Biden het internationale leiderschap van de VS herstellen, zal de Fed eerder dan de ECB het soepele monetaire beleid voorzichtig loslaten, en is een te sterke euro niet goed voor de economische groei in de eurozone zodat de ECB in dat geval vermoedelijk (verbaal) zal ingrijpen om de euro omlaag te krijgen.

 

Wat te doen?

 

Wie belegt, kiest best voor een geïntegreerde aanpak die alle opportuniteiten en risico’s van de verschillende activaklassen in overweging neemt. Dat kan door te kiezen voor een kern-satellietbenadering. De kern bestaat uit solide beleggingen die strategisch verdeeld zijn over verschillende activaklassen, en eventueel over mechanismen beschikken die het neerwaartse risico binnen bepaalde grenzen probeert te houden.

In het satellietgedeelte kan men ten volle een aandelenstrategie uitspelen. Daarbij valt nog steeds een hybride aanpak te verkiezen: enerzijds kwalitatieve groei (voornamelijk te vinden in de technologiesector), en anderzijds cyclische waarden die van het economisch herstel kunnen profiteren zoals de financiële sector en Europese small- en midcaps. Ook andere thematische beleggingen door in te spelen op langetermijntrends kunnen nog toevoegd worden zoals groene energie, artificiële intelligentie, infrastructuur én de gezondheidszorg. De koersprestaties van die laatste sector bleven wat achter, maar de relatieve waarderingen zijn aantrekkelijk en er wordt aangenomen dat de sector een sterk vermogen tot prijszetting heeft. Eventuele inflatie kan dus doorgerekend worden aan de eindklant.


Hoe een robuuste portefeuille opbouwen?

Door Knut Huys, Senior Fund of Funds Manager

3 juni 2021

Samengevat:

  • Een solide portefeuille met een doordachte blootstelling aan activaklassen (aandelen, obligaties, …) is noodzakelijk om tegelijk mogelijks te kunnen floreren en eventuele stormen te kunnen doorstaan.
  • Een fondsenportefeuille1 bestaat bij voorkeur uit een stevige basis, die eventueel aangevuld kan worden met beleggingen waarmee u bijkomende accenten legt (bv. artificiële intelligentie, klimaatverandering …).
  • Daarbij is het raadzaam om discipline aan te houden (belegd te blijven), te focussen op een langetermijnstrategie (in plaats van kortetermijntactieken) en om gemoedsrust in te bouwen.

Beleggen in fondsen komt met opportuniteiten, maar ook met risico’s. Die risico’s wegnemen is niet mogelijk. Zich er zo goed mogelijk proberen tegen te wapenen? Dat kan wel.

Vergelijk het met een huis: een stevig fundament voorkomt verzakkingen, een stevig dak verhindert dat de wind ermee gaat spelen, en stevige muren zorgen ervoor dat de zolder niet in de kelder belandt. Hetzelfde geldt voor een portefeuille. Als die niet tegen een stoot kan, is het mogelijk dat hij als een kaartenhuisje in elkaar zakt. Misschien niet met een paar zuchten, maar wel als het stormt op de markten.

Een robuuste portefeuille opbouwen

Om zich de beste kans te geven beleggingsdoelstellingen te bereiken, is het van essentieel belang om de juiste mix van activaklassen te bepalen. Effectieve strategieën voor activa allocatie nemen voldoende risico om een portefeuille groeipotentieel te geven, maar niet in die mate dat men zich er ongemakkelijk bij zou voelen en daardoor geneigd zou kunnen zijn om op het verkeerde moment uit de markten te stappen.

Een portefeuille kan daarom best bestaan uit een solide kern, aangevuld met enkele ‘satellieten’.

  1. De kern kan bijvoorbeeld bestaan uit een geïntegreerde oplossing, gebaseerd op een strategische activa allocatie. Anders gezegd, een totaalbelegging die:
  • zowel blootgesteld is aan aandelen en obligaties als eventueel aan andere activaklassen;
  • focust op een rendementspotentieel op lange termijn;
  • regelmatig volledig doorgelicht en zo nodig geherbalanceerd wordt, zodat de risico’s in verhouding blijven tot het mogelijke langetermijnrendement;
  • eventueel over ingebouwde mechanismen beschikt die het neerwaartse risico binnen bepaalde grenzen probeert te houden.
  1. De satellieten kunnen bestaan uit thematische beleggingen (zoals klimaatverandering, artificiële intelligentie, water en robotica), sectoren (zoals technologie en financials) of categorieën (zoals smallcaps en midcaps). Kortom complementaire en tactische beleggingen met een uitgesproken groeipotentieel, die evenwel risicovoller kunnen zijn dan de kern van de beleggingsportefeuille.

3 tips voor een meer robuuste portefeuille

1. Discipline: blijf belegd

Wie wil beleggen met als doel een hoger rendementspotentieel na te streven, dient een langetermijnhorizon te hebben. Het kan aanlokkelijk lijken om uit te stappen wanneer de beurzen een dip hebben, of wanneer ze even in het groen staan. Maar het blijft zo goed als onmogelijk om steeds het perfecte in- en uitstapmoment te kiezen. Door uit te stappen loopt men misschien een mogelijke remonte of verdere stijging mis.

Uit het verleden blijkt dat langetermijnsucces op de beurs bepaald wordt door enkele zeldzame, hoge uitschieters. Wie de 10 beste beursdagen van de afgelopen kwarteeuw miste, moest met 54% minder rendement genoegen nemen dan wie wel belegd bleef. Dat is de conclusie van een analyse van de returns van de S&P 500 over een periode van bijna 25 jaar. De hier weergegeven prestaties uit het verleden vormen geen betrouwbare indicatie voor toekomstige prestaties.

 

2. Langetermijnstrategie is belangrijker dan kortetermijntactiek

Volgens verschillende studies2  wordt maar liefst 90% van het rendement van een portefeuille op lange termijn bepaald door de onderliggende activaklassen. Of een portefeuille vooral uit aandelen of vooral uit obligaties of andere activaklassen bestaat, maakt dus een enorm verschil uit.

In het verleden hebben de rendementen van aandelen, obligaties en andere activaklassen zich niet altijd in dezelfde richting ontwikkeld. Marktomstandigheden leiden ertoe dat de ene activaklasse in een bepaald tijdsbestek beter presteert en een andere activaklasse minder goed presteert. Het strategisch trachten te selecteren, combineren en opvolgen van een zo optimaal mogelijke verhouding tussen activaklassen in functie van de risicobereidheid is dan ook de boodschap.

3. Creëer gemoedsrust

Binnen de kern van een portefeuille gaat het streven naar rendement gepaard met het aanvaarden van risico’s. Bij de opbouw van een portefeuille houden beleggers daarom best niet enkel rekening met het verwacht rendement, maar ook met periodes van hogere volatiliteit en onzekerheden.

Te veel of te weinig risico nemen of zich laten beïnvloeden door het marktsentiment, kan ertoe leiden dat men impulsief gaat kopen en verkopen, waardoor er van een strategie weinig overblijft. Dat kan niet alleen potentieel rendement kosten, maar is ook niet kostenefficiënt. Er zijn verschillende manieren om schokdempers (en dus gemoedsrust) in een portefeuille in te bouwen, bijvoorbeeld door in de kern van de portefeuille bouwstenen op te nemen die rekening houden met het neerwaartse risico.

 


Moet u bang zijn van het inflatiespook?

6 mei 2021

Samengevat

  • Het vooruitzicht van stijgende inflatie houdt beleggers al enkele weken in de ban. De stijgende langetermijnrente in de VS hangt hiermee nauw samen.
  • Men kan voor de komende 12 maanden positief blijven voor aandelen, maar de rente-evolutie dient wel nauwlettend in het oog gehouden te worden.

In het eerste trimester van 2021 gingen de beurzen verder op hun positieve elan van eind 2020. Her en der sneuvelden er (weer) records: de Amerikaanse S&P500 en Nasdaq, Duitse DAX en Indiase Nifty 50 klommen naar een nieuwe piek, en de Japanse Nikkei brak na 30 jaar nog eens door de grens van 30.000 punten.

Behalve optimisme, zagen beleggers echter ook een nieuwe bekommernis op de radar: een opstoot in de langetermijnrente in de VS, Australië en Nieuw-Zeeland en zorgen over een mogelijke inflatiestijging. Dat leidde eind februari al tot een opflakkering van de volatiliteit op de beurs, en sindsdien blijft het inflatiespook rondwaren.

De stijgende langetermijnrente in de VS hangt nauw samen met hogere inflatieverwachtingen. Die laatste kunnen verklaard worden door verschillende factoren:

  • De economische groeivooruitzichten (5% in de VS voor 2021 volgens Deutsche Bank). Hoe meer vraag er is, hoe sterker bedrijven de prijzen kunnen verhogen.
  • De fors gestegen olieprijs waardoor de prijs aan de pomp en van heel wat afgeleide grondstoffen en producten kan klimmen.
  • De massale steunmaatregelen waaronder de relief cheques en de tijdelijk verhoogde werkloosheidsuitkeringen.
  • De consumptieverwachtingen. Want zodra we de vrijheid herwonnen hebben, zullen we wellicht bereid zijn om meer te betalen op restaurant en voor een reis.

Massieve krachtmeting

Op dit moment zijn er tegengestelde krachten aan het werk die een impact op de beurzen kunnen hebben: hoge groei en fiscale/monetaire stimuli aan de ene kant, en inflatie en hogere rente aan de andere kant. Als die tegenpolen te hard met elkaar clashen kan dat leiden tot aanzienlijke schommelingen op de beurzen.

Er is namelijk een sterk omgekeerd verband tussen de reële rente (nominale rente minus inflatie) en waarderingen (koers-winstverhouding) van aandelen. Een hogere reële rente leidt tot lagere waarderingen en dan moeten de bedrijfswinsten extra groeien om de aandelenkoersen niet te doen zakken. Aandelen zijn immers risicovoller dan renteproducten, dus bij een stijgende rente worden aandelen minder aantrekkelijk.

Komt er nu inflatie, of niet?

Verwacht wordt dat de inflatievooruitzichten in het tweede trimester nog kunnen oplopen, maar nadien zullen afkoelen. Ook als de inflatie wat begint te klimmen, gaat men er namelijk van uit dat de centrale banken zich heel hard zullen verzetten tegen een aanhoudende stijging van de obligatierente. Ze kunnen zich dat met de hoge schuldgraad van overheden en bedrijven niet veroorloven. Het zou immers betekenen dat de last voor bedrijven en overheden om schulden af te betalen hoger wordt. De Fed heeft al uitdrukkelijk herhaald dat ze de beleidsrente niet zal verhogen, zelfs als de inflatie boven 2% gaat. Ze moet de financieringsvoorwaarden immers aantrekkelijk houden om het economisch herstel niet te

fnuiken. Kortom, wellicht kan een zekere toename van inflatie verwacht worden (ook in Europa), maar het optrekken van de beleidsrente zit er (ook bij ons) niet in.

Aandelen: de motor voor uw rendement

Voor de komende 12 maanden kan men positief voor aandelen blijven, maar de rente-evolutie dient wel nauwlettend in het oog gehouden te worden. Een versnelling in de vaccinatiecampagnes en een toenemend optimisme in de dienstensector kunnen de beurzen de komende kwartalen nog extra zuurstof geven.

De waarderingen zijn wel sterk opgelopen en vereisen uitstekende bedrijfsresultaten om dit niveau aan te houden. De resultaten van het vierde kwartaal waren alleszins veelbelovend: respectievelijk 79% (S&P500) en 63% (stoxx Europe 600) van de bedrijven deden beter dan verwacht, boven het langetermijngemiddelde van 74% en 51%.

Gezien de tegengestelde megakrachten (hoge groei en stimuli versus inflatie en hogere rente) verdent een hybride aandelenstrategie vandaag de voorkeur. Zo’n hybride strategie bestaat uit beleggingen in enerzijds cyclische aandelen en anderzijds kwalitatieve groeiaandelen.

  • Het economisch herstel en heropening van de economie, en de stijgende rente bevorderen de sectorrotatie en spelen in het voordeel van cyclische aandelen.
  • Een megatrend zoals digitalisering blijft op de lange termijn relevant voor beleggers en speelt in het voordeel van kwalitatieve groeiaandelen.

Op welke sectoren zich focussen ?

Voor het cyclische gedeelte worden meerdere oplossingen naar voor geschoven: smallcaps en midcaps, Duitse en Japanse aandelen (omwille van hun sterke blootstelling aan export en hun cyclische gevoeligheid) en tot slot ook de financiële sector. Deze sector heeft in de huidige context een aantal troeven:

  • Een steilere rentecurve is positief voor de interestmarge van banken.
  • De massale steun van centrale banken en overheden zorgt voor minder verwachte faillissementen. Banken kunnen hierdoor provisies vrijmaken en dat leidt tot hogere winst.
  • De relatieve koerswinstverhoudingen zijn historisch laag.

Voor de kwaliteitsvolle groei verkiest men nog steeds de technologiesector, die kan profiteren van langetermijntrends en beleggingsopportuniteiten zoals 5G, robotica, artificiële intelligentie, elektrificatie van voertuigen, cleantech, enzovoort. De techsector is wel kwetsbaar voor een scherpe en aanhoudende stijging van de rente, maar van zo’n scenario wordt niet uitgegaan.

In deze context van aantrekkende groei en steun van centrale banken en overheden, kunnen beurzen nog hoger, maar is een adempauze niet uitgesloten. Een eventuele koerscorrectie kan als koopopportuniteit gezien worden.

Obligaties: hard zoeken naar rendement

De langetermijnrente mag dan wel gestegen zijn (vooral in de VS), in absolute waarde blijft ze nog steeds behoorlijk laag. Kwaliteitsvolle staatsobligaties blijven tot nader order onaantrekkelijk voor beleggers.

Bedrijfsobligaties geven meer rendement, maar de verloning voor het uitgeversrisico blijft bescheiden, en dan zeker in euro. De steun van de centrale banken zorgt voor financiële stabiliteit en minder problemen met schuldaflossingen, maar kalft ook het rendement af van kwaliteitsvol papier. Door het lage rendement zal bij een rente-opstoot de totale prestatie van deze categorie relatief snel negatief zijn, omdat de coupons erg mager zijn.

Obligatiebeleggers die aantrekkelijke coupons zoeken, worden georiënteerd naar obligaties in de groeilanden in USD. Deze geven de beste risico-rendementsverhouding.

Dollar: doelstelling van 1,15 EUR/USD

De dollar werd het voorbije jaar vooral gedreven door het algemene risicosentiment op de financiële markten. Risk-off leidde tot een sterkere dollar, risk-on zorgde dan weer voor een omgekeerde beweging.

Door het stijgende economische groeiverschil en het renteverschil tussen de VS en de eurozone kunnen deze elementen opnieuw een grotere rol gaan spelen in de verdere evolutie van de EUR/USD. Daarom blijft de 12-maands EUR/USD-doelstelling ongewijzigd op 1,15.

Goud: interessant als diversificatie

Goud heeft sinds begin dit jaar wat van zijn glans verloren. Een hogere risico-appetijt op de markten en de stijgende reële rente zorgen voor tegenwind. Het edelmetaal heeft echter ook een functie als diversificatie en biedt tegengewicht in perioden van hoge volatiliteit en wanneer de markten in een risk-off kramp schieten. Daarom blijft goud zijn plaats behouden in elke gediversifieerde portefeuille. Het 12-maands koersdoel wordt evenwel bijgesteld van 2.100 naar 1.850 USD/ounce.

Wat met uw portefeuille?

Hoewel de waarderingen historisch gezien hoog zijn, zijn aandelen niet te duur in vergelijking met de alternatieven. Aandelen blijven de motor voor het rendement binnen een gediversifieerde portefeuille. Zorgen rond virale mutaties, de uitrol van vaccins, de inflatieverwachtingen en veranderende percepties rond het monetaire en fiscale beleid kunnen het sentiment echter beïnvloeden en golven van volatiliteit veroorzaken.

Een robuuste portefeuille met een doordachte verdeling van activaklassen blijft noodzakelijk om door potentiële stormen te navigeren. Zo’n portefeuille bestaat uit een solide kern met daarrond enkele satellieten.

De kern is opgebouwd uit flexibele gemengde fondsen of een geïntegreerde oplossing gebaseerd op strategische activa allocatie.

De satellieten bestaan uit aandelenbeleggingen in thema’s (zoals klimaatverandering, artificiële intelligentie en robotica), sectoren (zoals technologie en financials) of categorieën (zoals smallcaps en midcaps).

De kern is opgebouwd uit beleggingen waarvan u weet wat u er op lange termijn van zou mogen verwachten. Met de satellieten kunt u uw eigen accenten leggen. De satellieten zijn in regel risicovoller dan de kern.

 


Hoe uit het labyrint van lage rente geraken?

10 maart 2021

 

Samengevat

  • De rente is al jaren extreem laag en daar komt niet meteen verandering in.
  • Ook voor behoedzame beleggers bestaan er oplossingen om een potentieel rendement te behalen.
  • Dat kan met gestructureerde producten en/of bepaalde beleggingsfondsen die ernaar streven een regelmatig inkomen te genereren.

 

Spaargeld in een staatsbon of kasbon steken om een aantrekkelijk rendement te oogsten. Dat was vroeger vaak dé manier waarop behoedzame Belgen belegden. De rentevoet was vast en attractief, de looptijd vooraf gekend en het geïnvesteerde bedrag kreeg u terug op de vervaldatum. Helaas is dat tijdperk voorbij.

De rentevoeten zijn vandaag extreem laag. Zo laag, dat ze zelfs negatief zijn. Op 11 december 2020 bereikte het rendement van de Belgische staatsobligatie op 10 jaar (OLO op 10 jaar) zelfs een historisch dieptepunt: -0,44%.

Deze omgeving van lage of zelfs negatieve rentevoeten is vandaag gemeengoed in de meeste ontwikkelde economieën. Aan dit scenario lijkt bovendien niet meteen een eind te komen, ook al veerde de 10 jarige Amerikaanse rente 50 basispunten op in februari. De Fed was niet onder de indruk en verklaarde recentelijk nog dat ze haar beleidsrente tot 2023 op nul houdt.

Oorzaken van de lage rente

Om de lage inflatie van de jongste jaren tegen te gaan, passen de centrale banken hun monetair beleid aan. Dat doen ze door hun beleidsrente te verlagen (zodat lenen goedkoper wordt) en geld te injecteren in de economie door massaal obligaties op te kopen. Hierdoor zijn ook de rendementen van obligaties alsmaar kleiner geworden.

Deze situatie zal waarschijnlijk nog erger worden: de huidige crisis doet de overheidsschuld opzwellen en dwingt de centrale banken om nog méér te kopen op de obligatiemarkten. De rentevoeten zullen dus nog heel lang laag blijven.

Als het beleggersprofiel en de beleggingshorizon het toelaten, hebben beleggers geen andere keuze dan hun geld te beleggen op langere termijn en iets meer risico te nemen.

Mogelijke oplossingen voor behoedzame beleggers die op zoek zijn naar rendement:

  1. Gestructureerde producten1: bescherming gecombineerd met opwaarts potentieel

Het rendement van een spaarrekening is vandaag lager dan de inflatie. Dit betekent dat de waarde van het spaargeld elke dag een beetje meer afneemt. Men verliest dus koopkracht, en dat zal niet snel veranderen.

Als men een deel van uw spaargeld op langere termijn aan het werk wil zetten, kunnen gestructureerde producten met kapitaalbescherming een oplossing zijn. Dit zijn beleggingen waarvan het ingelegde kapitaal beschermd is, maar de opbrengst meestal niet vooraf bekend is. De eventuele coupon(s) of het rendement op de vervaldag van de belegging zijn afhankelijk van het rendement van de onderliggende activa, zoals een beleggingsfonds2 of een beursindex.

Uit een recente analyse³ blijkt dat deze strategie op de lange termijn z’n vruchten afwerpt:

  • 77% van de producten in het onderzoek genereerde een gemiddelde jaarlijkse brutoprestatie die hoger was dan de Belgische consumentenprijsindex in dezelfde periode. De gemiddelde outperformance tegenover de inflatie kwam uit op 1,35%.
  • Deze gestructureerde producten stelden beleggers dus in meer dan 3 op 4 gevallen in staat om hun koopkracht te behouden zonder de veiligheid van hun beleggingen op te offeren, op voorwaarde dat ze de beleggingen tot de eindvervaldag in portefeuille hielden.

Beleggers kunnen bij dit type belegging ook overwegen om iets meer risico te nemen om een hoger potentieel rendement na te streven. Sommige producten kunnen bijvoorbeeld een hoger potentieel rendement aanreiken in ruil voor een kapitaalbescherming door de uitgever van minder dan 100% (bv. 90%).

  1. Beleggingsfondsen: beheer binnen ieders bereik

Obligatiefondsen

Terwijl heel wat staatsobligaties in ontwikkelde economieën vandaag een negatief rendement hebben, zijn andere types obligaties aantrekkelijker.

Zo genereren bepaalde segmenten zoals high yield bedrijfsobligaties (of speculative grade3) en obligaties van opkomende markten nog steeds aantrekkelijke rendementen. Als men daarin belegt, betekent dat ook dat men meer risico’s dient te nemen, hetzij wat betreft de kwaliteit van de uitgever hetzij wat betreft valutaschommelingen.

Gepaste uitgevers selecteren, de meest geschikte looptijden bepalen, waken over een goede diversificatie, de marktontwikkelingen opvolgen, het bijsturen van de portefeuille … : dat is een vak op zich, en is bijna een onmogelijke klus voor iemand die geen specialist is op dit gebied. Gelukkig is deze expertise beschikbaar via beleggingsfondsen. Door te kiezen voor een obligatiefonds doet een team van specialisten al het huiswerk voor de belegger.

Aandelenfondsen die een dividend uitkeren

In het huidige economische klimaat kunnen aandelenfondsen die een dividend uitkeren een aantrekkelijk alternatief zijn. In het bijzonder voor beleggers met een voldoende lange beleggingshorizon, en die minder wakker liggen van de volatiliteit op korte termijn. Aandelenfondsen die mogelijks een dividend uitkeren, kunnen een extra bron van inkomsten genereren.

Dividenden vormen traditioneel een belangrijk onderdeel van het totale rendement van een aandelenbelegging; ze kunnen immers een bron van rendement zijn, bovenop een koersstijging. Vandaag komen bedrijven die aantrekkelijke dividenden distribueren uit erg uiteenlopende sectoren: van gezondheidszorg, tot telecommunicatie en zelfs de technologiesector. Dit betekent dat men vandaag ook beter kan diversifiëren over verschillende sectoren heen.

Is men niet alleen op zoek naar regelmatige dividenden, maar wenst men ook dat een belegging met duurzaamheidscriteria (ESG – Enviromental, Social en Governance) rekening houdt? Dit kan ook, door dit criterium toe te voegen aan de fondsenzoekopdracht.

Flexibele gemengde fondsen gericht op het genereren van een regelmatig inkomen

Als beleggers op zoek zijn naar een potentieel regelmatig inkomen, hoeven ze niet meer te kiezen tussen obligaties en dividendaandelen. Tal van grote vermogensbeheerders hebben een nieuwe categorie gemengde fondsen gelanceerd. Die hebben als doelstelling om potentiële regelmatige inkomsten te genereren en – indien mogelijk – uit te keren voor de distributievariant.

De selectie en toewijzing van de activa (aandelen en/of obligaties) in de portefeuille gebeurt door professionals. Aangezien elke fondsenbeheerder een andere expertise en aanpak heeft, biedt elk een specifieke en unieke beleggingsoplossing maar wel met een gemeenschappelijk doel: het creëren van een potentiële bron aan terugkerende inkomsten uit dividenden en coupons.

Door te kiezen voor de distributievariant van zulke fondsen kan men elk jaar of zelfs elk kwartaal (afhankelijk van het uitkeringsbeleid van het fonds) potentiële inkomsten in de vorm van dividenden ontvangen.

 

Bezoek ook de corner Nuttige tips

 

1 De gestructureerde financiële instrumenten, ook Structured Notes genoemd, bestaan in de vorm van ‘gestructureerde schuldinstrumenten’ of ‘afgeleide instrumenten’. Een gestructureerd schuldinstrument is een financieel instrument van bepaalde duur, doorgaans uitgegeven door financiële instellingen, dat een rendement biedt dat gekoppeld is aan een of meer onderliggende activa (bv. een rentevoet of beursindex) via vaste of variabele coupons die tijdens de looptijd of op de vervaldag van het effect worden uitbetaald. Voor de gestructureerde schuldinstrumenten verbindt de uitgever zich ertoe 100% van het ingelegde kapitaal (uitgezonderd kosten) terug te betalen op de eindvervaldag (behalve bij faillissement of risico op faillissement van de uitgever). Bij ‘afgeleide instrumenten’ daarentegen verbindt de uitgever van een Structured Note zich er niet toe om 100% van het ingeschreven kapitaal (zonder kosten) terug te betalen op eindvervaldag.

2 De term ‘fonds’ is de gebruikelijke benaming voor een Instelling voor Collectieve Beleggingen (ICB), die kan bestaan onder het statuut van een ICBE (UCITS) of een AICB (niet-UCITS), en die diverse rechtsvormen kan aannemen (bevek, GBF enz.). Een ICB kan compartimenten bevatten. De fondsen zijn onderhevig aan risico’s. Ze kunnen zowel stijgen als dalen en mogelijk krijgen beleggers het bedrag van hun belegging niet terug.

3 Hoogrentende obligaties van bedrijven met een minder solide balans.


Naar een meer evenwichtige beleggingsstijl in 2021?

Door Deutsche Bank België

3 februari 2021

Samengevat

  • De nieuwe Amerikaanse regering zal zich, althans in eerste instantie, richten op ingrepen die de economie herlanceren in plaats van op potentieel marktonvriendelijke maatregelen.
  • Men blijft optimistisch over de aandelenprestaties in 2021, maar veel factoren wijzen op een hobbelige rit.
  • Een meer evenwichtige beleggingsstijl draagt de voorkeur. Small en midcap aandelen en groeilanden, in het bijzonder Azië ex Japan, zijn eveneens aantrekkelijk.

 

Een solide start in 2021

Ondanks een verslechtering van de pandemie, die veel regeringen ertoe heeft gedwongen opnieuw strengere lockdownmaatregelen in te voeren, zijn de wereldwijde aandelenmarkten begin dit jaar doorgegaan op hun positief elan.

Ze hebben ook moed geput uit de beleidsprioriteiten van de aantredende Biden-regering. Er zijn nieuwe fiscale stimuleringsmaatregelen voorgesteld en het feit dat de Democraten slechts een kleine meerderheid in beide kamers van het Amerikaanse Congres hebben, doet vermoeden dat zij zich althans in eerste instantie op relance ingrepen zullen concentreren in plaats van op potentieel marktonvriendelijke maatregelen zoals hogere belastingen of extra regelgeving (vooral in de “Big Tech”-sector).

Blijf optimistisch maar wees voorbereid op volatiliteit

Over het algemeen blijft men optimistisch voor aandelen in 2021. De robuuste budgettaire en monetaire steun, de reële rendementen die nog veel langer laag zullen blijven, het gebrek aan goede alternatieven en het vooruitzicht van een sterkere economische groei zijn een steun in de rug voor de aandelenmarkten in het algemeen.

Winsten zullen wellicht verwachtingen kloppen

Het basisscenario gaat ervan uit dat de uitgestelde consumptie zich in de loop van het jaar zal vertalen in economische en bedrijfswinstengroei. Vooralsnog gaan de consensusprognoses voor de groei van de winst per aandeel (WPA) uit van -6,8% en -26,2% lagere winstcijfers in het vierde kwartaal van 2020 (ten opzichte van het vierde kwartaal van 2019) in de VS (S&P 500) en Europa (STOXX Europe 600). In beide gevallen zouden deze resultaten zwakker zijn dan wat in het derde kwartaal van 2020 werd gerealiseerd en staan ze in contrast met de algemeen verbeterende aankoopdirecteurenindex in het vierde kwartaal van 2020. M.a.w. het lijkt dan ook waarschijnlijk dat de winsten de verwachtingen zullen kloppen.

Volatiliteit kan opflakkeren

Maar zelfs als het economische klimaat en de winstgevendheid verbeteren, suggereren historisch hoge waarderingen in absolute termen en stijgende inflatieverwachtingen dat de volatiliteit kan opflakkeren. Vooral de eerste helft van 2021 zou een woelige periode kunnen worden, aangezien de markten nog steeds de implicaties van de heersende corona/lockdown golf moeten verwerken en de economische data in de komende maanden vermoedelijk zwak zullen blijven. Het tempo waarop de vaccins worden uitgerold, terwijl het virus weer terrein wint, zal zeker een belangrijk aandachtspunt blijven.

Drie aspecten om rekening mee te houden

1. Cyclische en waarde-aandelen

Ten eerste is het duidelijk dat 2020 een uitzonderlijk sterk jaar was voor groeiaandelen1, die het de voorbije tien jaar duidelijk beter hebben gedaan dan waarde-aandelen2. Aan het begin van de pandemie stegen de uitgaven voor technologie sterk omdat bedrijven een groter aantal werknemers op afstand of meer online consumptie en entertainment wilden ondersteunen.

Maar hoewel groeiaandelen (en technologie in het bijzonder) nog steeds een prominente rol verdienen in de portefeuilles, omdat ze beleggers moeten helpen profiteren van de aanhoudende structurele economische veranderingen en tegelijkertijd bescherming bieden tegen negatieve verrassingen bij de heropening van de economie, zullen cyclische en waarde-aandelen profiteren van het perspectief op een economisch herstel.

Bovendien komt de opflakkering van de inflatieverwachtingen het ruimere ‘Value’-segment ten goede en onderstreept ze de behoefte aan een evenwichtigere beleggingsstijl met een grotere cyclische blootstelling. Het verschil in waardering tussen de MSCI World Growth en MSCI World Value is historisch hoog.

2. Small en mid-caps (vooral uit Europa)

Small & mid-caps (vooral Europa) genieten de voorkeur door de verwachte cyclische opleving in 2021. Door zijn cyclische aard presteert dit marktsegment tijdens een economisch herstel doorgaans beter dan large-capbedrijven en kan het momenteel profiteren van de hogere risicobereidheid van beleggers.

Dit segment kan ook gevoeliger zijn voor stijgende consumptie (geholpen door meer fiscale stimuleringsmaatregelen) en marktsentiment. Fusies en overnames door geldverslindende bedrijven kunnen eveneens steun bieden. De waardering op basis van EV/EBIT (ondernemingswaarde/winst vóór rente en belastingen) ten opzichte van large caps ligt aanzienlijk onder het historische gemiddelde, wat wijst op een verder opwaarts potentieel vanaf hier.

3. Aandelen uit opkomende markten

Ten slotte kan men ook een voorkeur hebben voor aandelen uit opkomende markten, die zullen profiteren van de waarschijnlijk dalende onzekerheid rond de handel en een verwachte wereldwijde economische versnelling in 2021. Vanuit een strategisch oogpunt kan de voorkeur gegeven worden aan Azië ex Japan met de nadruk op China, Taiwan en Zuid-Korea. Deze landen zijn tot dusver goed met de coronacrisis omgegaan en trekken mee de opleving van de economische activiteit, zonder dat ze intussen enorme schulden hebben gemaakt. Het is opmerkelijk dat de winstverwachtingen van de MSCI AC Asia ex Japan nu al hoger liggen dan vóór de pandemie en dat het winstherstel in de regio duidelijk voorloopt op de grote ontwikkelde markten. Dankzij de tech-oriëntatie kan de regio profiteren van structurele groeitrends, wat de betere economische groeivooruitzichten op middellange termijn in Azië verder ondersteunt.

Een meer evenwichtige beleggingsstijl

Correcties kunnen kansen zijn om de aandelenblootstelling te verhogen, tenzij er een ernstige tegenslag te zien is:

  • in het heropeningsverhaal (bv. een groot probleem met de uitrol/effectiviteit van vaccins);
  • een aanzienlijke stijging van de reële rendementen (wat de hoge waarderingen in sommige marktsegmenten op de proef zou stellen);
  • sentimentgegevens die wijzen op een markteuforie op brede basis.

Gezien het aantal sluimerende risico’s die de volatiliteit kunnen aanwakkeren, dient nogmaals het belang van een robuuste en gediversifieerde portefeuille en een evenwichtige beleggingsstijl in het aandelengedeelte benadrukt te worden.

 


Outlook 2021: hoe beleggen na de tektonische verschuivingen veroorzaakt door Covid-19

Door Wim D’Haese, Head Investment Strategist & David Ghezal, Investment Strategist, Deutsche Bank België

13 januari 2021

Onze gemeenschappelijke hoop voor 2021 is dat we de coronaviruspandemie achter ons kunnen laten: vaccins lijken in dit opzicht nu een realistisch vooruitzicht te bieden. Maar het debat over het politieke antwoord op de gezondheidscrisis en de sociale en economische gevolgen ervan zal waarschijnlijk nog enkele jaren duren.

Nu 2021 begonnen is, is er een duidelijk perspectief voor beleggers. Onderaan dit artikel vindt u de gedetailleerde versie van onze publicatie ‘Outlook 2021’[1]. Hierin worden worden aan de hand van grafieken de macro-economische prognoses en de visie op de financiële markten gedetailleerd weergegeven. Het omvat ook de activaklassen en beleggingsthema’s (aandelen, obligaties, grondstoffen, valuta’s, geografische en sectorale standpunten, enz.).

In dit document wordt een eerste kader geschetst om te bekijken wat de gevolgen van de gezondheidscrisis zullen zijn voor de economische, sociale en beleggingsvooruitzichten. Ze zijn zo gestructureerd zodat er vanuit verschillende perspectieven kan gekeken worden naar wat de crisis heeft betekend voor individuen, voor het bedrijfsleven, voor de politieke economie en voor de wereldorde. Het gaat er niet alleen om deze effecten vast te stellen, maar ook om de mate van omkeerbaarheid ervan in 2021 te beoordelen.

De politieke economie vanuit 4 verschillende perspectieven

Hoewel de vooruitzichten voor herstel op korte termijn belangrijk zijn, dienen de pandemie en de gevolgen ervan ook op langere termijn bekeken te worden. De pandemie heeft niet alleen nieuwe problemen gecreëerd, maar heeft ook veel van de reeds bestaande economische en beleggingstrends versneld of verergerd. De volgende trends treden hierbij vaak op de voorgrond:

Verschillen in inkomen, vermogen en economische vooruitgang binnen en tussen economieën.

Digitalisering en de gevolgen daarvan voor de manier waarop individuen, bedrijven en overheden werken.

Demografie als reeds lang bestaande verschuivingen in de samenstelling van de bevolking, waardoor de politieke en economische prioriteiten veranderen.

Schuld – zowel openbare als particuliere.

Samengevat: de 7 trends voor 2021

  1. Er zal wellicht geen echte terugkeer komen naar ‘het leven voor het coronavirus’: de zogenaamde ‘tektonische platen’ zijn echt verschoven, waardoor structurele bewegingen op lange termijn ontstaan.
  2. De pandemie heeft gevolgen die moeilijk terug te draaien zullen zijn voor zowel individuen, bedrijven als overheden.
  3. De pandemie heeft ook enkele reeds bestaande langetermijntrends versneld.
  4. Divergentie (van inkomen), digitalisering, demografie en schuld zijn zaken die in 2021 erg belangrijk zullen blijven.
  5. Veranderingen op lange termijn zullen een strategische, in plaats van een zuiver tactische, beleggingsaanpak vereisen.
  6. De beste aanpak is het implementeren van een strategische assetallocatie die in staat is om de veranderende relaties tussen de activacategorieën te integreren.
  7. Beleggen in onze centrale thema’s (technologie, demografie, duurzaamheid of ESG) zou ook moeten renderen

Bekijk de video van Wim D’Haese

https://www.youtube.com/watch?v=FoljZqT8tkg

[1] De gedetailleerde versie van de publicatie ‘Outlook 2021’


Waarom groen beleggen 27 x meer impact kan hebben

9/12/2020

 Hoewel de coronacrisis de aandacht voor het klimaat verminderde, blijft de problematiek even relevant. Vermogensbeheerder Nordea Group Sustainable Finance berekende dat de impact van groen beleggen vele malen groter is dan de impact van korter douchen, minder vlees eten, minder autorijden …2 Of men nu een impact wil maken of louter een hoger potentieel rendement nastreeft: beleggers kunnen altijd winnen door groen te beleggen.

De coronacrisis duwde de aandacht voor de klimaatproblematiek de jongste tijd weg uit de krantenkolommen. Dat maakt de uitdagingen echter niet minder relevant dan pakweg een jaar geleden. Hoewel het coronavirus de voorpagina’s overheerst, zullen klimaatschokken en extreme weersomstandigheden niet verdwijnen. De pandemie heeft net aangetoond dat we ons maar beter goed voorbereiden op een crisis, vóór ze toeslaat.

Op koers, maar voor hoe lang?

Door de verminderde uitstoot zullen we dit jaar wellicht op koers zitten om de globale opwarming te beperken tot 1,5°C in 2050. Alleen: de wereldeconomie decennia lang in zo’n coma laten is geen duurzame oplossing om de klimaatdoelstellingen te behalen. Om een klimaatcrisis te voorkomen is een fundamentele transformatie nodig in de manier waarop we energie opwekken, met grondstoffen omgaan en het milieu beschermen.

Wat doen als belegger?

De afgelopen jaren is het aantal duurzame adviezen toegenomen. Minder van dit, meer van dat. Minder auto, meer isoleren. Minder vlees, meer herbruikbare tassen. Minder houtkachels, meer lokale producten. Akkoord, het verminderen of veranderen van consumptiegedrag is belangrijk om de klimaatverandering aan te pakken. Maar nog vaak blijft het bij goede voornemens waar op 1 januari mee begonnen wordt. En die een half jaar later vergeten zijn. Dat is geen waardeoordeel, wel een vaststelling.

De Scandinavische vermogensbeheerder Nordea Group Sustainable Finance becijferde wat de concrete impact was van ‘groener gedrag’. Als een gemiddelde Zweed gedurende zijn professionele loopbaan (42 jaar) zijn gedrag aanpast, bekomt men het volgende resultaat:

  • Korter douchen = 1 ton CO2bespaard na 42 jaar.
  • Slechts één keer per week vlees eten = 19 ton CO2bespaard na 42 jaar.
  • Eén internationale vlucht minder per jaar nemen = 27 ton CO2bespaard na 42 jaar.
  • Steeds de trein nemen in plaats van de auto = 36 ton CO2bespaard na 42 jaar.

Nordea Group Sustainable Finance berekende vervolgens wat de impact op het klimaat is als diezelfde gemiddelde Zweed zijn pensioenspaargeld 42 jaar lang zou beleggen. Specifiek in een fonds1 dat investeert in klimaatoplossingen en voldoet aan duurzaamheidscriteria op vlak van milieu, maatschappij en deugdelijk bestuur (ESG – Environmental, Social & Governance).

Conclusie? Hierin beleggen bespaart 27 keer meer ton CO2 dan korter douchen, 1 keer per week vlees eten, jaarlijks 1 internationale vlucht minder nemen en de trein kiezen in plaats van de auto. Anders gezegd: alles samen is 27 keer minder krachtig dan groen te beleggen volgens de berekeningen van Nordea Group Sustainable Finance2.

Nordea Group Sustainable Finance benadrukt dat gedragswijzigingen onweerlegbaar een belangrijk verschil maken, en wil die niet minimaliseren. De vermogensbeheerder wil alleen illustreren dat financiële activa moeten worden meegeteld in het berekenen van de voetafdruk, aangezien investeringen óók een impact hebben op de transformatie naar een duurzame en groenere toekomst.

Waarom aandacht schenken aan ESG?

Sommige beleggers kiezen bewust voor een ESG-fonds omdat ze met hun geld een impact willen maken en een deel willen zijn van de oplossing. Andere beleggers kiezen bewust voor een ESG-fonds omdat ze een hoger potentieel rendement verwachten dan bij een gelijkaardig fonds zonder ESG-criteria door ook met extra financiële risico’s rekening te houden. Welke instellingen en doelstellingen beleggers ook hebben, ze kunnen er allemaal bij winnen.

De beheerders van ESG-fondsen zijn geen klimaatactivisten of predikanten. Ze roepen jongeren niet op om de straat op te gaan, of zeggen niet hoe lang u douchen mag. Hun missie is om investeringen te detecteren die economisch, ecologisch en maatschappelijk zinvol zijn, en blijk geven van deugdelijk bestuur. Beleggingen die rekening houden met mens, milieu en maatschappij én tegelijk een rendement kunnen genereren.

Coronacrisis is boost voor ESG

Ondanks de vele schokken die de wereldeconomie momenteel doormaakt, kunnen beleggingen met een sterke focus op ESG-criteria3 het schip stabiliseren en waarschijnlijk een van de motoren van het herstel zijn.

Lockdowns hebben duurzaam beleggen niet stilgelegd, integendeel. ESG-fondsen hielden in het eerste semester van 2020 opvallend goed stand. De totale activa in duurzame beleggingen bereikten eind juni zelfs een recordhoogte van 1.061,5 miljard USD, een stijging van 23% ten opzichte van het voorgaande kwartaal4.

1 De term ‘fonds’ is de gebruikelijke benaming voor een Instelling voor Collectieve Beleggingen (ICB), die kan bestaan onder het statuut van een ICBE (UCITS) of een AICB (niet-UCITS), en die diverse rechtsvormen kan aannemen (bevek, GBF enz.). Een ICB kan compartimenten bevatten. De fondsen zijn onderhevig aan risico’s. Ze kunnen zowel stijgen als dalen en mogelijk krijgen beleggers het bedrag van hun belegging niet terug.

2 Studie hier beschikbaar

3 Ontdek de criteria die Deutsche Bank hanteert

4 Bron: Morningstar – Global Sustainable Fund Flows, juli 2020


Beter een disruptor dan een dinosaurus

3/11/2020

Beleggers investeren voor de lange termijn. Het is de kunst om de disruptors en langetermijntrends van vandaag en liefst die van morgen in de portefeuille te hebben. Disrupties vloeien vandaag voort uit 4 megatrends: demografische ontwikkelingen, globalisering, klimaat en technologische innovaties. Allemaal trends die  een toegevoegde waarde kunnen hebben in een gediversifieerde beleggingsportefeuille.

Dick Fosbury toonde de wereld in 1968 dat het anders kon. In plaats van eerst met de voeten over de lat te springen, deed hij het met de schouders. Tijdens die Olympische Spelen van 1968 pakte hij niet alleen goud in het hoogspringen. Hij veranderde met zijn Fosbury-flop ook een hele atletiekdiscipline. Voorgoed.

Dat er vandaag elektriciteit uit het stopcontact komt, er asfalt op de wegen ligt en we eten kunnen bewaren in een koelkast: daar staan we niet vaak bij stil. Toch hebben we ze allemaal te danken aan Fosbury’s. Mensen en bedrijven die iets vastpakken, er eens goed aan schudden, het van onder en boven bekijken … en zich afvragen: kan het ook anders? Kan het ook beter?

Disrupties zijn van alle tijden. En zullen van alle tijden zijn. Van onze verre voorvaderen die vuur opwekten door middel van wrijving. En van de smartphone die in onze binnenzak zit, tot onze kleinkinderen die misschien ooit op ruimtevakantie zullen gaan. Of zoals Nelson Mandela het verwoordde: iets lijkt altijd onmogelijk totdat het gedaan is. Zonder disruptie geen wielen onder onze wagen, geen tandpasta op de tandenborstel, geen voetbal op tv.

Wie zoekt die … raakt soms verdwaald

Beleggers investeren voor de lange termijn. Vandaag investeringen louter concentreren op steenkool, baanwinkels, analoge fotografie en andere dinosaurussen is wellicht geen slimme zet. Als belegger is het de kunst om de disruptors en langetermijntrends van vandaag en liefst die van morgen in de portefeuille te hebben.

Alleen: elk bedrijf afficheert zich graag als disruptief en revolutionair. Maar voor elke duizend ‘disruptors’ is er vaak slechts een handvol dat echt potten breekt. Hoe die echte disruptors detecteren? Hoe de potentiële winnaars van de verliezers scheiden? Welke bedrijven hebben een stevige balans en een uitgekiend winstmodel op lange termijn, en welke niet?

Bovendien gaat disruptie steeds sneller, en zet het zich door in alle en doorhéén alle sectoren. Het duurde 50 jaar voordat er 50 miljoen mensen een telefoon hadden. Het duurde 22 jaar voordat er evenveel mensen een tv hadden. Het duurde 7 jaar voordat er 50 miljoen mensen internet gebruikten. Het duurde 3 jaar voordat er 50 miljoen mensen Facebook hadden1. De snelheid waarmee disruptie zich doorzet, maakt het plaatje erg complex voor particuliere beleggers die zelf hun aandelenmandje samenstellen.

Hoe beleggen in disrupties?

Disrupties vloeien vandaag voort uit 4 megatrends: demografische ontwikkelingen, globalisering, klimaat en technologische innovaties. Een actief beheerd fonds2 dat vanuit die optiek inzet op de disruptors van vandaag en morgen kan een strategie zijn om het kaf van het koren te scheiden. Eerst en vooral omdat een dergelijk fonds geleid wordt door beleggingsexperts die niet alleen de cijfers kennen, maar ook door het sentiment op de markten heen kunnen kijken. Dat maakt hen echter nog geen experts in disruptie.

Net daarom werken deze fondsbeheerders samen met leidende specialisten uit verschillende domeinen: van technologie tot industrie, van gezondheidszorg tot entertainment. Deze specialisten voeden de fondsbeheerders met investeringsthema’s, waarmee de fondsbeheerders aan de slag gaat om een portfolio van game changers samen te stellen en te beheren. Zowel bedrijven die volledig nieuwe markten (kunnen) ontwikkelen, als bedrijven die sectoren helemaal op zijn kop (kunnen) zetten. Van artificiële intelligentie tot robotica, van precisielandbouw tot energie-opslag. Door met één fonds in te zetten op disrupties in verschillende sectoren, regio’s en thema’s als industrie 4.0, digitale economie, klimaat en gezondheidszorg kunnen beleggers op die manier ook sterk spreiden.

1 bron: https://www.visualcapitalist.com/how-long-does-it-take-to-hit-50-million-users/

2 De term ‘fonds’ is de gemeenschappelijke benaming voor een Instelling voor Collectieve Belegging (ICB), die kan bestaan onder het statuut van een ICBE (UCITS) of een AICB (niet-UCITS), en die diverse juridische vormen kan aannemen (BEVEK, GBF, enz.). Een ICB kan compartimenten bevatten.


Hoe beleggen in een omgeving die geleid wordt door corona ?

5/10/2020

Hoewel de weg naar economisch herstel bezaaid is met putten en bulten, raasden de beurzen er het voorbije kwartaal met een turbo overheen. Wat betekent dat voor beleggingen?

Hoewel de beurzen anticiperen op verder herstel, een opvering van de bedrijfswinsten en extra stimuli van overheden en centrale banken, werd het contrast tussen Wall Street en Main Street de jongste maanden wel héél erg groot. Analisten hadden hun verwachtingen voor de bedrijfsresultaten van het tweede kwartaal bovendien erg laag ingeschat, zodat er weinig bedrijven onder de lat gingen. Gevolg: beleggers waren ook hier blij verrast en stuurden de markten nog een stuk hoger.

Hoog en droog?

De aandelenmarkten zijn op dit moment dus hoog gewaardeerd. Dit is zo in historisch opzicht, maar is voor een stuk te verklaren door de renteniveaus en renteverwachtingen. De beurzen lijken echter te ontsnappen aan de basisprincipes van de zwaartekracht, die hen in ‘normale’ economische omstandigheden omlaag zouden trekken. Dat ‘terug naar normaal’: daar hoeven beleggers de komende jaren overigens niet veel op te rekenen. De renteniveaus zijn al jaren extreem laag, en zullen dat ook nog extreem lang blijven. Of tenminste nog langer dan voor het uitbreken van de pandemie verwacht werd. En lagere renteniveaus kunnen gepaard gaan met hogere aandelenwaarderingen.

De centrale banken duwen beleggers – gewild of ongewild – richting aandelen. Dat komt omdat ze massaal obligaties (en andere activa) opkopen, de rente laag houden en geld bijdrukken. Spaarders en beleggers zitten op een berg cash en zijn op zoek naar rendement. Dit alles werkt sterk ondersteunend voor de aandelenmarkten. Bovendien heeft de Fed (Amerikaanse centrale bank) recent haar monetair beleidskader aangepast, wat de aandelenmarkten opnieuw in dank afnamen.

Beleggen, maar niet op automatische piloot

In deze context blijft beleggen, in lijn met het beleggersprofiel en de beleggingshorizon, het enige alternatief voor wie rendement wil. Dat zorgt ervoor dat de dynamiek en het optimisme op de beurzen nog een (hele) tijd kan aanhouden. Of om het in een boutade samen te vatten: the trend is your friend. Belegd blijven is dus nog steeds de boodschap, want er zijn nauwelijks andere bronnen om rendement aan te boren.

Kan men daardoor rustig op automatische piloot verder beleggen? Niet helemaal, want het blijven risicovolle tijden. Hoewel er positieve tekenen zijn op het gebied van vaccins, blijft de verspreiding van het coronavirus een zorg. Daarnaast kunnen de Amerikaanse verkiezingen en de handelsspanningen nervositeit op de markten veroorzaken, net als andere geopolitieke en maatschappelijke brandhaarden.

Welke beleggingen?

Hoogtevrees op de beurs of niet: in elke gediversifieerde portefeuille blijven flexibele gemengde fondsen hét fundament bij uitstek. Bij zulke fondsen kan de professionele beheerder zelf vrij schakelen tussen activaklassen en tussen risicovolle of minder risicovolle beleggingen, afhankelijk van het beursklimaat en de beleggingsstrategie. Hoe meer verschillende van die fondsen (en dus verschillende strategieën) men in portefeuille heeft, hoe dikker de matras is.

Bovenop dit fundament van flexibele gemengde fondsen kan de belegger opteren voor thematische beleggingen. Dat kan door bijvoorbeeld in te spelen op langetermijntrends zoals duurzaamheid, infrastructuur, gezondheidszorg en technologie. Dat zijn trends die al enkele jaren als opportuniteit beschouwd worden. Vooral de laatste twee – gezondheidszorg en technologie – deden het ondertussen erg goed. In dit geval heeft de pandemie beide trends nog versterkt en versneld.

In een goed gediversifieerde portefeuille is dus niet alleen een goede spreiding belangrijk tussen activaklassen, regio’s en valuta, maar evenzeer in langetermijntrends en -thema’s. Na de spectaculaire koerswinsten sinds het dieptepunt in maart komt er wellicht een periode met winstnemingen op de markten. Dit kan een opportuniteit zijn om de blootstelling in bepaalde thema’s zoals gezondheidszorg en technologie op te trekken. Dit zijn de exponenten van een kwalitatieve en structurele groei.

Wat met obligaties?

Op de obligatiemarkten schoten de credit spreads (de premie voor het kredietrisico op de uitgever) in maart omhoog. Zes maanden later zijn die bijna opnieuw gedaald naar het niveau van voor de crisis. De ingrepen van de centrale banken hebben het risico op faillissementen sterk gereduceerd en dus ook de premie voor beleggers.

Zoeken beleggers naar rendement in obligaties? Dan hebben zij vandaag een vergrootglas nodig, zeker in de categorie investment grade in euro. In high yield en obligaties van groeilanden (in USD) zijn er wel opportuniteiten. In deze segmenten moeten ze echter heel selectief zijn en sterk diversifiëren om de risico’s (faillissement van uitgever) te spreiden.

Gouden zaken doen?

Goud blinkt al een hele tijd. Het edelmetaal klom dit jaar al met 30% en brak ook voor het eerst door de magische grens van 2.000 dollar per ons. Er zijn drie factoren die goud nog een tijd rugwind kunnen geven:

  • Negatieve reële rente (nominale rente min inflatie). De centrale banken zullen de beleidsrente nog jaren laag houden. Hoewel de crisis in eerste instantie eerder een negatieve impact heeft op de inflatie, ziet men toch dat de inflatieverwachtingen op lange termijn aanzienlijk stegen sinds maart.
  • Goud als een vluchtwaarde. De pandemie en de vrees voor nieuwe ‘hotspots’ blijven de beleggers zorgen baren. Op geopolitiek vlak blijven de spanningen tussen de VS en China eveneens opborrelen.
  • De lagere dollar werkt ondersteunend. Goud wordt hierdoor goedkoper en verhoogt de capaciteit (bijvoorbeeld van groeilanden) om goud aan te kopen.

Dollar

De crisis heeft de internationale rol van de dollar als reservemunt versterkt. Maar het renteverschil tussen de dollar en de euro is door het beleid van de Fed sterk verminderd en zwakte ook de aantrekkingskracht (en koers) van de dollar af. De bezegeling van het Europees herstelfonds versterkte dan weer de euro tegenover de dollar: beleggers zagen dit als een teken van vertrouwen in de unie. Eind augustus doorbrak de euro de grens van 1,20 dollar, maar het snellere herstel van de Amerikaanse economie zou echter tegenwind moeten geven. Daarenboven benadeelt een sterke euro de concurrentiepositie vanuit Europa, en zal de ECB (Europese Centrale Bank) hierop toezien. De EUR/ USD-doelstelling op 12 maanden is daarom 1,15 dollar.


De technologiesector: drie redenen om het vertrouwen te behouden

4/9/20

  • De technologiesector loopt niet alleen sinds het begin van het jaar op kop, maar heeft de markt in het verleden ook meermaals verslagen.
  • De waardering van de IT-sector lijkt op het eerste gezicht misschien gespannen, maar de winstverwachtingen zijn relatief veerkrachtig gebleven.
  • Verwacht wordt dat de technologiesector zal blijven presteren, ondersteund door digitaliseringstrends, relatief sterke fundamentals en een strakker waarderingsverschil.

Technologie blijft de aandelenmarkten aandrijven

De beurzen hebben zich opmerkelijk hersteld na hun dieptepunt in maart. Veel markten naderen geleidelijk aan nieuwe recordniveaus of hebben deze, zoals in het geval van de Nasdaq, al bereikt. Wereldwijd is de stijging van 29,7% in de MSCI ACWI Information Technology Index in het tweede kwartaal veel groter dan de daling van 13,9% (veroorzaakt door COVID-19) in het eerste kwartaal. De sector heeft niet alleen de beste prestaties sinds het begin van het jaar neergezet (+22,3%), maar heeft de markt ook regelmatig verslagen (zie grafiek 1), wat duidelijk de structurele neiging van beleggers naar kwaliteit en groei onderstreept.

Zonder de sterke bijdrage van de technologiesector zouden de aandelenmarkten er aanzienlijk anders uitzien. De tien zogenaamde mega-cap groeiaandelen (dit zijn de groeiaandelen met de grootste marktkapitalisaties) (1) die het bredere technologie-universum vertegenwoordigen (ongeveer 30% van de totale marktkapitalisatie) hebben sinds eind maart een belangrijke bijdrage geleverd aan de prestaties van de S&P 500-index. Zonder deze tien aandelen zou de S&P 500-index zich sinds begin april binnen een smallere marge hebben bewogen en zelfs zijn gedaald op het moment dat de situatie aan het Amerikaanse pandemiefront weer verslechterde (zie grafiek 2).

De inkomsten van de technologiesector blijven relatief veerkrachtig

Hoewel de waardering van de IT-sector op het eerste gezicht krap lijkt, moet deze worden beoordeeld in het kader van toekomstige winstverwachtingen in vergelijking met de prognoses voor de markt in het algemeen. De beursrally in het tweede kwartaal werd gekenmerkt door een extreme ontkoppeling van de koersen en de consensus over de winstprognoses voor de komende 12 maanden, waarbij de grootste neerwaartse bijstelling ooit in het tweede kwartaal werd genoteerd. De consensus over de winstprognose op 12 maanden voor de IT-sector daarentegen kende een veel kleinere neerwaartse herziening.

Voor het resultatenseizoen Q2 2020 heeft de technologiesector tot nu toe de beste omzetgroei op jaarbasis geboekt voor de S&P 500-index en de beste winstgroei per aandeel voor de STOXX Europe 600-index. De omvang van de positieve omzet- en winstverrassingen is ook groter dan die van de bredere indexen.

Technologie groeit structureel

Ondanks enkele duidelijke risico’s, zoals verstoringen van de toeleveringsketen, zeer hoge waarderingen van individuele aandelen, handelsconflicten en een strengere regelgeving, met name onder een Biden-administratie, zijner drie belangrijke redenen om in een voortdurende outperformance van de technologiesector te blijven geloven.

Ten eerste wordt verwacht dat de IT-sector meer zal profiteren van de vele trends in digitalisering (e-commerce, contactloos betalen, thuiswerken, enz.) en dat de structurele veranderingen in de wereldeconomie in verband met de COVID-19-pandemie deze nog belangrijker zouden kunnen maken. Zo zouden industrieën die zwaar getroffen zijn door de crisis meer gebruik kunnen maken van informatietechnologie om hun productiviteit te verhogen. De IT-sector zou ook sterk kunnen profiteren van hogere investeringen, mogelijk gestimuleerd door verdere fiscale stimuleringsmaatregelen.

Ten tweede wordt de technologiesector over het algemeen gekenmerkt door hoge drempels om in de markt te stappen en relatief sterke fundamentals, vooral wat betreft de winst en de marges. Deze laatste worden ondersteund door winstgroeiverwachtingen op lange termijn die de hoogste van alle sectoren zijn. Sterke balansen, met een overvloedige kasstroom en een relatief laag schuldenniveau, bieden nog eens extra ondersteuning aan de IT-sector.

Ten derde lijkt de huidige premie van de technologiesector ten opzichte van de bredere markt (op basis van de geschatte koers-winstverhouding op 12 maanden) vanuit waarderingsperspectief verantwoord, vooral omdat deze vóór de crisis nog veel hoger was. In het algemeen is de waardering van de IT-sector dus zeker niet goedkoop, maar de sector is sterk gediversifieerd en omvat bedrijven die leidinggevende posities innemen in hun respectievelijke niches en die vaak een structureel groeipotentieel bieden tegen redelijkere waarderingen.

Performance van de MSCI ACWI Information Technology-index tegenover de MSCI ACWI-index

YTDQTDMTD1YR2YR3YR5YR2019Q1 2020Q2 2020
IT22.3%9.5%2.4%43.9%50.0%87.2%158%45.1%-13.9%29.7%
MSCI ACWI-0.4%7.3%2.1%10.4%9.2%19.2%32.1%24.0%-21.7%18.7%

Bron: Bloomberg, Deutsche Bank AG, gegevens van 10 augustus 2020

Performance van de mega-cap groeiaandelen tegenover de rest van de S&P 500

  • De 10 aandelen van de mega-caps zijn Adobe, Alphabet, Amazon, Apple, Facebook, Mastercard, Microsoft, Netflix, NVIDIA et Visa.

Hoe lenen met een effectenrekening als onderpand ?

Door Deutsche Bank België

5 augustus 2020

De lockdownperiode lijkt bij heel wat Belgen in een steeds jongere groep van de bevolking allerhande plannen naar boven te hebben gebracht: aanleg van een zwembad of zwemvijver, een tweede verblijf al dan niet voor de verhuurmarkt, de aanvragen gaan weer de hoogte in1. Als belegger zijn alle voorwaarden om enkele plannen te financieren vervuld: door de effectenrekening in onderpand te geven, profiteert de kredietnemer niet enkel van scherpe tarieven. Maar omdat hij zijn beleggingen behoudt, blijft hij ook het potentiële rendement ervan mooi meenemen.  Men kan vele soorten projecten financieren: vastgoed (tweede woning, opbrengsteigendom …), roerende goederen (oldtimer, kunstwerk, boot …), grote renovatie of aanleg van een zwembad …

Een oplossing :

Door de huidige lage rentevoeten is geld lenen … interessant geworden. En ongetwijfeld interessanter dan activa te verkopen. Sommige beleggerskredieten zijn in dat opzicht een ideale oplossing voor de financiering van:

  • Een tweede verblijf,
  • Een investering in een huurpand of een studentenkamer,
  • De aanleg van een zwembad/zwemvijver,
  • Een renovatieproject,
  • Een overbruggingskrediet,
  • De betaling van successierechten,
  • Een oldtimer,
  • Een kunstwerk,

Vastrentende leningen zijn op maat gemaakt voor beleggers die al een portefeuille van effecten en liquide middelen bezitten.

Een concreet project

Om een immobiliënaankoop via een klassieke hypotheekformule te financieren, zou een koper wellicht een deel van zijn effectenportefeuille moeten verkopen. Dat zou jammer zijn, want hij zou dan ook het potentiële rendement van een deel van zijn beleggingsportefeuille verliezen. Zonder te vergeten dat sommige banken niet erg happig zijn om een hypothecaire inschrijving te vestigen op een onroerend goed in het buitenland²

Precies voor dit dilemma kunnen enkele formules het antwoord bieden: ze kunnen er een (roerend of onroerend) project mee financieren en toch de beleggingsportefeuille – en de bijbehorende potentiële opbrengsten – intact houden. Hoogst interessant in een tijd waarin een spaarrekening gelijkstaat met koopkrachtverlies.

Een lening die wordt gedekt door effecten

Het geleende bedrag voor de financiering van het vastgoedproject wordt gedekt door een effectenportefeuille (eventueel aangevuld met kasmiddelen). We zeggen dan dat deze ‘verpand’ is of in onderpand is gegeven. De portefeuille wordt gewaardeerd op basis van het risiconiveau van elk van de samenstellende activa. De potentiële opbrengsten van de beleggingsportefeuille³ zouden kunnen worden gebruikt om de interesten op de lening volledig of gedeeltelijk te betalen. Deze formule is nog voordeliger in een context met een lage rentestand, zoals vandaag, vooral wanneer het verwachte rendement op de portefeuille potentieel hoger is dan de interestvoet van de lening.

Met dit type lening behoudt de kredietnemer zijn beleggingsportefeuille, waarvan de potentiële opbrengsten kunnen worden gebruikt om de rente op de lening volledig of gedeeltelijk te betalen

De belangrijkste voordelen van dit type lening :

1. Lage rentevoeten, lage kosten

Wanneer alle parameters in aanmerking worden genomen, is zo’n lening over het algemeen voordeliger dan een door een hypotheek gedekte lening of persoonlijke lening. Ten eerste omdat de toegepaste rentevoet aanzienlijk lager is. Ten tweede, omdat het de kredietnemer veel kosten bespaart. Als diens project een ‘onroerend goed’ betreft, hoeft hij voor het financiële gedeelte van de aankoop geen beroep te doen op een notaris. De kredietnemer hoeft ook geen schuldsaldoverzekering af te sluiten, noch aan alle verplichtingen te voldoen die andere banken opleggen: afsluiten van een brandverzekering, verplichte storting van de inkomsten enzovoort.

2. Men behoudt zijn beleggingen

De kredietnemer behoudt zijn portefeuille, en dus ook het potentiële rendement van deze activa. Technisch gezien wordt de als onderpand gegeven effectenrekening geblokkeerd gedurende de looptijd van het krediet, maar dit belet hem niet om ondertussen bepaalde effecten te verkopen/kopen. Deze aankopen/verkopen blijven mogelijk met instemming van de bank, rekening houdend met de overdrachts- en uitvoeringstermijnen van de aankoop/verkooporders. Het onderpand – en dus de waarde van het aan de portefeuille toegekende krediet – wordt regelmatig herberekend

3. Verschillende doeleinden

Via zo’n lening kunnen alle soorten onroerend goed worden gefinancierd: een appartement aan de Belgische kust, een studentencomplex in Brussel, een tweede verblijf onder de zon enzovoort.

Maar het kan evengoed worden gebruikt om een zwembad aan te leggen of renovatiewerkzaamheden uit te voeren in de woning. Of om een oldtimer, een kunstwerk of een boot te kopen. Of voor een “overbruggingskrediet” of de betaling van successierechten.

1 Bronnen: Le Soir Immo, 3 juni 2020, « Avec le confinement, les commandes de piscines explosent » en La Libre Belgique, 1 juli 2020:« Les secondes résidences, objets de rentabilité ».

2 Bron: L’Echo – Mon Argent, 27/01/2020, « Où emprunter pour financer sa résidence secondaire au soleil ? »

3 Beleggingsproducten zijn onderhevig aan risico’s. Wat hun toekomstig rendement betreft, kunnen ze stijgen maar ook dalen, en in sommige gevallen krijgen beleggers het bedrag van hun belegging niet terug.


Artificial intelligence: van sciencefiction naar science

Door Dieter Vandewiele, Fund Analyst, Deutsche Bank

6 juli 2020

Artificial Intelligence belooft de meest disruptieve kracht van de komende decennia te worden. Zo kan u er uw voordeel mee doen als belegger …

  • Artificiële intelligentie heeft het potentieel om de meest disruptieve kracht van de komende decennia te worden.
  • Binnen een dynamische en breed gediversifieerde portefeuille kan AI een interessant beleggingsthema zijn.

Wat stoomkracht betekende voor de eerste industriële golf, elektriciteit voor de tweede industriële golf en de computer voor de derde industriële golf, dat betekent artificiële intelligentie voor de huidige industriële golf.

Sterk potentieel

Onderzoek door McKinsey en PWC1 toont aan dat 72% van de bedrijfsleiders denkt dat AI hét zakelijke voordeel van de toekomst is. De technologie belichaamt alle kenmerken om de meest disruptieve kracht van de komende decennia te worden. AI heeft het potentieel om de globale economie te herschapen. Het internet is big, artificiële intelligentie is bigger.

Alledaagse toepassingen

Voor concrete voorbeelden van artificiële intelligentie hoeft u vandaag niet ver meer te zoeken. In heel wat aspecten van ons leven is de technologie al binnengesijpeld. Klap je laptop open, bestel een jas en je krijgt meteen aankoopsuggesties die met je smaak matchen. Start een chatgesprek op met je energieleverancier en de kans is groot dat een machine je uitlegt hoe je van energieplan verandert. Stap in de auto en een app loodst je langs de files heen.

AI-oplossingen dragen ook bij aan de strijd tegen corona

De toepassingen gaan vandaag echter al veel verder dan de huiskamer en de files. Ze kunnen ons zelf helpen in het voorspellen en bestrijden van pandemieën. Zo heeft een Canadees AI-platform tijdens de nacht van 30 december 2019 een cluster van “ongewone longontstekingsgevallen” opgepikt die zich rond een markt in Wuhan afspeelde. Op die manier heeft dit platform, dat ontworpen is om de verspreiding van besmettelijke ziekten op te sporen, te lokaliseren en te conceptualiseren, COVID-19 al gespot 9 dagen vooraleer de Wereldgezondheidsorganisatie haar verklaring publiceerde.

Daarnaast worden er slimme AI-toepassingen ingezet voor onder meer het ontwikkelen van medicijnen en een vaccin, het monitoren van de pandemie en het diagnosticeren van COVID-19. In dit kader heeft een Belgisch AI-bedrijf bijvoorbeeld een manier ontwikkeld om vrij snel patiënten te diagnosticeren op basis van een CT-scan. Allemaal ontwikkelingen die we in toekomst voor meerdere medische toepassingen kunnen gebruiken.

In alle sectoren

Artificiële intelligentie transformeert steeds meer volledige industrieën. Denk aan zelfrijdende voertuigen in de autosector, robo adviseurs in de financiële wereld, voorraadbeheer in magazijnen, real time vertalingen en stemherkenning in de communicatiewereld, enzovoort.

3 subthema’s

Binnen een dynamische en breed gediversifieerde portefeuille kan AI dus een interessant beleggingsthema zijn. Beleggen in AI kan via 3 subthema’s: dataverzameling, dataverwerking/analyse en praktische toepassingen:

1 Dataverzameling
Naar verwachting zal de hoeveelheid data die we in 2020 ‘produceren’, ruim 20 keer hoger liggen dan in 2010. Dit gaat bovendien niet alleen om datastromen van menselijke oorsprong (apps, fitness- en activiteitstrackers, sociale media …). Ook machines en infrastructuur (smart cities) produceren grote stromen data.

2 Dataverwerking en -analyse
Terwijl datastromen de belangrijkste voedingsbronnen zijn voor AI, moet die data ook geanalyseerd en verwerkt worden. Daarvoor zijn onder meer algoritmes, rekenkracht en opslag nodig. Hoe meer data er is, hoe meer computerkracht en verfijnde algoritmes nodig zijn om ze te verwerken.

3 Praktische toepassingen en applicaties
Virtuele assistenten zoals Alexa en Siri, rij-assistentie, camera’s met gezichtsherkenning, robotchirurgie … het toepassingsveld wordt elke dag groter. Bedrijven die AI inzetten, kunnen een concurrentieel voordeel uitbouwen.

5G betekent een kwantumsprong voor artificial intelligence

De snelheid waarmee data zal verstuurd worden, onder de 5G-norm, biedt de mogelijkheid slimme (AI ondersteunde) toestellen met elkaar te verbinden. Voor het eerst zal de communicatie tussen verschillende objecten, producten, machines en servers betrouwbaar en soepel verlopen met 5G, waardoor een goede gebruikerservaring wordt bereikt. Dit creëert op zich veel nieuwe opportuniteiten.

Zo zijn “slimme fabrieken” alsook “slimme steden” geen sciencefiction meer maar de realiteit van morgen. De huidige standaard (4G) biedt een datatransfersnelheid aan van hooguit één gigabyte per seconde. Maar volgens industrie-experts zijn transmissiepieken tot 20 gigabyte per seconde2 met 5G mogelijk.

AI in cijfers

In het eerste kwartaal van 2020 werd er wereldwijd 8,4 miljard USD in start-ups gepompt die zich in AI specialiseren. Dat is 645% meer dan in 2016. Van alle dollars die in 2020 in die start-ups werden geïnvesteerd, ging 46% naar Chinese start-ups en 40% naar Amerikaanse start-ups.3

Volgens consultancybureau Accenture zal AI tegen 2035 een economisch toegevoegde waarde hebben ter hoogte van 4:

  • 93 miljard dollar in België
  • 311 miljard USD in Nederland
  • 589 miljard USD in Frankrijk
  • 814 miljard USD in de UK
  • 079 miljard USD in Duitsland
  • 068 miljard USD in Japan
  • 305 miljard USD in de VS

1 Studie beschikbaar op www.pwc.es/es/publicaciones/tecnologia/assets/ai-predictions-2018.pdf
2 bron: https://www.thefuturefactory.com/blog/19
3 bron: CB insights – https://www.cbinsights.com/reports/CB-Insights_State-of-Artificial-Intelligence-2020.pdf
4 bron: Accenture https://www.accenture.com/t20170202T122451Z__w__/us-en/_acnmedia/PDF-33/Accenture-Why-AI-is-the-Future-of-Growth–Country-Spotlights.pdfla=en?la=en
5 De term ‘fonds’ is de gemeenschappelijke benaming voor een Instelling voor Collectieve Beleggingen (ICB), die kan bestaan onder het statuut van een ICBE (UCITS) of een AICB (niet-UCITS), en die diverse juridische vormen kan aannemen (BEVEK, GBF, enz.). Een ICB kan compartimenten bevatten. Fondsen zijn onderhevig aan risico’s. Ze kunnen zowel in waarde stijgen als dalen en mogelijk kunnen beleggers het bedrag van hun belegging niet recupereren.


Lawinegevaar op de schuldenberg ?

Door Wim D’Haese, Head of Investment Advisory bij Deutsche Bank

8 juni 2020

Vrijwel alle regeringen en centrale banken openden de afgelopen maanden hun gereedschapskist om de sputterende economie enigszins draaiend te houden. Volledige sectoren rijden ondertussen al maanden op reservewielen.

En ook de bevolking wordt gedepanneerd met allerhande tegemoetkomingen. Hoewel die steun goed bedoeld én broodnodig is om een grotere economische crash te vermijden, blijft de vraag hoe de opgebouwde schulden draagbaar kunnen blijven.

Elke dag een nieuw wereldrecord

Het goede nieuws – of het slechte nieuws, afhankelijk van hoe het bekeken wordt – is dat er vandaag in theorie geen beperking is op het bijdrukken van geld en op de uitgifte van schuldinstrumenten. Met een spreekwoordelijke druk op de knop kan een centrale bank geld aanmaken. En kan de schuldenberg gewoon hoger worden. Dat was ooit anders. Tot de jaren 1970 bepaalden vooral de nationale goudreserves en de USD hoe hard de geldpersen wereldwijd konden draaien.

Het slechte nieuws is dat de afgelopen decennia dankbaar gebruik werd gemaakt van die mogelijkheid om schulden aan te gaan en geld bij te drukken. Zozeer zelfs dat de private en publieke schuld van de G7 in 50 jaar steeg van ongeveer 130% van het bbp tot 270 procent in 2019. Die hoge schuldgraad bij de G7 is overigens representatief voor de hele wereldeconomie: eind 2019 bedroeg de totale private en publieke schuld van alle landen ter wereld samen meer dan 300% van het wereld bbp. De schuld stemt dus overeen met de totale geldwaarde van alle geproduceerde goederen en diensten gedurende een periode van meer dan 3 jaar.

Wat bij een V-herstel?

Herstelt de economie zich volgens iets wat op een V-patroon lijkt en is het grootste besmettingsgevaar geweken? Dan zal de overheidsschuld tegenover het bbp dit jaar met zo’n 10-15 procentpunten stijgen in de meeste ontwikkelde landen. Dit zal een aanzienlijk gat in de overheidsfinanciën slaan. Om dat dicht te metselen, kunnen de belastingen stijgen. Maar tegelijk zal ook de geldkraan open moeten blijven en zullen de centrale banken het grootste deel van de zware lasten moeten verlichten door de aankoop van staatsobligaties te verhogen.

Zolang er in 2021 een opleving komt, zolang de centrale banken het rendement op obligaties laag kunnen houden, zolang de interestvoeten lager blijven dan de groeicijfers en zolang er geen problemen zijn om die schulden te herfinancieren, kan de hoge schuldgraad dus draagbaar blijven.

Dat lijken veel balletjes om in de lucht te houden. Maar het is een oefening die op langere termijn kan werken, zoals Japan aantoont. In de op 2 na grootste economie ter wereld steeg de staatsschuld de afgelopen 20 jaar van 135% van het bbp naar ongeveer 240%. De trage groei heeft er samen met de grote begrotingstekorten en nagenoeg geen inflatie toe geleid dat de overheidsschuld zo hard groeide. De centrale bank van Japan zit zelfs op een stapel schuldpapier ter waarde van ruim 100 procent van het bbp. Ondanks die situatie slaagt Japan erin het evenwicht te bewaren. Dat komt omdat het land het grootste deel van de schulden in eigen land financiert via banken, pensioenfondsen en de eigen centrale bank. De Japanse bevolking spaart bovendien constant en het land heeft een overschot op de lopende rekening en is daardoor een netto-exporteur van kapitaal.

Wat bij langdurige en terugkerende pandemieën?

In de VS zullen de markten verwachten dat de centrale bank (Fed) altijd zal helpen door directe obligatieaankopen of door de rente bij te sturen. Daar is een situatie van hoge schulden en lage rente mogelijk als de vraag voor staatspapier sterk blijft en de inflatie laag. Als de inflatie wel begint te stijgen, zal de vraag naar staatspapier waarschijnlijk dalen en zullen de centrale banken het veel moeilijker krijgen. De kans is groot dat de Fed dan nog meer Amerikaans staatspapier moet kopen. Niet alleen nieuwe emissies, maar ook het staatspapier dat beleggers niet meer willen hebben.

Het beeld in Europa is veel complexer. Onder een scenario van langdurige en terugkerende pandemieën zullen de schulden van de 4 grootste landen in de eurozone in 2021 wellicht stijgen van 92% naar 148%. Vooral Italië is een grote zorg. De verhouding tussen de staatsschuld en het bbp zou bij een negatief scenario kunnen stijgen tot iets meer dan 200% tegen het einde van 2021. Een belangrijke vraag is hoe Europa in dat geval nog bij elkaar blijft. Zullen de Noord-Europese landen de financiering van de schuld van Italië door de ECB tolereren als de inflatie stijgt? Zal Italië toezicht van Europa op haar binnenlandse politiek blijven accepteren in ruil voor het voortdurend financieren van zijn schuld? Welke weg er ook wordt ingeslagen, het is een relatief onstabiel evenwicht en de betrokkenheid van de ECB gaat vooralsnog vooral over het kopen van tijd voor een grotere oplossing.

En nu?

De schuldenberg verder ophopen met nieuwe schulden: zal dat ooit tot een lawine leiden? Een pasklaar antwoord is er niet, want we bevinden ons op ongekend terrein. Naarmate de schuldenberg toeneemt, zal die ons economische systeem wellicht kwetsbaarder maken voor financiële crises. Sinds de jaren 1970 (na de afschaffing van vaste wisselkoersen tegenover de USD) zijn de financiële crises regelmatiger geworden. Voor de jaren 1970 bestonden er financiële crises (vaak rond oorlogen), maar de frequentie was niet zo groot als na de jaren 1970. Uiteraard moet dit niet gezien worden als dé oorzaak van de schuldenberg, maar vertelt dit historisch perspectief ons over wat de toekomst kan brengen.


Welke sectoren voorrang geven in de huidige marktcontext?

12/5/2020

Samengevat :

  • De coronaviruspandemie heeft paniek veroorzaakt in de financiële centra van de wereld.
  • Het virus heeft ook een spectaculaire toename van de volatiliteit van de aandelenmarkt veroorzaakt.
  • Op welke sectoren zich richten in deze zeer onzekere marktomgeving?

De verspreiding van het coronavirus heeft geleid tot extreem heftige schokken op de wereldwijde aandelenmarkten. Na afloop van het eerste kwartaal met historische verliezen hebben de belangrijkste beursindexen zich sinds de start van de lente hersteld, maar staan ze vergeleken met het begin van het jaar nog in het rood.
Selectief zijn

In deze turbulente marktomgeving is het meer dan ooit noodzakelijk om selectief te zijn in de beleggingskeuzes. Deze aanbeveling geldt ook voor de sectoren waarop men zich moet concentreren. Twee van hen behouden nog steeds de voorkeur: de gezondheidszorg en de technologiesector

Gezondheidszorg op de voorgrond

De gezondheidszorg staat op dit moment logischerwijs in het middelpunt van alle aandacht door de race tegen de klok in de zoektocht naar een behandeling en een vaccin tegen het coronavirus.

De sector heeft echter ook veel andere katalysatoren die verder gaan dan de huidige crisis. Met name de vergrijzing van de bevolking en de structurele stijging van de gezondheidsuitgaven als gevolg van deze demografische ontwikkeling vormen een belangrijke ondersteunende factor.

Fundamenten die sterk blijven

Bovendien is de gezondheidszorg goed gepositioneerd om te profiteren van voortdurende innovatie en de ontwikkeling van nieuwe technologieën. In principe wordt de sector ook gekenmerkt door veel cash op de balansen. Dit zou veel bedrijven in staat moeten stellen om hun dividenden te behouden of aandelen in te kopen en eveneens om externe groei na te streven.

Bovendien is de ontwikkeling van de inkomsten en winsten in de gezondheidszorg relatief ongevoelig voor veranderingen in het economische klimaat. Deze acycliciteit is een troef in een tijd waarin de coronaviruspandemie een ernstige impact heeft op de economische groei en de bedrijfsresultaten. Ondanks de defensieve kwaliteiten van de sector blijven de waarderingen aantrekkelijk, waarbij de gezondheidszorg weliswaar met een premie wordt verhandeld ten opzichte van de totale markt, maar onder het langetermijngemiddelde van deze premie.

Ten slotte is de sector niet beperkt tot de grote farmaceutische concerns, maar omvat hij ook de biotechnologie, de fabrikanten van medische apparatuur en de dienstverleners in de gezondheidszorg. Er is dus een brede diversificatie.

De technologiesector doet het goed

De technologiesector van zijn kant kon sinds 1 januari 2020 positief verrassen door zijn outperformance, waarbij sommige technologiereuzen zelfs in het groen staan. De sector komt ook naar voor als een van de belangrijkste begunstigden van een herstel van de economische activiteit op de middellange en lange termijn.

In dit verband zou de technologiesector kunnen profiteren van de stijging van de uitgaven voor IT-investeringen, die al enkele jaren onder de trend liggen, en van fiscale stimuleringsmaatregelen. De sector heeft ook sterke fundamenten:

  • De balansen zijn rijk aan liquide middelen en de schuldratio’s blijven relatief laag.
  • Bedrijfsmodellen zijn over het algemeen ook veerkrachtig en zeer winstgevend.

De waarderingen in de sector, hoewel niet goedkoop, zijn weer op een redelijker niveau gekomen. En ten slotte verwacht men dat de technologiesector nog duidelijker zal profiteren van de structurele trends die de COVID-19 crisis aan de wereldeconomie oplegt.

De digitalisering zal versnellen

Er zal meer gebruik gemaakt worden van digitalisering, bijvoorbeeld op het gebied van de gezondheidszorg of telewerken. Ook andere activiteiten met een enorm potentieel zoals cloud computing (levering van computerdiensten via het internet ) en artificiële intelligentie zullen zich verder ontwikkelen en blijven zorgen voor structurele groei in de technologiesector.

Deze twee sectoren, die onder meer gemeen hebben dat ze veel financieel sterke bedrijven huisvesten, zijn uiteraard niet immuun voor hernieuwde beursturbulentie.


Hoe beleggen in deze volatielere tijden?

9 April 2020

  • Met flexibele gemengde fondsen hoeven beleggers zelf niet te kiezen of ze beter in aandelen of obligaties beleggen.
  • Activa kopen of verkopen, nu of even wachten … deze keuzes kunnen overgelaten worden aan een professionele beheerder.

Hogere volatiliteit, beleggers die snel wisselen tussen optimisme en pessimisme, voor de uitbraak van een pandemie, geopolitieke spanningen (Olie, VS – China …) – dat is bij uitstek de arena waarin beheerders van flexibele gemengde beleggingsfondsen hun talenten kunnen ontplooien. Door snel te schakelen tussen meer of minder risicovolle beleggingen in functie van de veranderende marktomstandigheden kunnen zij hun toegevoegde waarde bewijzen. Flexibele gemengde fondsen verdienen dus zeker hun plaats in een goed gediversifieerde beleggingsportefeuille.

1. Wat zijn flexibele gemengde fondsen?

Aandelenfondsen beleggen in aandelen en obligatiefondsen beleggen in obligaties. Bij een flexibel gemengd fonds geldt die beperking niet. In dat geval bepaalt de professionele beheerder of hij meer gewicht legt in aandelen, obligaties of liquiditeiten. Verwacht hij bijvoorbeeld donderwolken op de markten, dan is hij vrij om aandelenposities af te bouwen en zijn cashpositie op te krikken. Deze aanpak vindt men terug bij flexibele gemengde fondsen.

Daarnaast zijn er ook meer klassieke gemengde fondsen. Die beleggen zowel in aandelen als obligaties, maar dan in een meer vaste verhouding: bijvoorbeeld 50% in aandelen en 50% in obligaties.

  1. Wat zijn de voordelen ?Met een flexibel gemengd fonds hoeven beleggers zich geen zorgen te maken hoeveel ze op welk moment moeten beleggen in aandelen of obligaties en in welke aandelen of obligaties. Men vertrouwt het beheer toe aan een professional die de rationele beslissingen voor hen neemt. Zeker nu de volatiliteitdit jaar een comeback maakte, is ook dat een grote meerwaarde.
  2. Zijn er verschillende soorten flexibele gemengde fondsen?

Ja, er zijn meerdere categorieën, waaronder de belangrijkste:

  1. Defensieve flexibele gemengde fondsenDeze fondsen hebben een relatief zwakke historische volatiliteit. Deze fondsen hebben sinds de lancering een synthetische risico- en opbrengstindicator (SRRI) van kleiner dan of gelijk aan 3 of hebben kapitaalbehoud als duidelijke doelstelling in hun beleggingspolitiek.
  2. Gematigde flexibele gemengde fondsenDeze fondsen hebben een evenwichtige strategie die gericht is op de groei van het belegde kapitaal op lange termijn, terwijl er een gemiddeld risico wordt genomen. De SRRI van deze fondsen is sinds de lancering kleiner dan of gelijk aan 4.
  3. Dynamische flexibele gemengde fondsenDe beheerders van deze fondsen focussen ook op het neerwaarts profiel, maar hebben een mandaat om meer risico te nemen. De blootstelling aan aandelen kan vaak tot 100% oplopen. De hoogst genoteerde SRRI van deze fondsen is sinds de lancering groter dan of gelijk aan 5.
  4. Income Flexibele gemengde fondsenDeze fondsen hebben een dynamische strategie die regelmatige inkomsten tracht te genereren en daarnaast van de mogelijke stijging van bepaalde markten wil profiteren. Hierbij wordt een gemiddeld tot relatief verhoogd risico genomen waarbij de SRRI3van deze fondsen sinds de lancering kleiner dan of gelijk is aan 5.

4. Welke plaats geven beleggers flexibele gemengde fondsen in hun portefeuille?

Dat hangt in de eerste instantie af van hun Financial ID, hun persoonlijk beleggersprofiel. Omdat ze sterk gediversifieerd zijn, kan men over het algemeen wel stellen dat flexibele gemengde fondsen het ideale fundament voor een beleggingsportefeuille zijn. Bovenop dit fundament van flexibele gemengde fondsen kunnen beleggers dan aandelen- of obligatiefondsen stapelen die bijvoorbeeld de klemtoon leggen op een regio (groeilanden, VS, Japan, …) of op een thema (klimaat, robotica, veiligheid,…).

5. Zijn er nadelen aan flexibele gemengde fondsen?

Gemengde fondsen zijn geen mirakeloplossingen. De beheerder van een gemengd fonds kan de bal ook misslaan. Tussen het best presterende flexibele gemengde fonds en het minst presterende fonds kan op een jaar ruim 10% verschil in rendement zitten. Een flexibel mandaat biedt meer keuzemogelijkheden en opportuniteiten, maar ook meer kans om tijdelijk geen gelijk te krijgen. Daarom is het ook belangrijk dat beleggers hun flexibele gemengde fondsen diversifiëren. Een portefeuille opbouwen met 11 offensieve flexibele gemengde fondsen is net als 11 aanvallers in een voetbalploeg opstellen, zonder middenvelders, verdedigers of keeper.


Hoe beleggen in 7,8 miljard consumenten?

23/3/2020

Van plateauschoenen tot nektapijtjes. Hypes komen en gaan (gelukkig maar). Een select aantal consumententrends is echter hier om te blijven. En dat biedt aantrekkelijke kansen voor beleggers.

  • In westerse landen zijn consumptie-uitgaven goed voor 60% tot 70% van de economie, in groeilanden 50-55%.
  • Beleggen in dit thema kan door in te spelen op trends zoals de digitale consument, toenemende consumptie in groeilanden en sterke merken.

Een floppy disk, een walkman, een telefoon met draaischijf: stop ze in de handen van enkele tieners, en de kans is groot dat u heel veel vraagtekens in hun ogen ziet. Onze wereld evolueert aan een razendsnel tempo. Wat 25 jaar geleden de norm was, is nu antiek. Terwijl onze keuzes als consument veranderen, komen er steeds meer nieuwe trends en technologieën op ons af. Vandaag denken we vooruitstrevend te zijn door met een elektrische auto te rijden. Over 100 jaar vragen we ons af waarom auto’s een stuur en wielen hadden.

Consumptie = ruggengraat van economie

In westerse landen zijn consumptie-uitgaven goed voor 60% tot 70% van de economie. Voor de groeilanden bedraagt dat aandeel gemiddeld 50-55% (data Wereldbank). Beleggen in consumententrends kan dus meer dan de moeite waard zijn. Weliswaar geven we jaar na jaar met z’n allen ietsje meer uit, maar spectaculaire sprongen zijn dat niet. Binnen die consumentenuitgaven zelf zijn er echter wél enkele duidelijke trends.

De digitale consument

Ons scherm is een tweede vitrine op de wereld. We ontmoeten, werken, spelen, shoppen, (be)leven … steeds vaker digitaal en online. Enkele voorbeelden: Streamen wordt het nieuwe normaal. Netflix is vandaag al verantwoordelijk voor 11,4% van het totale internetverkeer1. Ook de muzieksector zit in een shift. In 2002 waren cd’s goed voor meer dan 95% van de inkomsten2. Vandaag zijn cd’s op weg om een niche te worden en zwaaien streamingdiensten de scepter.

In de meeste landen is cash nog steeds king. Maar de opkomst van e-commerce en nieuwe betaaltechnologieën – contactloos betalen, met de smartphone betalen – brengt daar verandering in.

Gaming en eSports is een sector die de jongste jaren steeds meer aantrekkingskracht geniet. Twitch.tv, een toonaangevend streamingplatform voor videogames lokt zelfs meer dagelijkse kijkers dan CNN3

Veranderende consumptiepatronen in groeilanden

Volgens projecties van de OESO zouden de consumentenuitgaven in Azië tussen 2009 en 2030 stijgen met 571%. Ook in andere regio’s zoals Zuid- en Midden-Amerika, het Midden-Oosten en Noord-Afrika zouden ze ruim verdubbelen. Terzelfder tijd blijft het groeiverhaal in Europa en Noord-Amerika veel beperkter. Dit biedt kansen voor ondernemingen die in staat zijn om hierop in te spelen en die hun focus willen verbreden, weg van de verzadigde westerse markt.

Zo was China vroeger vooral de fabriek van de wereld. Door een steeds sterkere middenklasse is ook de binnenlandse consumptie er ondertussen fors aangetrokken. India gaat – weliswaar met wat vertraging – dezelfde richting uit als China. Terwijl de inkomens in zulke groeilanden stijgen, veranderen ook de voorkeuren van consumenten er. De focus ligt niet enkel meer op het vervullen van basisbehoeften, maar eveneens op minder essentiële goederen en diensten.

Sterke merken

Bepaalde producten associëren we meteen met een specifiek merk. Denk maar aan cola, luiers of chocopasta. Doordat deze merken kwaliteit uitstralen en ‘top of mind’ zijn, zijn ze robuuster en is de consument minder prijsgevoelig. Dit resulteert in een sterke loyaliteit tegenover het merk, wat de betrouwbaarheid en rentabiliteit van het bedrijf ten goede komt.

Sterke merken onderscheiden zich ook door hun proactieve aanpak. Ze tonen dat ze meegroeien met consumptietrends en zelf trends kunnen creëren. Zoals bekende frisdrankmerken die hun aanbod verruimen met waters, gezondheidsdrankjes en suikervrije dranken. Of bekende sportmerken die ook inzetten op wellness. Zulke merken vindt u onder meer ook terug in het segment van luxegoederen, cosmetica en sterke dranken.

Immens beleggingsuniversum

De winnaars van vandaag kunnen mogelijks de verliezers van morgen zijn. Kodak miste de opkomst van de digitale camera en ging failliet. Nokia werd links en rechts ingehaald door fabrikanten van smartphones. Het komt er dus op aan om bij de les te blijven en tegelijk de verliezers te vermijden en de winnaars van de toekomst te vinden.

Beleggen in consumententrends lijkt misschien simpel, maar is zeker niet eenvoudig. U dient immers uit een gigantisch beleggingsuniversum bedrijven te identificeren die kunnen groeien, een duidelijk verdienmodel hebben en ‘futureproof’ zijn. Daarom kan een actief beheerd aandelenfonds4 gericht op dit thema een geknipte oplossing zijn om deze opportuniteiten te grijpen en de valkuilen te vermijden.

1 Bron:https://www.sandvine.com/press-releases/sandvine-releases-2019-global-internet-phenomena-report

2 Bron:https://www.visualcapitalist.com/music-industry-sales/

3 Bron:https://www.businessinsider.com/twitch-is-bigger-than-cnn-msnbc-2018-2

4De term ‘fonds’ is de gebruikelijke benaming voor een Instelling voor Collectieve Beleggingen (ICB), die kan bestaan onder het statuut van een ICBE (UCITS) of een AICB (niet-UCITS), en die diverse rechtsvormen kan aannemen (bevek, GBF enz.). Een ICB kan compartimenten bevatten. De fondsen zijn onderhevig aan risico’s. Ze kunnen zowel stijgen als dalen en mogelijk krijgen beleggers het bedrag van hun belegging niet terug


5 trends in duurzaam beleggen

5/2/2020

Noemen we ‘duurzaam beleggen’over enkele jaren gewoonweg ‘beleggen’? Die kans is reëel. Een doorlichting van de trends van vandaag en de trends van morgen …

  1. Goed voor de planeet en voor de portemonnee

Lang geleden stond duurzaam beleggen gelijk aan financieel liefdadigheidswerk. U deed wel een goede zaak voor de wereld, maar voor het rendement hoefde u het niet te doen. Dat is ondertussen volledig achterhaald. Onderzoekers doorploegden meer dan 2.250 academische studies naar duurzaam beleggen sinds de jaren 70. Hun conclusie? 92% van deze studies wijzen uit dat duurzame beleggingen vaak hetzelfde of zelfs een beter rendement vertonen dan een niet-duurzame belegging1.

  1. Naast aandacht voor rendement, ook steeds meer aandacht voor impact

Duurzaam beleggen kan volgens verschillende strategieën. Enkele daarvan zijn:

  • Best-in-class

Dit is een strategie waarbij u enkel in ondernemingen belegt met de beste ESG-score (en/of potentieel) in vergelijking met sectorgenoten. ESG duurzaamheidscriteria hebben betrekking op het milieu (Environmental), de samenleveing (Social) en goed bestuur (Governance). Autoproducent A scoort op meetpunten zoals diversiteit, CO2-uitstoot, faire verloning … beter dan autoproducenten B en C? Dan krijgt autoproducent A de voorkeur.

  • Thematisch

Hierbij focust u op één welomlijnd thema. Zo kan een themafonds beleggen in bedrijven die oplossingen ontwikkelen voor watertekort, groene energie of een duurzamere voedselketen.

  • Impact investing

Kiest u voor impact investing, dan streeft u ook een duidelijke maatschappelijke en/of milieuwinst na. Voorbeelden zijn bedrijven die diensten en producten ontwikkelen om de toegang tot drinkwater te verbeteren, een beleid hebben om minder verpakkingsmateriaal te gebruiken, enzovoort.

Vooral impact investing wint steeds meer aan belang. Beleggers zien het als een kans om dankzij hun investeringen zaken als klimaatopwarming en sociaal onrecht te corrigeren. Kiezen voor de ene of andere aanpak is geen keuze tussen goed, beter en best. Het is vooral kiezen voor een benadering die met uw overtuigingen overeenstemt. Dit hoeft ook geen of/of-verhaal te zijn. In een portefeuille kunt u de drie methodes ook combineren. Impact investing kan onder meer via een fonds of een gestructureerd product.

  1. Duurzaam beleggen is meer dan groen beleggen

Waar ziet u zelf het meeste rendementspotentieel in? In beleggingen die verband houden met het milieu en klimaat (E), met maatschappelijke factoren (S) of met bestuurszaken (G)? Als uw antwoord milieu en klimaat is, dan bent u niet de enige. Uit het oogpunt van portefeuillediversificatie en rendementspotentieel is het echter belangrijk om ook te kijken naar de vele mogelijkheden van maatschappelijke en bestuurlijke factoren. Een voorbeeld? Een belegger kan dan wel in zonnepanelen en windmolens beleggen, maar als de producent zijn grondstoffen uit mijnen haalt waar arbeiders slecht behandeld worden, of lokale overheden omkoopt, dan is er van duurzaam beleggen geen sprake meer. Op lange termijn is het de combinatie van ‘E’ én ‘S’ en ‘G’ die de meeste impact heeft.

  1. Niet alleen meer in aandelen

Duurzame beleggingsstrategieën zijn nog niet in alle activaklassen even ver ontwikkeld als bij aandelen. Maar ook de obligatiemarkt scharniert steeds meer richting duurzaamheid. De populariteit van green bonds is daar een teken van. Dit zijn obligaties die heel tastbare projecten financieren: de bouw van fietsenstallingen, windmolenparken, energiezuinig vastgoed… Hoewel ze vandaag nog minder dan één procent van de obligatiemarkt uitmaken, groeit hun aanbod exponentieel. Zo zit ook het aanbod van ESG-obligatiefondsen in de lift.

  1. Beleggers eisen steeds meer transparantie. En terecht.

Wie bepaalt nu wat groen of duurzaam is? Beleggingsproducten zijn niet altijd even duurzaam als ze op papier lijken. Om meer duidelijkheid te creëren zijn er de jongste jaren initiatieven genomen om de transparantie te verhogen, zowel vanuit de sector als vanuit de overheid. Enkele voorbeelden:

  • Steeds meer fondsenhuizen doen een beroep op onafhankelijke certificeerders om hun duurzame fondsen te monitoren.
  • Steeds meer financiële spelers onderschrijven de United Nations Principles for Responsible Investment (UNPRI).
  • Institutionele beleggers leggen steeds vaker druk op bedrijven en overheden om een meer duurzame koers te volgen. Climate Action 100+ is een voorbeeld van een collectief van vermogensbeheerders (met samen 35.000 miljard USD onder beheer) die druk zetten op de 100 bedrijven met de grootste CO2-uitstoot ter wereld.

1 Friede G., Bush T. & Bassen A. – ESG and Financial Performance : aggregated evidence from more than 2000 empirical studies – 2015.

__________________________________________________________

In 2020 blijven aandelen de sleutel tot rendement

9/1/2020

Na een schitterend 2019 is het uitkijken wat 2020 brengt voor beleggers. Duidelijk is wel dat de lage rente er is om te blijven, en dat beleggers meer risico moeten nemen om rendement te halen.

Samengevat:

  • Het kan nuttig zijn om uw aandelenportefeuille evenwichtiger te spreiden naar meer waarde-aandelen.
    • Obligatiebeleggers hebben doorgaans 2 doelstellingen: kapitaal beschermen en een aantrekkelijk inkomen genereren via de coupons. Beleggers in obligaties in euro zullen 1 van de 2 doelstellingen moeten laten varen om toch een aantrekkelijk rendement te behalen.
  1. Wat bracht 2019?

2019 was een schitterend jaar voor beleggers. De grote aandelenindices, zoals de S&P 500 en de EuroStoxx50, tekenden 20% winst op. Obligaties wonnen 5 à 10%, en dat ondanks de al erg lage rente. Ook de Amerikaanse dollar ging hoger.

De grootste bewegingen in aandelen kwamen er al in het eerste kwartaal van 2019, waarna het aangeraden was om de risico ́s in de beleggingsportefeuilles te herbekijken en – waar nodig – bij te sturen. Niettemin was het ook een goed idee om niet volledig uit de markten te stappen, want niet belegd zijn houdt een verlies van opportuniteiten in.

  1. Wat brengt 2020?

    Voor het komende jaar verandert er fundamenteel niet veel. De economische groei in de ontwikkelde landen zal verder vertragen, maar er wordt geen recessie verwacht. Duidelijk is dat de rente nog veel langer dan gedacht erg laag zal blijven. Dat betekent dat streven naar rendement onvermijdelijk samengaat met het nemen van risico. De richting waarin de markten in 2020 zullen bewegen zal mee bepaald worden door hoe het handelsconflict tussen de VS en China verder evolueert. Niettemin hebben aandelen nog ruimte om verder te stijgen, en ook de dividenden die ze momenteel uitkeren zijn aantrekkelijk.
  2. Aandelen: extra winst nog mogelijk
    Het voorbije jaar zijn niet alleen de aandelenkoersen, maar vooral ook hun waarderingen (de koers-winstverhoudingen) mooi gestegen. Een verdere koerswinst is mogelijk, al zal die vooral gedreven moeten worden door stijgende bedrijfswinsten. De groei van de bedrijfswinsten, zowel in de VS als in Europa, zou in 2020 opnieuw moeten aantrekken.

Als belegger kijkt men best niet uitsluitend naar de koerswinst, maar naar het totale rendement van een aandelenbelegging – inclusief dividenden dus. In de ontwikkelde landen ligt het dividendrendement vaak hoger dan het rendement op obligaties van dezelfde onderneming. Dit compenseert het hogere risico van aandelen. Belangrijk is wel dat deze dividenden betaald worden met bedrijfswinsten, en dat ze dus de financiële gezondheid van de onderneming niet in gevaar brengen.

Het huidige beleid van de centrale banken houdt de rente op een zeer laag niveau en blijft bevorderlijk voor de aantrekkelijkheid van aandelen tegenover vastrentende producten (zoals obligaties). Aandelen zijn dan ook mogelijk de sleutel tot een positief rendement voor een beleggingsportefeuille.
4. Van groeiaandelen naar waarde-aandelen
De voorbije jaren werden de beurzen vooral gedreven door groeiaandelen. Dit zijn aandelen van ondernemingen die sneller groeien dan het gemiddelde van alle ondernemingen. De vertraging van de economische groei zet echter aan tot voorzichtigheid. Het is dan ook aangeraden om de aandelenportefeuilles evenwichtiger te spreiden naar meer waarde-aandelen. Dit zijn aandelen van ondernemingen die ondergewaardeerd zijn (bijvoorbeeld aandelen met een lager dan gemiddelde koers-winstverhouding of die onder hun boekwaarde noteren).

Op regionaal vlak hebben is er geen uitgesproken voorkeur. Het is dan ook goed om de aandelen te spreiden over drie regio ́s: de Verenigde Staten, Europa en de groeilanden. Amerikaanse aandelen blijven aantrekkelijk. Ondanks het handelsconflict met China wordt er geen recessie verwacht. Bovendien is de Amerikaanse beurs (bijvoorbeeld de S&P 500) dankzij zijn robuust karakter beter bestand tegen volatiliteit.

De lage rente en de zwakke euro spelen in het voordeel van Europese aandelen. De waarderingen zijn er ook niet overdreven en Europese aandelen bieden een aantrekkelijk dividendrendement. Wat betreft de groeilanden is het duidelijk dat het handelsconflict op korte termijn als een donkere wolk boven hun aandelenmarkten blijft hangen. Hun waarderingen in vergelijking met het wereldwijde gemiddelde maken hen echter op middellange en lange termijn een aantrekkelijke belegging.
5. Wat met obligaties?

Een obligatiebelegger heeft doorgaans twee doelstellingen: het kapitaal beschermen en een aantrekkelijk en regelmatig inkomen genereren via de coupons van deze obligaties. Die twee doelstellingen tegelijkertijd realiseren is vandaag niet meer mogelijk. Obligaties met het laagste risico – bijvoorbeeld Duitse staatsobligaties – kosten door hun negatieve rendement zelfs geld.

Beleggers in obligaties in euro zullen één van de twee doelstellingen moeten laten varen om toch nog een aantrekkelijk rendement te behalen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld kiezen voor 90% in plaats van 100% kapitaalbescherming. Dit lagere beschermingsniveau maakt een hoger potentieel rendement op een vastrentende belegging mogelijk.

Anderzijds kunnen ze er ook voor kiezen om meer risico te aanvaarden op de uitgever van de obligatie, bijvoorbeeld door te beleggen in de hoogste regionen van het high yield obligatiesegment (uitgevers met een BB-kredietrating). Voorzichtigheid is hier evenwel aangewezen, zeker in het licht van de verwachte vertraging van de economische groei.

Ten slotte kunnen ze ook meer rendement halen via obligaties in vreemde munt, en dus door wisselrisico te nemen, met name in Amerikaanse dollar. De voorkeur gaat uit naar Amerikaanse bedrijfsobligaties van goede kwaliteit (investment-grade obligaties) en naar obligaties van de groeilanden in dollar.

  1. Beleggen voor inkomen
    De zoektocht naar rendement is een uitdaging waar veel beleggers vandaag mee worstelen. Wachten op een hogere rente is geen optie: de Europese Centrale Bank blijft maar obligaties inkopen en heeft zelfs geen einddatum op haar inkoopprogramma gezet. De rente zal nog veel langer dan gedacht erg laag blijven.

Om inkomen te genereren moet de belegger onvermijdelijk kijken richting meer risicovolle activa. Denk maar aan dividenden uit aandelen of coupons van obligaties met een hoger risico (ofwel door een lagere kredietrating ofwel door het muntrisico). Daarbij kan men bv. kiezen voor een globale beleggingsoplossing, zoals flexibele gemengde beleggingsfondsen die als doelstelling hebben om inkomen te genereren. Deze fondsen kunnen zowel beleggen in aandelen als obligaties, en kunnen op die manier de beste opportuniteiten van beide activaklassen selecteren. Hun professionele beheerders kunnen ook het mogelijke rendement van elke belegging, en het daaraan verbonden risico, goed inschatten. Bovendien geniet de belegger via deze fondsen in één beweging van een ruime spreiding over activaklassen, munten en uitgevers.

  1. Thematisch beleggen
    Een andere mogelijkheid om het aandelengedeelte van de portefeuilles beter te diversifiëren is het inspelen op de megatrends in onze maatschappij. Die trends, die de traditionele economische cycli overstijgen, zullen onze economie en samenleving structureel veranderen, en onvermijdelijk ook een impact hebben op beleggingen.

Het voorbije jaar werd er bijvoorbeeld gewezen op de megatrends van gezondheid, veiligheid en duurzaamheid. Voor 2020 kunnen daar 5G communicatietechnologie en het optimale beheer van de beschikbare grondstoffen aan toegevoegd worden. Met deze laatste bedoelen we het effectieve beheer, gebruik en behoud van schaarse hulpbronnen, met de nadruk op afvalbeheer en hergebruik (recyclage).

__________________________________________________________

Samengestelde rente: het achtste wereldwonder

5/12/19

Ook kleine stapjes kunnen heel wat betekenen. Dat geldt eveneens voor beleggen. Ontdek wat rente op rente met de jaren kan opleveren.

Wie rente ontvangt op zijn of haar geld en dat op de rekening laat staan, zal over die rente opnieuw rente ontvangen. Dat komt door het effect dat rente op rente wordt genoemd. Dankzij deze samengestelde rente groeit het vermogen van iemand. Het effect manifesteert zich steeds duidelijker na verloop van jaren. Eenmaal op kruissnelheid, brengt het een sneeuwbaleffect teweeg.

Hoewel de term rente op rente vaak gebruikt wordt, gaat het bij beleggen eigenlijk om rendement op rendement. In plaats van een interest zoals bij een spaarboekje, zit het potentiële rendement bij beleggen in de koersstijging van de beleggingen, en ook in de mogelijke dividenden (winstuitkeringen) die ontvangen worden. Als die dividenden herbelegd worden, wordt hierop opnieuw een potentieel rendement gegenereerd.

Genieten van het mogelijke rendement op rendement-effect kan door een eenmalige inschrijving op een belegging. Maar het kan ook gespreid over de tijd op vaste tijdstippen met kleinere bedragen. Dat heet periodiek beleggen. Niet iedereen kan het zich namelijk veroorloven om zomaar in één keer 10.000 euro voor 10 of 20 jaar vast te zetten in een belegging. Ook zo kunnen zij die in stapjes kleinere bedragen willen storten van het mogelijke rendement op rendement-effect genieten.

Albert Einstein noemde dit mechanisme het achtste wereldwonder. Wat hij daarmee bedoelde, wordt duidelijk via een voorbeeld. In onderstaande simulatie wordt eenmalig 10.000 euro belegd in een fonds1 dat elk jaar 5% opbrengt2.

Periodiek beleggen kan door elke maand in een beleggingsfonds te storten zodat de markten ermee aan de slag kunnen gaan. In onderstaande simulatie wordt elke maand 100 euro opzij gezet.

Tijd speelt in het voordeel van een langetermijnbelegger. De boodschap is dus: hoe vroeger begonnen wordt, hoe indrukwekkender het resultaat. Het kan de perfecte illustratie zijn van La Fontaines parabel van de schildpad (die meteen vertrekt) en de haas (die eerst niks doet en dan tracht te winnen met een spurtje). Een voorbeeld? In onderstaande simulatie wordt 20 jaar lang elke maand 250 euro opzij gezet, versus 10 jaar lang elke maand 500 euro. Het potentieel rendement dat  gebruikt werd voor de kapitalisatie is 5%. De vaststelling ? Het loont om vroeger te beginnen beleggen, zelfs met lagere bedragen.

Time In The Market Is Better Than Timing The Market
Warren Buffett

Samengevat?

  1. Door het mechanisme van rendement op rendement wordt een sneeuwbaleffect in gang gezet.
  2. Ook met kleine bedragen is het effect groot.
  3. Hoe vroeger begonnen wordt, hoe hoger het potentieel rendement op lange termijn.

 

1 Het begrip ‘fonds’ slaat over het algemeen op een instelling voor collectieve belegging (ICB), die het statuut van een ICBE (UCITS) of van een AICB (niet-UCITS) kan hebben. Een ICB kan bestaan uit compartimenten. Fondsen zijn blootgesteld aan risico’s. Hun waarde kan zowel stijgen als dalen en het is mogelijk dat de beleggers het bedrag van hun belegging niet recupereren.

2 Dit voorbeeld berust op gesimuleerde, in het verleden behaalde resultaten van de MSCI World Net Total Return EUR Index. Het gemiddelde rendement van deze index bedroeg 5,33% over een periode van 20 jaar vanaf 1/1/1999. Indien rekening zou worden gehouden met provisies, vergoedingen en andere lasten of belastingen, zou dit een negatieve impact hebben op het rendement. Het voorbeeld wordt uitgedrukt in euro. Dit voorbeeld is niet representatief voor reële portefeuilles van cliënten bij Deutsche Bank. Rendementen uit het verleden vormen geen garantie, noch een betrouwbare indicator voor toekomstige potentiële rendementen.

 

__________________________________________________________

‘Groen’ beleggen: een handleiding

15/11/19

‘Groen’ beleggen is niet alleen goed voor de planeet. Het biedt ook potentieel voor een beleggingsportefeuille. Welke opties hebben particuliere beleggers?

Samengevat

 Met een groene obligatie kan belegd worden in duurzame projecten.

 Groene projecten financieren kan ook via beleggingsfondsen of gestructureerde producten.

1 Wat is een groene obligatie?

Zowel ondernemingen als overheden kunnen groene obligaties of green bonds uitgeven. Met het geld dat ze hiermee ophalen, engageren ze zich om te investeren in duurzame projecten. Bijvoorbeeld in energiezuinig vastgoed, openbaar vervoer of fietsinfrastructuur, de aanleg van windmolenparken, duurzaam water- en afvalbeheer, enzovoort.

Een groene obligatie is een schuldbewijs, net als een klassieke obligatie. In ruil voor het ter beschikking stellen van geld, ontvangt de ondertekenaar intresten van de uitgever. De uitgever moet die het bedrag na een afgesproken periode terugbetalen.

Bij een groene obligatie dient het geld uitsluitend ter financiering van duurzame projecten. Een derde partij controleert of de besteding van het belegde geld op een transparante manier gebeurt.

2 Waarom winnen groene obligaties aan populariteit?

In april verzamelde de Vlaamse overheid in een vingerknip 750 miljoen euro voor een duurzame obligatie. Enkele weken later haalde de Nederlandse overheid met gemak 6 miljard euro op voor een groene obligatie, onder meer voor de bouw van ‘s werelds grootste fietsenstalling in Utrecht. Ook voor groene obligaties van ondernemingen is de appetijt groot. Zo gaven Apple, Verizon, Ahold Delhaize, Philips, PostNL en andere grote bedrijven al met succes groene obligaties uit.

Vandaag tellen niet meer alleen cijfers en rendement voor veel beleggers. Ook de niet-financiële meerwaarde die bedrijven en overheden geven aan de maatschappij en het milieu worden steeds belangrijker. Steeds meer beleggers kiezen daarom voor duurzaam. Terwijl er in 2016 voor $ 20.000 miljard duurzaam belegd werd, was dit in 2018 al ruim $ 30.000 miljard. Vooral groene obligaties winnen hierin sterk aan populariteit. In 2011 was de marktgrootte $ 1,5 miljard, in 2016 $ 78 miljard en in 2018 reeds $ 135 miljard.

3 Wie bepaalt of een groene obligatie ‘groen’ is?

De International Capital Markets Association (ICMA) stelde de zogenaamde Green Bond Principles1 op. Dat zijn richtlijnen voor een transparante verslaggeving bij de uitgifte van groene obligaties. De standaarden handelen onder meer over de aanwending en het beheer van de opbrengsten, het proces waarmee projecten geselecteerd en geëvalueerd worden, de rapportering naar belanghebbenden, enzovoort.

Deze richtlijnen van de ICMA zijn echter vrijwillig. Het gevaar van greenwashing – iets groener doen voorkomen dan het eigenlijk is – is niet ondenkbeeldig. Daarom werken steeds meer uitgevers ook samen met andere onafhankelijke instanties, zoals ‘Climate Bonds Initiative’ die strikt toezien op de certificering. Beleggers eisen transparantie. En terecht. Groene obligaties dwingen bedrijven en overheden om heel nauwkeurig te laten zien waar ze mee bezig zijn. Daarom laten de meeste uitgevers zich ook certificeren.

4 Op welke manieren kan er nog duurzaam belegd worden?

Een tweede optie is om te beleggen in een groen gestructureerd product2. Dit is een belegging waarvan de opbrengst afhangt van een voorafbepaald scenario. Het rendement kan bijvoorbeeld gekoppeld worden aan de evolutie van een korf van duurzame aandelen. Het rendement wordt uitgekeerd onder de vorm van een regelmatige coupon (zoals bij groene obligaties), of een eenmalige coupon op het einde van de looptijd. Op het einde van die looptijd ontvangt de belegger zijn ingelegd kapitaal (tenzij de uitgever failliet is) terug indien die zich inschreef op een product met gewaarborgd of beschermd kapitaal.

Met een groen gestructureerd product kan men het beste van twee werelden combineren: een hoger potentieel rendement nastreven dan bij groene obligaties én beleggen in duidelijk omschreven groene projecten, zoals bij groene obligaties.

Behalve groene obligaties en groene gestructureerde producten, bestaan er ook duurzame fondsen. Een deel van deze duurzame fondsen belegt gericht in één of meerdere milieuthema’s. Hiermee kan men bijvoorbeeld beleggen in duurzaam watergebruik, energie-efficiëntie en hernieuwbare energie, slim afvalbeheer, goede landbouwpraktijken, enzovoort. Op die manier kan men mikken op potentieel hogere rendementen dan met groene obligaties. Het verschil? Men financiert niet langer rechtstreeks een toegewijd groen project, wat wel het geval is met green bonds.

Elk beleggingsproduct heeft zijn specifieke kenmerken en risico’s. Elke beleggingsbeslissing moet worden genomen op basis van de essentiële beleggersinformatie en het prospectus en moet in overeenstemming zijn met het Financial ID.

1 Voor meer info gelieve de publicatie « The Green Bond Principles 2017 » van de ICMA te raadplegen www.icmagroup.org/assets/documents/Regulatory/Green-Bonds/GreenBondsBrochure-JUNE2017.pdf

2 Groene gestructureerde financiële instrumenten, ook bekend onder de naam Green Structured Notes, bestaan in de vorm van “gestructureerde schuldinstrumenten” of “afgeleide instrumenten”. Een gestructureerd financieel instrument is een financieel instrument van bepaalde duur, doorgaans uitgegeven door financiële instellingen, dat een rendement biedt dat gekoppeld is aan of meer onderliggende activa (bijvoorbeeld een rentevoet of een beursindex) via vaste of variabele coupons betaald tijdens de looptijd of op de vervaldag van het effect. In geval van gestructureerde schuldeffecten verbindt de emittent zich ertoe aan de belegger minstens 90% van het geplaatste kapitaal (exclusief kosten) terug te betalen op de vervaldag (behalve in geval van faillissement of risico op faillissement van de emittent). In geval van een “afgeleid instrument” verbindt de emittent van een Structured Note er zich echter niet toe op de vervaldag aan de belegger 100% van het geplaatste kapitaal (exclusief kosten) terug te betalen. Groene gestructureerde financiële instrumenten zijn onderworpen aan de validatie door de International Capital Markets Association (ICMA) op basis van de Green Bond Principles1

__________________________________________________________

Het is hard zoeken naar rendement

7/10/2019

De beurzen doen het goed dit jaar, al krijgen ze soms met hevige turbulentie te maken. In uw zoektocht naar rendement is een voorzichtige aanpak aangewezen.

{intro artikelpagina}

Samengevat :

  • Hoewel de waarderingen van zowel de aandelen- als obligatiemarkten al sterk stegen in 2019, is er nog altijd een beperkt extra rendement mogelijk.
  • Het is raadzaam om de blootstelling aan aandelen licht te verminderen en een deel van de posities te diversifiëren naar beleggingsthema’s die de traditionele economische cyclus overstijgen en naar flexibele gemengde fondsen.
  • Voor obligaties zijn er drie mogelijke scenario’s: bedrijfsobligaties in euro op de grens tussen investment grade en high yield, investment grade bedrijfsobligaties in USD en obligaties van de groeilanden in USD.

In het derde kwartaal van 2019 zette de vertraging van de economische en bedrijfswinstgroei zich verder. De trend op de beurzen is in 2019 niettemin stijgend, met twee periodes van consolidatie in mei en augustus.

De tweets van Trump

Of de stijgende trend zich de rest van 2019 zal doorzetten is een moeilijk vraagstuk. Het ritme van de aandelen- en obligatiemarkten wordt momenteel vaak gedicteerd door Donald Trump. Telkens hij een dreigende tweet richting China slingerde, vluchtten beleggers naar de veiligheid van obligaties (laag risico of risk-off modus). Wanneer daarna de onvermijdelijke tweet kwam dat de gesprekken toch nog lopen, volgde een golf in de omgekeerde richting naar aandelen (hoger risico of risk-on modus). Op die manier nestelde het klassieke patroon – een continue afwisseling van ‘risk-on, risk off’ gedrag (waarbij beleggers telkens weer overschakelen tussen aandelen en obligaties) – zich terug stevig in de markten.

Beleggers kregen in het derde kwartaal van 2019 de schrik ook goed te pakken na de omkering van de rentecurve in de VS. Dat obligaties met kortere looptijd meer opbrengen dan die met een langere looptijd (een zogenaamde inverse rentecurve) is historisch een goede voorspeller geweest voor recessies. Al volgden die recessies gemiddeld met 22 maanden vertraging op de omkering. In die periode steeg de S&P 500 beursindex gemiddeld nog 10%. De inverse rentecurve is dus zeker geen reden om in paniek de verkoopknop in te drukken. De komende twaalf maanden wordt er voor aandelen nog een totaal rendement – inclusief dividenden – van 5% verwacht.

Brexit

Een harde brexit – zonder akkoord – zal niet alleen op de Britse beurs, maar ook op de beurzen in de eurozone schade aanrichten. De waarderingen van Europese aandelen houden geen rekening met dit worst-case scenario. Door alle onzekerheid zijn de grote centrale banken terug in actie geschoten, zowel in de Verenigde Staten als in Europa. Hun soepele monetaire beleid geeft niet alleen zuurstof aan de economie, maar blijft ook de aandelen- en obligatiemarkten ondersteunen.

Zoektocht

De recente acties van de centrale banken bewijzen nogmaals dat de zeer lage rente nog lange tijd zal blijven. Aantrekkelijke rendementen worden almaar schaarser, waardoor ook de zoektocht ernaar moeilijker wordt. Hoe tewerk gaan in een dergelijke omgeving? Hoewel de waarderingen van zowel de aandelen- als obligatiemarkten sterk zijn gestegen, is er nog altijd een beperkt extra rendement mogelijk. Voorzichtig tewerk gaan, is belangrijk. Daarbij zal een afweging gemaakt moeten worden tussen de eigen rendementsdoelstelling en risicotolerantie, en de opportuniteiten en risico’s in de financiële markten.

Aandelen

Beleggen in aandelen vraagt een risicoappetijt en langetermijnvisie. Ze verdienen dan ook een structurele en prominente plaats in elke portefeuille die gestoeld is op een langetermijn beleggingsfilosofie. Niettemin is het nodig om de blootstelling aan aandelen licht af te bouwen, in het bijzonder voor de traditionele regio’s zoals de Verenigde Staten, Europa en de groeilanden. Een deel van de aandelenpositie naar beleggingsthema’s die de traditionele economische cyclus overstijgen diversifiëren kan een goed idee zijn. Denk daarbij aan de gezondheidssector, veiligheid, artificiële intelligentie en duurzaamheid. Een bijkomend pluspunt van aandelen is dat het dividendrendement ruim hoger is dan het rendement op obligaties.

Obligaties

De obligatiemarkten hebben de wind in de rug. De bokkensprongen van Donald Trump jagen beleggers op geregelde tijdstippen naar kwaliteit en veilige havens. Het soepelere monetaire beleid van de Amerikaanse en Europese centrale banken zorgt voor een extra stimulans. Het gevolg laat zich duidelijk merken: meer dan 15.000 miljard dollar aan obligaties – 27% van het totaal uitstaande bedrag – heeft momenteel een negatief rendement. Dat betekent dat het interessanter is om die obligaties vandaag te verkopen dan ze aan te houden tot de eindvervaldag. Niettemin heeft nog altijd 70% van alle obligaties een positief rendement.

Uiteraard zijn ze niet allemaal van dezelfde kwaliteit. Er zit eigenlijk niet veel kwaliteitsvolle vis in deze vijver. In uw zoektocht naar rendement heeft u twee keuzes: opteren voor lagere kredietkwaliteit (kredietrisico), of voor vreemde munten die een hoger rendement bieden (wisselkoersrisico). Volgens ons hebben beide opties hun waarde. We stellen dan ook voor om beide oplossingen te combineren.

In de huidige context verdienen drie categorieën van obligaties een vermelding:

  1. Bedrijfsobligaties in euro waarvan de kredietkwaliteit op de grens tussen investment grade (hoge kwaliteit) en high yield (lagere kredietkwaliteit) zit. Het beleid van de Europese Centrale Bank ondersteunt dit type van obligaties.
  2. Investment grade bedrijfsobligaties in Amerikaanse dollar. Zij bieden nog altijd een aantrekkelijk rendement.
  3. Obligaties van de groeilanden in Amerikaanse dollar. Hoewel het handelsconflict er een negatieve impact op heeft, spelen de renteverlagingen van de Amerikaanse centrale bank (Fed) in hun voordeel. De positieve impact van de Fed is sterker dan de negatieve invloed van het handelsconflict.

Dollar

De Amerikaanse dollar zit momenteel (september-oktober 2019) aan de onderkant van de vork 1,10 – 1,15 waarin de munt zich al een tijdje beweegt tegenover de euro. De hoogste rente van de G10-munten, het verschil met de rente in euro en de status van veilige haven zijn factoren die in het voordeel van de dollar spreken. Dat de Fed haar rente aan het verlagen is, verkleint wel het renteverschil met de euro. De dollar is ook niet goedkoop, en een mogelijke interventie van de regering-Trump – die vindt dat de dollar te duur is – is niet uitgesloten. De dollar zou in de komende twaalf maanden terug richting 1,15 dollar per euro moeten evolueren.

Flexibele gemengde fondsen

In het huidige beleggingsklimaat spreken twee belangrijke argumenten in het voordeel van flexibele gemengde beleggingsfondsen. Sommige van deze fondsen hebben als expliciete doelstelling het uitkeren van hun inkomsten aan beleggers. Ze gaan daarvoor op zoek naar financiële producten die nog een aantrekkelijk rendement bieden. Via deze fondsen kan op een gediversifieerde manier mee belegd worden in deze producten. Om het risico in de portefeuille wat af te bouwen, is het mogelijk een positie in aandelen om te zetten naar een belegging in flexibele gemengde fondsen. Daarbij kan gekozen worden voor die fondsen die als voornaamste doelstelling het beheren van risico’s en het beperken van kapitaalverlies hebben.

__________________________________________________________

Waar kunt u nog rendement verwachten?

5/9/19

Traditionele beleggingen (spaarboekje, kasbons e.d.) brengen nauwelijks nog iets op. Wat zijn de alternatieven?

Samengevat:

  • De rente op spaarboekjes is historisch laag en daar komt op korte termijn geen verbetering in.
  • Voor kwaliteitsvolle obligaties in euro met vaste coupons, is het rendement ook laag. Obligaties in dollar geven een stuk meer rendement dan in euro.
  • Om echt rendement te genereren, dient u in aandelen te beleggen. U dient echter te beseffen dat rendement zoeken gelijk staat met risico nemen.
  1. Spaarboekje

De rente op spaarboekjes bij zo goed als alle banken flirt met het wettelijke minimum. Is er op korte termijn verbetering in zicht? Helaas niet.

De Europese Centrale Bank (ECB) zal haar beleidsrente zeker niet optrekken voor juni 2020. Pas nadien zal ze deze eventueel stilaan normaliseren, maar wetende dat de depositorente voor de banken op -0,40% ligt, moeten we ook daar niet veel van verwachten. Integendeel, de kans op een knip van 0,1% (van -0,40% naar -0,50%) in september 2019 is zelfs aanzienlijk verhoogd.

Die verschuiving van beleid en verwachtingen zien we ook aan de langetermijnrente: de Duitse tienjaarsrente daalde in juli 2019 tot bijna -0,40% en voorlopig wordt niet verwacht dat ze fors zal stijgen. Zeker in euro blijft de lange- en kortetermijnrente laag tot negatief.

Wie in cash wil blijven, heeft dus weinig (kans op) opportuniteiten. Rendement moet u niet verwachten. Bovendien verliest u aan koopkracht. De inflatie ligt al sinds 2010 een stuk hoger dan de rente op spaarboekjes.

2.Obligaties in euro

Wie rendement wil en toch zekerheid wil inbouwen, kan kiezen voor obligaties. Die worden op eindvervaldag aan nominale waarde terugbetaald (tenzij bij faillissement van de uitgever). Met dien verstande dat de rendementen op obligaties net als spaarboekjes grotendeels gelinkt zijn aan de rentecurve, met een supplement om het kredietrisico op de uitgever te compenseren. Voor kwaliteitsvolle obligaties in euro met vaste coupons, is het rendement dus laag.

Een alternatief voor obligaties kan zijn om voor gestructureerde productente kiezen waarbij het rendement gelinkt is aan de prestaties van een onderliggend beleggingsfonds of een aandelenindex. De opportuniteitskost voor dergelijke producten is behoorlijk laag. Voor wie kapitaalbescherming in euro wil (dit is van toepassing tenzij de uitgever failliet gaat) en toch een bepaald rendement wil hebben, zijn gestructureerde producten een aantrekkelijke piste.

3. Obligaties in dollar

Obligaties in dollar geven een stuk meer rendement dan in euro. We hebben het hier o.a. over kwaliteitsvolle Amerikaanse bedrijfsobligaties, met relatief korte looptijden. Wie meer risico wil nemen, kan kiezen voor obligaties uit de groeilanden. Tegenover het rendement staat een hoger risico. De verhouding risico-rendement is nog altijd correct.

Wie in dollar belegt, moet uiteraard rekening houden met het wisselkoersrisico. Volgens de vooruitzichten zal de dollar de komende 12 maanden binnen een kleine vork blijven: op veel extra rendement moet u niet rekenen, maar ook een mogelijk aanzienlijk verlies ligt niet in de lijn van de verwachtingen.

  1. Aandelen

Om echt rendement te genereren, moet u in aandelen beleggen. U dient echter te beseffen dat rendement zoeken gelijk staat met risico nemen, en u moet aandelen als langetermijnbelegging zien. Op de lange termijn kunnen de schommelingen van de aandelenmarkten worden uitgevlakt.

De economische context is momenteel nog altijd gunstig. De groei is voorbij zijn toppunt, maar nog altijd degelijk. De locomotief voor de globale economische groei, de VS, doet het nog altijd beter dan gemiddeld. En als de locomotief het goed doet, kunnen ook andere regio’s daarvan profiteren. De verwachting qua bedrijfswinstgroei is nog steeds positief, zij het een stuk lager dan voor 2018. Bovendien hebben de centrale banken de bocht naar een soepeler monetair beleid genomen, wat ook de beurzen ondersteunt.

Hoe in aandelen beleggen?

Als u in aandelen of aandelenfondsen belegt, kan het een goed idee zijn om de regionale blootstelling wat af te bouwen en de thematische blootstellingwat op te bouwen. Thematische aandelen zijn niet alleen goed voor extra spreiding, ze volgen ook niet noodzakelijk de normale economische cyclus. Mogelijke thema’s zijn veiligheid, vergrijzing, artificiële intelligentie en duurzaamheid.

Een andere strategie kan zijn om niet exclusief in aandelen te beleggen, maar te kiezen voor flexibele gemengde fondsen. Daar bouwt de beheerder zelf buffers in om het fonds te beschermen tegen al te veel volatiliteit, het kapitaal is echter niet beschermd. En uiteraard kunt u ook kiezen voor discretionair beheer, waarbij de beheerder de risicoblootstelling beheert volgens uw beleggersprofiel.

______________________________________________________

ECB effent de weg voor extra stimulans

6/8/19

De ECB heeft haar belangrijkste rentevoeten ongewijzigd gelaten. Maar ze opende de deur voor een renteverlaging in september en een herlancering van het aankoopprogramma van activa later dit jaar. Een analyse.

Samengevat :

– De ECB heeft de beleidsrente ongewijzigd gelaten, maar zinspeelde op een renteverlaging in september en een herlancering van het aankoopprogramma van activa later dit jaar.

– De ECB zei dat de inflatiedoelstelling symmetrisch is. Als de doelstelling van 2% als een gemiddelde eerder dan een plafond beschouwd wordt, zal dit waarschijnlijk in meer monetaire stimulus resulteren voor langer.

– Een soepeler monetair beleid zal de jacht op rendement in vastrentende effecten intensiveren. Daarbij kan de nadruk gelegd worden op het crossover-segment, dit is de grens tussen investment grade en high yield.

– Op tactisch vlak blijft voorzichtigheid echter geboden met Europese aandelen, aangezien het macro-economische en politieke klimaat uitdagend blijft.

  1. Wat is er gebeurd ?

Zoals verwacht heeft de ECB haar belangrijkste rentevoeten tijdens haar jongste vergadering in juli ongewijzigd gelaten. De officiële verklaring en de persconferentie herhaalden echter de bezorgdheid van de centrale bank over de gematigde inflatiedruk. Bovendien worden de economische vooruitzichten volgens Mario Draghi “steeds slechter”, vooral in de industriesector.

De drie belangrijkste boodschappen van de vergadering zijn:

– De vooruitzichten voor de rente werden versterkt. Volgens de ECB zullen haar rentevoeten waarschijnlijk “op het huidige niveau of lager blijven, ten minste tot de eerste helft van 2020”. De toevoeging van het woord “lager” opent de deur voor een renteverlaging in september. De bevoegde comités kregen de opdracht de mogelijkheid te onderzoeken van een trapsgewijs systeem dat tot doel heeft bepaalde bankdeposito’s vrij te stellen van een negatieve rente.

– De Raad van Bestuur gaf de comités van het Eurosysteem ook de opdracht de opties te onderzoeken voor de omvang en samenstelling van mogelijke nieuwe aankopen van activa. Daarom lijkt het waarschijnlijk dat het programma voor de aankoop van activa later dit jaar opnieuw zal opgestart worden.

– De ECB zei dat de inflatiedoelstelling symmetrisch is. Dit betekent dat periodes van inflatie onder het streefcijfer moeten worden gevolgd door periodes van inflatie boven het streefcijfer. Officieel heeft de ECB zich tot nu toe gericht op een inflatie van minder dan, maar bijna 2%. Als de 2% eerder als een gemiddelde dan als een maximumwordt beschouwd, zal dit waarschijnlijk langer en tot meer monetaire stimulus leiden.

  1. Hoe reageerden de markten?

De zinspeling naar een herlancering van het aankoopprogramma van activa in de verklaring van de ECB heeft de rendementen op staatsobligaties naar een nieuw diepterecord gebracht. De 10-jaarsrente van de Duitse Bund daalde tot -0,42% en de 10-jaarsrente in Frankrijk tot -0,18%. De Eurostoxx 50 steeg met 1%, terwijl de reactie buiten de eurozone markt meer gematigd was. De euro verloor aanvankelijk ongeveer 0,3% aan waarde ten opzichte van de dollar.

De obligatierendementen en de euro herstelden zich echter en beperkten eerdere verliezen tijdens de persconferentie van Mario Draghi. Omgekeerd werden de aandelenwinsten tijdens de persconferentie uitgehold doordat Mario Draghi extra ‘dovish’ communicatie vermeed.

  1. Wat betekent dit voor beleggers?

– De ECB maakt zich zorgen over de achteruitgang van de macro-economische situatie, de gematigde inflatiedruk en de lagere inflatieverwachtingen. Gezien de tamelijk sombere macrovooruitzichten en de politieke onzekerheid is het niet verwonderlijk dat de ECB verdere monetaire stimuleringsmaatregelen overweegt. Het effect ervan op de groei en de inflatie is echter twijfelachtig. Bedrijven in de eurozone zijn terughoudend om te investeren, vooral vanwege de onzekere politieke en economische vooruitzichten, niet vanwege de hoge financieringskosten. Een meer monetaire versoepeling hoeft niet te leiden tot een significante toename van de groei of inflatie.

De gevolgen voor de financiële markten zijn sterker. Veel Europese staatsobligaties hebben nu al een negatief rendement en een soepeler beleid van de centrale banken zullen de jacht op rendement in het obligatiesegment nog intensiever maken. Europese bedrijfsobligaties bieden in een dergelijke omgeving een aantrekkelijke ‘carry’[1].

Een piste die bewandeld kan worden in EUR Investment Grade is de voorkeur geven aan obligaties die  financiële instellingen uitgeven eerder dan die van niet-financiële instellingen.Voor niet-financiële obligaties zou het gewicht voor ondernemingen die in aanmerking komen voor het ECB-aankoopprogramma verhoogd kunnen worden. In het iets hogere risicosegment kunnen obligaties die op de grens van investment grade en high yield zitten (BBB- / BB+) een piste zijn voor diversificatie.

– Aan de andere kant zullen de financiële markten, ondanks de verwachting van extra monetaire stimulansen, gevoelig blijven voor volatiliteit. De aandelenmarkten lijken zich weinig zorgen te maken maar op tactisch vlak is het zaak om voorzichtig te blijven met Europese aandelen, aangezien het macro-economische en politieke klimaat uitdagend blijft.

Wat de valutamarkten betreft, blijft het neerwaartse potentieel van de euro wellicht beperkt. De Amerikaanse Fed zal later deze maand waarschijnlijk het monetaire beleid versoepelen en het rendementsverschil tussen de EUR en de USD zal dan afnemen. Daarom zal de EUR/USD-wisselkoers wellicht binnen een vork blijven evolueren.

[1]‘Carry’ is de opbrengst of kost om een actief aan te houden (to carry: ‘dragen, vervoeren’)

 

_____________________________________________

Hoe houdt u het hoofd koel in bange beursdagen? Vijf tips

2/7/2019

  1. Beleg op langere termijn, zeker als u belegt in risicovolle activa. De vuistregel: hoe meer risico u neemt, hoe langer uw beleggingshorizon moet zijn. Risicovolle activa zijn volatieler, met hogere pieken en dalen. Die grote schommelingen kunnen op de langere termijn worden uitgevlakt.
  2. Let op de fundamentals. Indien het bredere economische kader geen correctie rechtvaardigt, kan er een herstel volgen.
  3. Win informatie in, maar laat uw hoofd niet gek maken. Een groot verschil met pakweg 20 jaar geleden is de overvloed aan beursinformatie op het internet. Als belegger krijgt u vandaag de dag veel meer prikkels om beleggingsbeslissingen te nemen of te herzien. Veel beleggers zijn daardoor sneller geneigd om emoties te laten primeren op ratio.
  4. Ken uzelf. Maakt de volatiliteit van de beurzen u zenuwachtig? Hebt u de neiging om beleggingsbeslissingen te nemen waar u later spijt van hebt? Dan is het misschien beter om uw beleggingen te delegeren aan professionals, die veel minder geneigd zijn om emoties te laten spelen. Dat kan bijvoorbeeld via discretionair beheer waarbij u het beheer van uw beleggingen uitbesteed aan een expert.
  5. Wil u zelf de vinger aan de pols te houden van uw beleggingsportefeuille maar niet constant het hoofd te breken over de activa-allocatie? Dan kan u kiezen voorflexibele gemengde fondsen, waarbij de fondsenbeheerders op flexibele wijze de onderliggende activa-allocatie bepalen. Uiteraard kan u in dit geval om op het even welk moment uw keuze van fondsenbeheerder bijsturen.

________________________________________

Belegd blijven is de boodschap

11/6/2019

2018, en zeker het laatste kwartaal, was – zacht gezegd – geen fantastisch beursjaar. Behoorlijk wat beleggers dumpten hun activa. Maar wat bracht het op om het hoofd koel te houden?

Samengevat:

  • Wie zijn activa in december verkocht, heeft een groot deel van de daaropvolgende beursstijging gemist.
  • Op de lange termijn worden koersschommelingen vaak uitgevlakt, en blijft het advies: ‘blijf belegd’.

Het laatste kwartaal van 2018 bezorgde heel wat beleggers koude rillingen. De sterke daling op de beurs was eerder het gevolg van vrees voor een economische recessie en het aanhoudende handelsconflict, maar de economische fundamentals zelf gaven geen reden tot paniek.

Emoties bleken eens te meer een slechte raadgever. Wie zijn activa verkocht, heeft een groot deel van de daaropvolgende beursstijging gemist. Wie het hoofd koel hield, heeft in vele gevallen de verliezen van 2018 al (meer dan) terugverdiend.

Verkocht in 2018 – stijging gemist

Ter illustratie: de koersevolutie van de Euro Stoxx 50® tot en met 30 april 2019 (Bron: Bloomberg).


Lichtblauwe lijn:u had op 1 augustus 2018 1.000 euro belegd in de Euro Stoxx 50® en verkocht die positie op 27 december 2018.

Donkerblauwe lijn:u behield uw positie op 27 december 2018.

  • Wie zijn aandelen op 27 december 2018 verkocht, miste een stijging van 18,94%.
  • Wie op 31 oktober verkocht, miste nog altijd een stijging van 9,26%.
  • Zelfs wie op de daling van het laatste trimester anticipeerde en op 28 september verkocht (dus vóór de beurzen zwaar daalden), miste nog altijd een stijging van 2,78%.

De conclusie is telkens dezelfde: op geen enkel moment, of het nu net voor of tijdens het slechte vierde kwartaal was, heeft het geloond om te verkopen. Wie belegd bleef, heeft in de meeste gevallen het belangrijke verlies van 2018 onverhoopt snel kunnen recupereren.

Timing is (heel) moeilijk

Dat wie belegd bleef, uiteindelijk beter af was dan wie verkocht, is geen alleenstaand geval. Timing op de beurs is sowieso bijzonder moeilijk: niemand weet precies wanneer de top of de bodem bereikt is, om precies op het juiste moment te kopen of te verkopen. Emoties spelen ook een rol: vaak houden beleggers dalende activa nog een tijdje bij, om uiteindelijk toch te verkopen – net voor het moment dat de beurzen weer opveren. Op de lange termijn worden koersschommelingen uitgevlakt, en blijft het advies: ‘blijf belegd’. Want wie alles verkoopt als de beurzen sterk gedaald zijn, heeft veel kans om ook de betere beursdagen te missen.

Lange termijn

Neem nu de S&P 500-index over de periode van 1996 tot augustus 2017 (grafiek 2). Tijdens die 21 jaar was er de dotcom-bubbel, waarin zo goed als alle ICT-aandelen zware klappen kregen, én de financiële crisis van 2008, toen de index ongeveer 50% van zijn waarde verloor. En toch: wie in 1996 10.000 dollar in S&P 500-activa belegde, kreeg na 21 jaar 59.738 dollar terug: bijna een verzesvoudiging.

Ter illustratie: de prestatie van een belegging van 10.000 USD in de S&P500 tussen 2 januari 1996 en 25 augustus 2017 (bron: Bloomberg).

Sterker nog: wie probeerde te timen en daardoor de tien beste beursdagen miste, zag die winst halveren: maal 3 in plaats van maal 6. Nog altijd winst, en het is uiteraard niet erg waarschijnlijk dat iemand alletien pieken mist, maar het illustreert hoe een poging tot timing vaak nefast kan aflopen.

Blijf bij uw plan

De conclusie: blijf bij uw doelstellingen. Win informatie in, kies op basis van die informatie en uw beleggersprofiel een beleggingsstrategie en houd u aan die strategie. Zorg voor een goede spreiding, evalueer uw strategie geregeld en toets ze aan de realiteit, maar ga niet halsoverkop handelen op basis van emoties. Beleggen op de beurs is een zaak van de lange termijn.

____________________________________________

Trends in het fondsenlandschap

9/5/2019

  • Beleggen houdt altijd risico’s in. Bij dalende financiële markten kunnen beleggers verlies lijden. Flexibele gemengde fondsen kunnen het gewicht in aandelen, obligaties en liquiditeiten (cash) aanpassen in functie van actuele en verwachte marktverschuivingen. Hun focus ligt hierbij vaak op het onder controle houden van het neerwaartse risico.
  • Naast financiële aspecten, zoals bescherming en rendement, groeit ook het besef dat niet-financiële factoren zoals verantwoord beleggen, belangrijk zijn. In de beleggingswereld wordt in dit opzicht veelal gesproken over ‘ESG’, voluit Environmental (milieu), Social (maatschappij) en Governance (deugdelijk bestuur). Meer en meer fondsenhuizen gaan ook deze niet financiële factoren integreren in hun beleggingsbeleid omdat ze zien dat deze elementen een toegevoegde waarde bezorgen aan het algemeen beheer van hun fondsen.
  • Ook thematische fondsen die beleggen in aandelen rond bepaalde langetermijnthema’s winnen vandaag aan populariteit zoals robotica, artificiële intelligentie, ecologie en vergrijzing. Al is er altijd het gevaar dat het een hype is en deze kunnen even snel overwaaien als ze opkomen. Daarom dat thema’s met een groot en breed universum de voorkeur dragen.

Gaan duurzaamheid en rendement samen?

Kiezen voor een duurzaam fonds hoeft niet te betekenen dat u moet inleveren op rendement. DWS, het fondsenhuis van Deutsche Bank, concludeerde aan de hand van de analyse van meer dan 2.000 ESG-studies dat in 92% van deze studies een positief of ten minste neutrale relatie tussen ESG- en financiële prestaties vertoonde. Niet bepaald onlogisch als je nog maar denkt aan het feit dat bijvoorbeeld tevreden werknemers productiever kunnen zijn en investeringen in betere energie-efficiëntie algemene kosten kunnen doen dalen en zo de winstgevendheid van bedrijven doen stijgen.

Wenst u meer te weten over beleggen in duurzame en gemengde fondsen, dan kan u hier gratis en geheel vrijblijvend Money Expert, de fondsenspecial van het beleggingsmagazine van Deutsche Bank, aanvragen.

_____________________________________________

Actie ondernemen na de recente beursrally?

9/4/2019

De beurscorrectie eind 2018 heeft plaatsgemaakt voor een krachtige rally. Hoe kan de belegger zich in de markten positioneren? En wat zijn de mogelijkheden?

Samengevat:

– In de VS en Europa hebben de aandelenmarkten al een groot deel van de verwachte stijging voor 2019 gerealiseerd.

– Het lijkt gepast om te blijven beleggen, maar een iets defensievere positionering aan te nemen.

– Drie opties, zonder de relevantie van een thematische benadering van beleggen uit het oog te verliezen.

Nu het eerste kwartaal 2019 er bijna op zit, kunnen aandelenbeleggers globaal genomen tevreden terugblikken. De scherpe correctie van december 2018 was ons ingegeven door overdreven pessimisme omtrent de wereldwijde groeivooruitzichten en bedrijfswinsten.

Een beursrally volgde op de paniek

De correctie die eind vorig jaar een paniekgolf veroorzaakte op de beurzen, maakte kort daarop plaats voor een krachtige beursrally. De hernieuwde risicobereidheid op de financiële markten werd grotendeels aangewakkerd door twee factoren:

  • het meer inschikkelijke monetair beleidsdiscours van de Federal Reserve (Fed)
  • de hoop dat de Verenigde Staten en China weldra de strijdbijl zouden begraven gezien de vorderingen in hun onderhandelingen over het handelsverkeer

Resultaat: in de Verenigde Staten veerde de S&P 500-index liefst 19% op sinds zijn dieptepunt vlak voor Kerstmis, waardoor hij nu zelfs hoger staat dan begin 2018. In Europa wist de DJ Stoxx 600 een winst van 11,7% te boeken, waarmee hij zijn toch vrij forse verliezen van vorig jaar nagenoeg volledig goedmaakte, ondanks de minder gunstige conjunctuur en de aanhoudende politieke onzekerheid.

Blijf belegd maar neem een meer defensieve positionering aan

Fundamenteel kan men op middellange termijn vasthouden aan het opbouwend advies voor aandelen aangezien de huidige economische cyclus wel gevorderd is, maar nog niet ten einde. Vandaar is het nog steeds aangeraden om in de markt te blijven. In tactisch opzicht, dit wil zeggen op kortere termijn, vraagt het snelle en opmerkelijke herstel van de beurzen toch enige reflectie. De opportuniteiten op vlak van waardering die zich na de koersval van eind 2018 aandienden, zijn grotendeels verdwenen en een consolidatie van de winsten zou ons na de forse vooruitgang van de voorbije maanden niet abnormaal lijken. Aangezien de aandelenmarkten reeds een groot deel van de voor 2019 verhoopte stijging binnenhaalden, lijkt het aangewezen om de allocatie binnen de portefeuilles deels te herbekijken en een meer defensieve positionering aan te nemen.

3 opties voor beleggers

Concreet kan deze oefening op 3 verschillende manieren gebeuren, afhankelijk van uw risicobereidheid. Enkele opties op een rijtje, gerangschikt volgens afnemend risiconiveau:

– De 1steoptie bestaat erin te herbeleggen in een aandelenfonds dat zich richt op een defensieve sector zoals bijvoorbeeld gezondheidszorg. De vraag en de uitgaven in de gezondheidszorg blijven structureel stijgen en verwacht wordt dat de innovatie in geneesmiddelen en technologie nieuwe groeikansen zal blijven opleveren voor de medische sector.

– Een 2deoptie is kiezen voor een flexibel gemengd fonds: met deze aanpak kunt u grotendeels blijven meegenieten van een eventuele verdere stijging van de beurskoersen, maar vermindert u de risico’s in geval van een marktinzinking dankzij het actieve en flexibele beheer.

– De 3deoptie is zich richten op gestructureerde producten met kapitaalbescherming op eindvervaldag. Deze aanpak komt er in feite op neer dat u uw winst vastklikt zonder naar de toekomst toe af te zien van mogelijke meerwaarden als de beurzen er verder op vooruitgaan.

Thematisch beleggen niet uit het oog verliezen

Los van deze beschouwingen is een thematische benadering zinvol. Beleggingsthema’s op lange termijn, zoals veiligheid, artificiële intelligentie of duurzame ontwikkeling vormen megatrends die het kader van de traditionele economische cyclus overstijgen.

Voor beleggers zijn het interessante pistes om het aandelenluik in de portefeuilles verder te diversifiëren, terwijl ze op lange termijn uitzicht bieden op meerwaarde.

_____________________________________________

Welke beleggingshorizon past het best bij mij?

8/3/2019

Samengevat

  • Uw beleggingshorizon hangt af van het beleggingsproduct, uw financiële doelstellingen en uw leeftijd.
  • Hoe vroeger u met beleggen start, hoe hoger het potentieel rendement u mag verwachten.

Uw buurman zegt 3 jaar, in de krant leest u 5 jaar en uw toenmalige leraar economie vertelde u dat 10 jaar de norm is. Wie heeft nu eigenlijk gelijk?

Wel, ze kunnen alle 3 gelijk hebben… De ‘ideale’ periode om een belegging aan te houden hangt namelijk van verschillende factoren af.

  1. Het beleggingsproduct zelf

De algemene regel is: hoe risicovoller het product, hoe langer de beleggingshorizon. Een langere beleggingshorizon is immers nodig zodat uw belegging zich kan herpakken nadat de beurs minder presteerde.

Belegt u in individuele aandelen? Dan raadt men een horizon van minstens 10 jaar aan. Als u enkel in aandelen belegt, is niet alleen een lange horizon belangrijk. Uw geld voldoende spreiden over verschillende aandelen, regio’s en sectoren is dat evenzeer. Hiervoor zijn fondsen vaak een slimmer alternatief.

Voor fondsen rekent u best op een horizon van minimum 5 à 8 jaar. Veel hangt af van het fonds zelf. Elk fonds hanteert namelijk een eigen strategie en risicobeleid. Voor fondsen met een hogere risicoscore (een score van 5, 6 of het maximum van 7 op de risicoschaal – vaak aandelenfondsen en dynamische gemengde fondsen) hanteert u best een langere horizon.

Uiteraard zijn er ook uitzonderingen op de algemene regel. Obligaties en gestructureerde producten hebben namelijk doorgaans een vervaldatum. Koopt u een obligatie met een looptijd van 5 jaar, of koopt u eentje van 15 jaar? Dan zal uw beleggingshorizon er helemaal anders uitzien indien u de obligatie de hele looptijd wil houden. Bij bepaalde verzekeringsproducten zoals een tak 21 en tak 23-belegging hangt uw horizon ook sterk af van uw pensioenplannen en leeftijd.

  1. Uw eigen financiële doelstellingen

Wilt u volgend jaar een huis kopen? Of begint uw dochter straks aan haar studies architectuur (5 jaar)? Dan kunt u het geld dat u hiervoor wil aanboren beter niet risicovol beleggen. Over een relatief korte periode (bijvoorbeeld 5 jaar) kunnen risicovolle activa immers sterk schommelen.

Als u uw geld op een specifieke datum binnen een relatief korte termijn nodig heeft, kiest u beter beleggingen met bescherming of zonder risico. Heeft u een heel lange beleggingshorizon (zoals bv. tot uw pensionering), dan kan u wel voluit de kaart trekken van risicovolle activa zoals gemengde fondsen of zelfs aandelenfondsen. Nadert u later uw pensioenleeftijd, dan heeft u alle tijd om stap voor stap over te schakelen naar beleggingen met bescherming of zonder risico.

Bent u tevreden met een rendement dat een beetje lager ligt, indien het risico hierdoor vermindert? Dan kan u uw beleggingshorizon relatief kort houden. Heeft u een hoger rendement voor ogen? Dan opteert u best voor een langere beleggingshorizon.

3. Uw leeftijd

Hoe jonger u bent, hoe meer tijd u heeft om een hoger beleggingsrendement na te streven. Maar in de praktijk houden mensen op jongere leeftijd net het minst over van hun inkomen. Omdat ze bijvoorbeeld alleen of samen gaan wonen, eventueel aan gezinsuitbreiding doen of vastgoedplannen hebben.

Op jonge leeftijd is het dus een kwestie van goed afwegen. Hoe vroeger u echter met beleggen kunt starten (kapitalisatie-effect), hoe hoger het potentieel rendement u mag verwachten. De volgende simulatie maakt dat duidelijk:

  • Carla (30) belegt elke maand 100 euro via een periodiek beleggingsplanin een beleggingsfonds en dat doet ze 15 jaar lang. In totaal zal ze 18.000 euro belegd hebben. Daarna stopt ze met maandelijks geld te storten, maar ze laat de beurs wel nog 10 jaar lang met haar belegging werken. Op haar 55e zal haar kapitaal 43.312,88 euro bedragen bij een gemiddeld rendement van 5 procent per jaar.
  • Karel (40 jaar) belegt ook maandelijks 100 euro via een periodiek beleggingsplanin een beleggingsfonds. Dat doet hij net als Carla 15 jaar lang, dus ook voor een totaalbedrag van 18.000 euro. Na 15 jaar verkoopt hij zijn beleggingen om een oldtimer te kopen. Op zijn 55e zal zijn kapitaal 26.590,35 euro bedragen bij een gemiddeld rendement van 5 procent.

Carla en Karel beleggen elk 18.000 euro: Carla gedurende 25 jaar en Karel gedurende 15 jaar. Op langere termijn mag Carla bij eenzelfde jaarlijks gemiddeld rendement een hoger rendement verwachten.

Beleggen op lange termijn doet u dus niet alleen om pieken en dalen op de beurs uit te vlakken. U doet het dus best ook voor het rendement. 10 jaar langer met hetzelfde bedrag beleggen levert in de bovenstaande simulatie 16.722,53 euro meer op.

Op oudere leeftijd kan het voor velen aangewezen zijn om defensiever te beleggen. U houdt dan bv. beter een iets hogere positie in spaargeld aan, voor bijvoorbeeld onverwachte gezondheidsuitgaven of als de beurs minder goed presteert. U dient er immers ook rekening mee te houden dat een volledig beursherstel meestal enkele jaren duurt.

_____________________________________________

Hét juiste instapmoment voor uw beleggingen kiezen

6/2/19

Voor een optimaal rendement dient u op het juiste moment in te stappen en uit te stappen. Maar wanneer is nu dat ‘juiste’ moment? En hoe vermindert u het risico van een heel slechte timing?

Samengevat:

  • Voor uw beleggingen zult u altijd rekening moeten houden met onvoorziene omstandigheden. Als schrik om de juiste timing u weerhoudt, dan is periodiek beleggen een optie.
  • Door periodiek te beleggen, belegt u elke maand een klein stuk van uw belegbaar vermogen. Zo voorkomt u dat u al uw belegbaar vermogen ‘te vroeg’ of ‘te laat’ belegt.
  • Behalve in de tijd spreiden, is het ook belangrijk om uw eigenlijke beleggingsinstrumenten te spreiden. Ook daarvoor bestaan oplossingen.
    Handelsspanningen, monetaire politiek van de centrale banken, brexit … Wacht ik niet beter tot het wat rustiger wordt?

Onzekerheden zijn van alle tijden en dus ook onlosmakelijk verbonden aan beleggen. Er zullen altijd verkiezingen zijn. Geopolitieke machtsverhoudingen zullen blijven verschuiven. Enzovoort. U zult voor uw beleggingen altijd rekening moeten houden met onvoorziene omstandigheden. En u zult ook bereid moeten zijn om met schommelingen om te gaan. Maar gebeurtenissen die u vandaag weerhouden om te beleggen, kunnen morgen slechts een voetnoot in de geschiedenis zijn. Want net door te wachten en te blijven wachten, kunnen er opportuniteiten ontglippen.

Als u op heel lange termijn kijkt, dan gedragen aandelen en obligaties zich nochtans relatief voorspelbaar. Hoewel de markten de voorbije decennia heel wat pieken en dalen tonen, ziet u wel een duidelijk stijgende lijn op de lange termijn. Credit Suisse onderzoekt elk jaar hoe verschillende spaar- en beleggingsformules het deden sinds 1900[1], en dat op basis van hun reëel rendement. Aandelen zouden een winst genereren van 6,5% per jaar – alle beurscrisissen zoals de crash van 1929 meegerekend. Obligaties zouden jaarlijks 2% winst hebben gemaakt. Een spaarrekening 0,8%.

  1. Is het vandaag te laat/te vroeg/net gepast om te beginnen met beleggen?
    Een spaarboekje brengt momenteel niets op. Integendeel: door de inflatie daalt de koopkracht van uw spaargeld. Dat zal de komende jaren wellicht niet snel veranderen. Beleggen – als u maandelijks geld opzij kunt zetten, geen vastgoed- of andere plannen hebt en u een hoger risico aanvaardt – hoeft niet direct met grote bedragen. Eerst jarenlang het kapitaal bij elkaar sparen en dan pas beleggen levert trouwens doorgaans minder op dan meteen te beleggen.

Als schrik om de juiste timingu weerhoudt, dan is periodiek beleggen een optie. U stopt dan elke maand of elk kwartaal een bedrag in een beleggingsfonds. Zo voorkomt u dat u al uw belegbaar vermogen ‘te vroeg’ of ‘te laat’ belegt. Het is wel belangrijk dat u die regelmaat aanhoudt. Ook als het minder goed gaatop de beurs. Het omgekeerde geldt evenzeer: in euforie achter de markt aanlopen en er dan extra veel geld in pompen, is ook geen goed idee.

Naast het timingaspect, is er namelijk ook het emotioneel aspect van beleggen. Hoewel beleggers soms denken dat ze puur rationeel handelen, zie je in de praktijk dat velen de neiging hebben om in te stappen na een periode van stijgingen om uit te stappen na een periode van daling. Dit gedrag kost op lange termijn een flink stuk rendement.Door periodiek te beleggen – en die regelmaat aan te houden – vlakt u ook het risico uit dat u uw beslissingen vooral op sentiment baseert.

  1. Valt er iets te vinden voor beleggen op korte termijn?

Mensen trekken soms naar de beurs met het idee om op korte termijn snel rijk te worden. Om daarin te slagen, moet u keer op keer op het juiste moment kopen en verkopen. De wind kan deze speculanten misschien eventjes in de rug zitten, maar op lange termijn zal de realiteit hen inhalen. Risicovolle beleggingsproducten hebben vaak een aangeraden beleggingshorizon van 5 jaar of langer. Daarom zijn ze niet geschikt voor de korte termijn.Gaat u toch voor de korte termijn, dan zijn spaarboekjes of kwalitatieve obligaties in euro een piste. Maar in beide gevallen is de verwachte opbrengst heel miniem.

Beleggen op lange termijn is dus de boodschap voor wie een zeker risico wenst te nemen. Spreiding is daarbij een sleutelbegrip. Uw belegbaar vermogen dus niet in één keer beleggen, maar spreiden over de tijd. Dat kunt u bijvoorbeeld door periodiek te beleggen. Maar behalve in de tijd spreiden, is het ook belangrijk om ook uw eigenlijke beleggingsinstrumenten te spreiden. Wil u in aandelen beleggen? Dan belegt u beter niet in individuele aandelen, maar in aandelenfondsen. Zo’n fonds overkapt doorgaans tientallen tot zelfs honderden verschillende aandelen. Op die manier spreidt u het risico als een of meerdere aandelen het bijvoorbeeld minder doen. Hetzelfde geldt voor obligaties: obligatiefondsen met een goede spreiding zijn meestal een veiligere keuze.
Kiest u dan best voor aandelen- of obligatiefondsen? Als die vraag u weerhoudt om te beleggen, dan zijn flexibele gemengde fondsen een interessante keuze. Aandelenfondsen beleggen in aandelen en obligatiefondsen beleggen in obligaties. Bij een flexibel gemengd fonds geldt die beperking niet. In dat geval bepaalt de professionele beheerder van het fondsof hij meer de nadruk legt op aandelen of obligaties. Verwacht hij bijvoorbeeld onweer op de markten, dan is hij vrij om aandelenposities af te bouwen en zijn cashpositie op te krikken. Met een flexibel gemengd fonds hoeft u zich geen zorgen te maken hoeveel u op welk moment moet beleggen in aandelen of obligaties en in welke producten. U laat het beheer over aan een professional die over de emoties in de markten heen kan kijken.

[1]‘Credit Suisse Global Investment Returns Yearbook 2018’ (Elroy Dimson, Paul Marsh, Mike Staunton), februari 2018. De volledige studie is beschikbaar (pdf) op www.credit-suisse.com/media/assets/corporate/docs/about-us/media/media-release/2018/02/giry-summary-2018.pdf

 

_____________________________________________Zijn de markten zich aan het aanpassen aan de realiteit?

9/1/2019

Het beursjaar 2018 eindigt met een sterke daling. De markten lijken zich meer te focussen op risico’s (geopolitiek, het einde van het soepel monetair beleid van de centrale banken, etc.) dan op de nog steeds solide economische fundamenten. Wat moet de belegger verwachten?

Samengevat:

  • Financiële markten hebben het zwaar te verduren eind 2018
  • Een Amerikaanse of mondiale recessie wordt niet verwacht in 2019
  • De reactie van de markt lijkt overdreven, maar er moet op worden toegezien dat de perceptie geen realiteit wordt.

2018 lijkt te eindigen op een hobbelige noot. Recente dalingen hebben ervoor gezorgd dat de Dow Jones en S&P 500 sinds begin 2018 een duidelijk negatieve prestatie optekenen(respectievelijk -7,0% en -7,5%; alle cijfers in dit artikel gaan van 01/01/2018 tot en met 20/12/2018)). Met Europese aandelen is het nog slechter gesteld, met de Stoxx Europe 600 13,5% lager sinds begin 2018. Azië was niet immuun voor deze evolutie, waarbij China’s CSI bijvoorbeeld daalde met 23,9%.

Hogere volatiliteit, een rode draad doorheen 2018

Begin2018 waren hogere niveaus van volatiliteit te verwachten in een laatcyclische omgeving en werd er gewaarschuwd dat portefeuilles bijgesteld moesten worden om dit te anticiperen Ondanks de volatiliteit en aanhoudende politieke zorgen zou de wereldwijde groei de overhand nemen: in de zin van “groei overtreft de geopolitiek”. Gedurende het grootste deel van dit jaar was dit duidelijk het geval en zelfs nu is het economische momentum sterk in de VS en elders, voldoende om de renteverhoging door de Fed uit te lokken. Maar is het beleggingsverhaal nu desondanks fundamenteel aan het veranderen?

De markten evolueren eerder op het ritme van de risico’s dan op dat van de fundamentals

Markten worden altijd gedreven door verwachtingen over de toekomst. En op dit moment kiezen markten er duidelijk voor om zich te concentreren op weerbarstige geopolitieke kwesties. Het gaat hierbij vooral over de handelsspanningen tussen China en de VS, maar ook over politieke kwesties in Europa en elders. Elke beoordeling van dit soort problemen kan worden beïnvloed door informatie van voorbijgaande aard of door ongefundeerde hoop op een toekomstige richting – wat betekent dat visies snel kunnen veranderen en bijgevolg markten destabiliseren.

Zullen de markten nu bezwijken voor pessimisme door een toekomstige recessie in te prijzen? Bekijk zowel aandelen als de olieprijs. Voor aandelen hebben de recente koersdalingen, afgezet tegen de huidige inkomsten, de koerswinstverhoudingen zodanig verlaagd (S&P 500: 17% sinds begin 2018), dat dit meestal alleen gezien wordt rond recessies (mediaan van 25%). Op de oliemarkt waren zelfs kleine neerwaartse bijstellingen van de vooruitzichten van de vraag naar olie voldoende om de prijzen scherp omlaag te duwen, omdat beleggers aan een situatie van aanhoudend overaanbod van olie denken.

Er wordt geen recessie verwacht

Een Amerikaanse of mondiale recessie wordt nog steeds niet verwacht in 2019. Wat de recente macro-economische gegevens betreft, is het Amerikaanse groeiverhaal nog steeds overtuigend.We zien geen van de klassieke indicatoren van een dreigende recessie, zoals een stijging van het aantal ontslagen. Het totale arbeidsinkomen – een goede voorspeller van de consumentenbestedingen – blijft groeien met ongeveer 5% per jaar. De groei van het bbp is duidelijk minder krachtig in andere ontwikkelde markten,maar de inkoopmanagersindexen (PMI) van de meeste economieën blijven boven de drempel van 50 procent. Krappe arbeidsmarkten en lage werkloosheidscijfers ondersteunen ook de groei van de particuliere consumptie, zelfs in economieën met een lage groei van het bbp.

Een situatie om van dichtbij opgevolgd te worden door beleggers

Een aanhoudende hoge marktvolatiliteit kan de groei afremmen door investerings- of consumptiebeslissingen te ontmoedigen, maar het lijkt onwaarschijnlijk dat deze de groei in het rood zal duwen. In een dergelijke omgeving is het echter wel van cruciaal belang dit in de gaten te houden. Met name de neerwaartse winstgroeiherziening voor 2019 (voor de MSCI AC World) is versneld gedaald van -0,1% in oktober naar -0,9% in november. Hoewel de winstgroei solide zou moeten blijven, zou deze onder het recente niveau kunnen blijven.

Waakzaam blijven alvorens gerustgesteld te worden?

Samengevat, kunnen de marktbewegingen van de laatste weken gewoon een aanpassing aan een nieuwe waargenomen realiteit geweest zijn– maar dergelijke vaststelling zou wel eens overdreven pessimistisch kunnen zijn. We moeten erover waken dat deze perceptie niet in realiteit wordt omgezet. Om in 2019 de markten te zien stabiliseren, hebben we waarschijnlijk bewijzen nodig dat de bedrijfswinsten in grote lijnen in overeenstemmingzijn met de verwachtingen evenals enkele bijkomende aanwijzingen van beleidsmakers dat de centrale bankenbereid zullen zijn om het beleid zo nodig aan te passen aan de economische groei. Dit zijn belangrijke voorwaarden waaraan moet worden voldaan, maar we verwachten op beide gebieden geruststelling.

______________________________________________________________

Waarom zijn de markten beducht voor een rentestijging?

6/12/2018

Tot tweemaal toe dit jaar werden de beurzen wereldwijd aan het wankelen gebracht door de plots stijgende rente. En telkens vond die stijging eerst plaats in de Verenigde Staten, om zich vervolgens uit te breiden naar de rest van de wereld.
Samengevat:

  • De rente stijgt als gevolg van de stijgende inflatie en het einde van buitengewone steunmaatregelen door de centrale banken.
    • Een stijging van de rentetarieven betekent niet noodzakelijkerwijs minder goede bedrijfsresultaten.
    • Door de volatiliteit van de aandelenmarkten kiezen sommige beleggers al voor obligaties. Maar een structurele stap in die richting is nog niet zichtbaar.

Wat geeft de aanzet voor rentestijgingen?

De obligatierente laat nu al bijna 40 jaar een geleidelijke daling optekenen. De evolutie bereikte recentelijk haar dieptepunt als gevolg van de financiële crisis van 2008. Om de economie terug op het goede spoor te krijgen opteerden de grote centrale banken voor een ongekend en ultra-accommoderend beleid.Dat ging gepaard met verlagingen van de beleidsrente en liquiditeitsinjecties die de obligatierente deed terugvallen tot historisch lage of zelfs negatieve niveaus.

De centrale bankiers tonen zich vandaag tevreden omdat ze met hun beleid het wankele vertrouwen een duw in de rug hebben gegeven, de wereldwijde groei weer op de sporen gekregen hebben en de financiële markten fors ondersteund hebben. De rente is ondertussen opnieuw aan het stijgen, maar niet overal en niet met dezelfde intensiteit. De afgelopen tien jaren daalde de rente als gevolg van de economische crisis en de tussenkomsten van de centrale banken. Vandaag stijgt ze door de aantrekkende inflatie en het einde van de uitzonderlijke maatregelen van de centrale banken.

Is een rentestijging slecht nieuws voor de economie?
Wie rentestijging zegt, zegt duurdere kredieten, zowel voor bedrijven als gezinnen. De eerste reactie van de markten op een rentestijging is dus veeleer negatief omdat de aandelenbeleggers moeilijkere tijden zien aankomen. Nochtans leidt een rentestijging niet noodzakelijk tot slechtere bedrijfsresultaten. Hogere rentevoeten wijzen doorgaans op een goed vormpeil van de economie en dus betere winstvooruitzichten voor de bedrijven.

Alles is echter een kwestie van timing, renteniveaus en intensiteit van de stijging. Te hoge inflatieverwachtingen zouden de rentevoeten doen stijgen en zouden de centrale banken verplichten om het monetair beleid te verstrakken, wat een economie zou kunnen verstikken. Een trapsgewijze rentestijging (ons scenario) zou daarentegen lichter “verteerbaar” zijn. Zo kondigde de Fed op 28 november aan dat de beleidsrente dicht bij haar neutrale niveau zit, wat ons scenario bevestigt.

Welke impact, en op welke activaklassen?

Aandelen:de rente zou moeten stijgen omwille van de voortgezette economische groei en de geleidelijke normalisatie van de monetaire politiek. Deze vaststelling, in combinatie met solide bedrijfsresultaten, is ondersteunend voor de aandelenmarkten. Daarom zou de impact van de rentestijging, die weliswaar ook gepaard gaat met een hogere volatiliteit op de beurzen, beperkt moeten blijven. Bovendien blijft het dividendrendement in Europa een stuk hoger dan het obligatierendement. Het algemene renteniveau zou dus serieus moeten stijgen vooraleer obligaties voor meer concurrentie zorgen ten opzichte van aandelen en zo op de beurskoersen wegen.

Obligaties:rendementen en prijzen van obligaties evolueren in omgekeerde richting, een rentestijging heeft dus een negatieve impact op de waarde van obligaties in portefeuille. Maar aangezien obligaties op vervaldag aan nominale waarde terugbetaald worden, realiseert de belegger geen verlies, tenzij hij voor vervaldag verkoopt aan een prijs lager dan de nominale waarde. Voor nieuw uit te geven obligaties zal een hogere coupon aangeboden worden, waardoor deze opnieuw interessanter kunnen worden. De rente in euro is echter nog steeds extreem laag, zodat voorlopig weinig beleggers de weg terug naar obligaties zullen vinden. Daarenboven dekt de geboden rente nauwelijks of niet de inflatie waardoor de belegger wel aan koopkracht verliest.

Naarmate de rente hogere regionen opzoekt, en naarmate een bepaalde drempel overschreden wordt, die voor ieder individu anders is, zullen meer beleggers de overstap maken van risicovol naar meer veilig beleggen. De toegenomen volatiliteit op de aandelenmarkten doet beleggers al eens twijfelen om die omslag nu al te maken, een structurele beweging van aandelen naar obligaties zien we echter nog niet.

_____________________________________________

Hoe navigeren tussen angst en kansen?

12/11/2018

Volatiliteit zal de financiële markten blijven beïnvloeden, al mag dat u niet afschrikken om geïnvesteerd te blijven. Een actuele doorlichting van de financiële markten.

Samengevat:

  • Aandelen blijven de voorkeur genieten boven obligaties.
  • De aversie bij beleggers voor groeilanden heeft de waarderingen van hun aandelenmarkten een stuk aantrekkelijker gemaakt.
  • Flexibele gemengde beleggingsfondsen gaan door een turbulente periode. Niettemin blijven ze best de kern van een beleggingsportefeuille uitmaken.

De aandelenmarkten vinden dit jaar moeilijk de weg omhoog. Ze worden ook gekenmerkt door een grotere volatiliteit.

Deze is een typisch fenomeen van de late fase waarin de economische cyclus zich nu bevindt. Komt daarbij dat de Amerikaanse centrale bank de rente aan het optrekken is. Dat zal een einde maken aan een lange periode van goedkoop geld.

De volatiliteit biedt kansen voor attente beleggers. Vandaar dat aandelen de voorkeur blijven genieten boven obligaties. De rente blijft relatief laag, en de bedrijfswinsten zitten nog steeds in de lift.

  1. Aandelen – VS

De Amerikaanse beurzen surfen nog altijd op een positief elan. Dit jaar werden opnieuw records neergezet. De economische groei is er hoger dan in de andere grote ontwikkelde landen, en de bedrijfsresultaten zijn er uitstekend. Ook de vooruitzichten voor Amerikaanse aandelen blijven positief.

De verwachtingen voor de bedrijfsresultaten liggen hoog, maar de Amerikaanse bedrijven hebben een erg sterke reputatie wat betreft het waarmaken of zelfs overtreffen van die verwachtingen. Niettemin zijn er enkele onzekerheden, zoals het sluimerende handelsconflict – dat tot nu toe maar een beperkte impact had op de Amerikaanse beurzen – en de komende parlementsverkiezingen.
2. Aandelen – eurozone

In de eurozone eiste het handelsconflict en de hetze in Italië zijn tol op de aandelenmarkten. Vooral de bankaandelen – die in de aandelenindex zwaar doorwegen – deden het niet goed. De sterk presterende technologie-aandelen hebben daarentegen maar een gering gewicht in de index. Het is wachten op een ommekeer voor aandelen uit de eurozone. Die kan er komen als het handelsconflict wat afkoelt – erg belangrijk voor een open economie als de eurozone.
3. Aandelen – groeilanden

De appetijt voor aandelen uit de groeilanden is geslonken. Dat is een gevolg van de crisis in landen als Turkije en Argentinië. De groeilanden zijn echter een erg heterogene groep, en het kind mag niet met het badwater weggegooid worden. Veel groeilanden zijn vandaag financieel sterker dan tijdens de vorige crisis.

De aversie bij beleggers voor groeilanden heeft de waarderingen van hun aandelenmarkten een stuk aantrekkelijker gemaakt.
4. Obligaties

Het rendement op bedrijfsobligaties van goede kwaliteit in euro blijft verwaarloosbaar. Bent u als belegger vooral op zoek naar kapitaalbescherming? Dan zijn financiële producten waarvan het kapitaal is beschermd maar de coupon afhangt van de prestatie van een onderliggende index of beleggingsfonds mogelijk interessante opties.

Wie op zoek is naar rendement in obligaties kan kiezen voor obligaties uit de groeilanden, die een correcte vergoeding bieden voor het hogere risico. Die rendementen werden ook een stuk aantrekkelijker na de tegenvallende prestaties van de jongste maanden. Ook hier is wel selectiviteit geboden.

  1. Flexibele gemengde fondsen

Flexibele gemengde beleggingsfondsen gaan momenteel door een turbulente periode. De financiële markten (aandelen, obligaties) zetten erg verschillende prestaties neer, en ook binnen de aandelen zijn er grote verschillen tussen de regio’s en sectoren. Elk fonds is op zijn eigen manier flexibel, waardoor de prestaties van deze fondsen op korte termijn sterk kunnen uiteenlopen. Niettemin kunnen deze flexibele gemengde fondsen de kern van de beleggingsportefeuille blijven uitmaken. Een ruime diversiteit aan beheerstrategieën en -stijlen die elkaar goed aanvullen, is dan wel aangewezen. Kortom, gezien de volatiliteit is het niet eenvoudig om aan- en verkopen goed te timen. Zeker indien men zich zou laten leiden door emotionele argumenten. Handelen op basis van emoties kan leiden tot verliezen.

_____________________________________________

Het wel en wee van 10 jaar ECB

8/10/2018

Is 0,11% rente op het spaarboekje het nieuwe normaal? Een terugblik op 10 jaar monetair beleid van de Europese Centrale Bank, en een vooruitblik.

Samengevat:

  • 10 jaar na de financiële crisis heeft de Europese Centrale Bank (ECB) het landschap voor Belgische spaarders en beleggers aardig hertekend.
  • Ontdek welke impact de gebeurtenissen van de afgelopen 10 jaar op uw rendement van morgen hebben.

In 2008 nam de Europese Centrale Bank (ECB) buitengewone maatregelen. Die waren nodig als reactie op de bankencrisis die Europa in het hart trof. De subprime-crisis die in de VS was ontsproten, had zich verspreid via toxische producten die op de balansen van de meeste Europese banken stonden.

  1. De Europese Centrale Brandweer

Na de eerste schokgolven, met onder meer het faillissement van de Amerikaanse investeringsbank Lehman Brothers, viel de interbancaire markt in 2008 zo goed als stil. Banken wilden geen geld meer aan elkaar uitlenen. De ECB besloot daarom al snel om de banken een onbeperkte hoeveelheid geld uit te lenen aan een vaste rente. Zo nam ze een stuk de rol van de interbancaire markt over.

  1. Van 3,75% rente naar 1% en terug naar 1,5%

De koers waartegen banken geld konden ontlenen, zakte tot 1% in mei 2009 (in najaar 2008 was dit nog 3,75%). Ondertussen had de Europese economie de ergste recessie meegemaakt sinds het interbellum. Alles wees er op dat consumentenprijzen eerder snel zouden dalen in plaats van stijgen. De beleidsrente bleef bijna twee jaar op 1% vastgenageld.

Rond die periode maakte de ECB waarschijnlijk haar enige fout. Hoewel de bankencrisis in de eurozone stilaan overvloeide naar een staatsschuldencrisis, focuste de ECB zich vooral op haar mandaat om de inflatie te beheersen. Vanaf het voorjaar van 2011 bedroeg de inflatie echter meer dan 2,5%. Dit leidde ertoe dat de ECB haar beleidsrente twee keer verhoogde tot 1,50%. Dat bleek een vergissing.

  1. Een nieuwe ECB-voorzitter, een nieuwe reeks renteverlagingen

Vlak na zijn aantreden in november 2011 gaf Mario Draghi het startschot voor nieuwe renteverlagingen in de eurozone. Aangezien de inflatie begon te dalen, totdat er uiteindelijk een dreigende deflatie ontstond (een blijvende prijsdaling), verlaagde de ECB de volgende vijf jaar de rente uiteindelijk tot 0%.

  1. Daar is de negatieve rente

Hoewel een beleidsrente van 0% ongezien was in de eurozone, ging de ECB midden 2014 nog een stapje verder. Om banken te dwingen geld uit te lenen aan bedrijven en particulieren, lanceerde de ECB een negatieve rente op geldoverschotten die banken bij de ECB parkeerden. Dat had tot gevolg dat banken moesten betalen om ongebruikt geld bij de ECB te stallen. Deze depositorente werd eerst vastgeprikt op -0,10% in juni 2014 om uiteindelijk in het voorjaar van 2016 te zakken tot -0,40%. Dat niveau is vandaag nog steeds van kracht.

  1. Opkoop van staatsobligaties

In de zomer van 2012 bereikte de schuldencrisis in Europa zijn hoogtepunt. De rente op staatsobligaties nam gestaag toe: in Ierland en Portugal klom de 10-jarige rente op nieuwe staatsobligaties boven de 10%. In Griekenland zelfs tot 30%. Die hoge rente werd onhoudbaar en de fundamenten van de eurozone vertoonden al kleine barsten. De ECB schoot de eurozone opnieuw te hulp. Ditmaal met de lancering van een gloednieuw wapen: het massaal opkopen van staatsobligaties uit de hele eurozone.

  1. “Whatever it takes”

In juli 2012 leverde de ECB-voorzitter in London zijn beroemdste toespraak af. Daar verklaarde hij dat de ECB er ten alle koste (whatever it takes)alles aan zou doen om de eurozone te redden. Op de financiële markten werd het self fulfilling-effect meteen zichtbaar: beleggers kochten opnieuw Europese schuldpapieren en de rente begon te dalen.

Hoewel de belofte om obligaties op te kopen aanvankelijk soelaas bracht, moest de ECB in 2015 nog fors optreden. Het deflatiespook dreigde op dat moment harder dan ooit. De ECB besloot daarom om niet alleen druk te zetten op de kortetermijnrente, maar ook op de langetermijnrente, via de aankoop van staatsobligaties met een looptijd van minstens 2 jaar. De maatregel werkte: op alle markten zakten de tarieven. Maar het duurde echter tot het najaar van 2016 voordat de inflatie uiteindelijk boven de 0,5% piepte, na meer dan twee jaar te hebben geflirt met de deflatiedrempel.

  1. To bubble or not to bubble

Hoewel de ECB puik huiswerk afleverde, is het beleid ook fors bekritiseerd. Haar beleid is eveneens een potentiële bron van speculatieve bubbels, met name op de vastgoed- en aandelenmarkten. De heel lage rente moedigde mensen aan om hypotheken te nemen en dreven beleggers tegelijk in de richting van aandelen. In een klimaat van lage rente bieden aandelen immers een mooier perspectief op rendement dan obligaties. De ECB verdedigde zich op deze kritiek door met enkele studies te zwaaien. Daaruit bleek dat bij gebrek aan aankopen van obligaties de inflatiesituatie slechter zou zijn geweest dan nu.

  1. Ondertussen op uw spaarboekje…

Hoe u het ook bekijkt, de afgelopen jaren had het beleid van de ECB een groot effect op alle Belgen. Terwijl u voor 2008 op gereglementeerde spaarrekeningen soms meer dan 3% rente kreeg, is dat op de meeste gezakt tot 0,11%. Hetzelfde geldt voor kasbons, obligaties en termijnrekeningen: alle vastrentende beleggingen zagen hun opbrengsten verdampen. Om toch een zeker rendement te halen, is het nu noodzakelijk om risico’s te nemen, bijvoorbeeld door te beleggen. Dit hebben veel beleggers ook gedaan, wat de aandelenindexen de afgelopen jaren de hoogte heeft ingestuwd.

  1. Wat brengt de toekomst?

Vandaag leunt de inflatie in de eurozone bijna tegen de 2% aan, wat ook de doelstelling van de ECB is. Maar het is afwachten of de prijsstijgingen van blijvende aard zijn. Toch kan de ECB het zich stilaan veroorloven om een deel van de ondersteunende maatregelen af te bouwen. Ondertussen heeft de ECB haar obligatie-aankopen verminderd en zal ze die in principe voor het einde van het jaar volledig stopzetten.

Een eerste renteverhoging wordt echter niet verwacht voor de zomer van 2019. Bovendien duurt het gewoonlijk lange tijd eer het monetaire beleid zijn stempel drukt op de hele rentecurve. En dat betekent dus ook dat de forse rentestijgingen op gereglementeerde spaarrekeningen en andere populaire beleggingen nog niet voor morgen zullen zijn.

_____________________________________________

Een regelmatig inkomen uit uw kapitaal verkrijgen? Een handleiding

14/9/2028

Net een woning verkocht, een pensioenkapitaal ontvangen of een grote som geërfd? Dan kunt u dit vermogen aanwenden om een regelmatig inkomen te genereren. Lees onze analyse.

Naarmate u de pensioenleeftijd nadert, zal uw financieel plaatje er anders beginnen uitzien. De reden is simpel: na uw pensioen zal uw inkomen wellicht drastisch dalen (zie kader). Om uw levensstandaard te kunnen handhaven, is het nodig om tijdens uw loopbaan uw financiële reservesaan te leggen.

Door de aanvullende pensioenspaarregelingen van de tweede pijler (via uw werkgever) of derde pijler (privé) krijgt u wellicht een mooi bedrag als u met pensioen gaat. Maar is dat wel voldoende? En wat kunt u nu precies doen met dit geld dat u van uw groepsverzekering of levensverzekeringsfonds ontvangt? Hoe kunt u ermee een zeker rendement behalen?

Sparen: geen risico, maar…

De eerste stap die u kunt overwegen is de gereglementeerde spaarrekening. In België zijn de voordelen van het spaarboekje talrijk. Ten eerste vallen deze rekeningen onder de wettelijke depositobescherming van 100.000 euro per volmachtshouder en per financiële instelling. Sparen is momenteel dan ook de veiligste keuze. Ten tweede is de eerste schijf rente van 960 euro (inkomstenjaar 2018), per jaar en per belastingplichtige vrijgesteld van de roerende voorheffing van 30%. Daarom is het ook een ​​fiscaal interessante oplossing. Tot slot is een spaarrekening heel liquide: indien nodig is uw geld onmiddellijk beschikbaar.

Drie grote voordelen dus. Maar er is één (heel) groot nadeel: de historisch lage rente. Die is momenteel zo laag dat een gereglementeerde spaarrekening nauwelijks rendementoplevert. En zeker onvoldoende rendement om in een betekenisvol, regelmatig inkomen te voorzien. Om extra rendement en inkomsten te krijgen, zal u dus een zeker risico moeten nemen.

Gestructureerde producten: een strategie op maat

Indien ze passen bij uw beleggersprofiel en uw risicotolerantie, kunnen sommige gestructureerde producteneen oplossing zijn. In de meeste gevallen zijn dit schuldinstrumenten waarvan de opbrengst afhangt van een vooraf bepaald scenario. Het rendement kan bijvoorbeeld gekoppeld worden aan de evolutie van een beursindex, een fonds of een korf van fondsen, een rentevoet of zelfs inflatie. Vaak wordt het rendement uit zo’n product uitgekeerd onder de vorm van een jaarlijkse coupon (zoals bij gewone obligaties) of in een eenmalige coupon op het einde van de looptijd van het product. Deze coupons zijn evenwel onderworpen aan de roerende voorheffing van 30%. Opgelet: deze bescherming is geen absolute garantie omdat de uitgever mogelijk niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. U zult ook rekening moeten houden met eventuele instapkosten.

In de overgrote meerderheid van de gevallen hebben gestructureerde producten een vooraf bepaalde looptijd (bijvoorbeeld 5 of 10 jaar). Om zich tegen eventueel kapitaalverlies te beschermen, geven beleggers vaak de voorkeur aan gestructureerde producten met het recht op 100% terugbetaling op de vervaldag. Opgelet: deze bescherming is geen absolute garantie omdat de uitgever mogelijk niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. U zult ook rekening moeten houden met eventuele instapkosten.

Gestructureerde producten hebben dus verschillende voordelen. Aan de ene kant ligt hun potentieel rendement hoger dan dat van klassieke bankproducten.Aan de andere kant kunt u, afhankelijk van de door u gekozen strategie, wel min of meer de omvang van het regelmatig inkomen inschatten. Bovendien is het aanbod aan gestructureerde producten voldoende gevarieerd. Op die manier kunt u een deel van uw vermogen spreiden over verschillende producten met verschillende strategieën, verschillende looptijden en uitgevers. Zo spreidt u de risico’s.

Gestructureerde producten zijn namelijk niet zonder risico. U moet altijd rekening houden met het risico op kapitaalverlies indien de uitgever niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. Bij gestructureerde producten in vreemde valuta geldt er een wisselkoersrisico.

Daarnaast is er ook het liquiditeitsrisico: als u voor het einde van de vervaldag een deel van uw geld wil terugvorderen, bent u afhankelijk van de prijzen op de secundaire markt. Op die manier riskeert u rendement te verliezen als de coupon gekoppeld is aan de evolutie van een index, fonds, rentecurve, enzovoort. Ten slotte is er ook een herbeleggingsrisico: op de vervaldatum hangen uw herinvesteringsmogelijkheden af van de toestand van de financiële markten op dat moment.

Aandelenmarkten: flexibiliteit heeft zijn prijs

Terwijl gestructureerde producten een zeker comfort bieden, zijn ze wellicht niet de ideale oplossing voor beleggers die een hoge graad van flexibiliteit voorop stellen. Bent u een belegger met een duidelijke beleggingshorizon, de nodige ervaring en kennis en kunt u met volatiliteit omgaan? Dan kan de aandelenmarkt een mogelijkheid zijn, indien dit binnen uw risicoprofiel past. Om een potentieel regelmatig inkomen te genereren kunt u in dat geval de voorkeur geven aan aandelen die een dividend uitkeren. Niettemin blijven individuele aandelen bijzonder riskant voor particuliere beleggers.

Daarom zijn flexibele gemengde fondsen1een mogelijk alternatief. De beheerders van deze fondsen beleggen in aandelen, obligaties en andere activa. Door hun flexibel beleid kunnen deze fondsen hun blootstelling aan de financiële markten herzien op basis van de risico’s die de beheerder verwacht. Op die manier streven deze fondsen een dubbel doel na: profiteren van het opwaartse potentieel van de aandelenmarkten én bescherming opbouwen tegen neerwaartse risico’s. Sommige van deze flexibele gemengde fondsen beogen bovendien een regelmatig inkomen uit te keren.Dit doen ze door bijvoorbeeld in dividendaandelen, (al of niet risicovollere hoogrentende) obligaties en zelfs in valuta te beleggen.

Voordat u zich inschrijft voor een van deze fondsen, gaat u uiteraard eerst na of dit type beleggingen bij uw doelstellingen en risicoprofiel past. Hoewel ze gediversifieerd zijn en professioneel beheerd worden, blijven fondsen risicovolle producten zonder kapitaalbescherming.

Voordat u zich op de financiële markten begeeft, is het belangrijk om even voor de spiegel te staan. U moet immers goed de afweging maken of u een deel tot al uw opgebouwd vermogen via uw belegging wenst bloot te stellen aan een risico in de hoop een regelmatig inkomen te ontvangen.

Een oplossing met levenslange rente

Een andere piste is om in te tekenen op een oplossing dat u een minimumrente garandeert voor het leven. Dit type instrument – onder meer berekend op basis van de leeftijd waarop u intekent, het bedrag van de premie en de periodiciteit van de rente – bestaat onder de vorm van een levensverzekering (tak 21 of tak 23) en stelt u in staat om een regelmatig inkomen te genereren. Dat inkomen kan bijvoorbeeld maandelijks zijn, naast het wettelijke pensioen en eventuele andere extra middelen (inkomsten uit onroerende goederen, enz.) die u ontvangt. Gedurende de hele levensduur van het product (tot uw overlijden) wordt het ingebrachte startkapitaal belegd in een onderliggend product, zoals een fonds.

Het voordeel van zo’n oplossing is meteen duidelijk: u weet welk minimumbedrag aan rente u levenslang zal ontvangen.Of u na de startdatum nog 10, 20 of 40 jaar leeft, verandert hier niets aan. In sommige gevallen kan de rente zelfs worden verhoogd, in het bijzonder wanneer de onderliggende waarde een goede prestatie op de beurs neerzet. De renteperiode geniet vaak van een gunstig belastingstelsel en in sommige gevallen is er zelfs geen belasting verschuldigd³.

Na het overlijden van de verzekerde wordt de betaling van de rente beëindigd. De toekomst van het resterende kapitaal hangt af van de productomstandigheden. Als u voor een klassieke levensverzekering hebt gekozen, wordt het kapitaal aan de verzekeringsmaatschappij overgelaten. Voor bepaalde soorten levensverzekeringen wordt het resterende kapitaal echter terugbetaald aan de begunstigden in geval van overlijden.4 Dit laatste type oplossing komt tegemoet aan de schrik om een stuk vermogen te zien ontsnappen aan uw erfgenamen in het geval van een vroeg overlijden. In ieder geval weet u zeker dat u een minimale rente ontvangt tot het einde van uw dagen.

 

Een aanvullend inkomen: ja, maar waarom?

In België bedraagt het pensioen na een volledige loopbaan 1.220,86 euro3. Door de lage activiteitsgraad na 60 jaar, bedraagt het feitelijk ontvangen gemiddelde slechts 1.065 euro voor een werknemer. Voor zelfstandigen daalt dit gemiddelde zelfs tot 740 euro. Nochtans loopt u bij het ouder worden net een steeds groter risico op toenemende uitgaven, zoals gezondheidskosten. Na het pensioen kunnen ook andere recreatieve uitgaven stijgen. U heeft wellicht immers niet uw hele leven gewerkt om thuis voor altijd op de sofa te blijven zitten.

Alternatief voor ‘couponeters’

Veel beleggers bouwden decennia voor de crisis van 2008 losbrak, regelmatige inkomsten op via obligatiecoupons (of kasbons). Door de forse daling van de obligatiekoersen over 10 jaar, is deze optie echter riskanter geworden, toch als we willen kiezen voor sterke uitgevers van eerste rang met uitgiften in euro’s.

 

_____________________________________________

Drie potentiële risico’s voor de beurzen in de komende maanden

14/8/2018

Na maanden van onafgebroken koersstijgingen die de beurzen in januari 2018 naar nieuwe historische records voerden, stak volatiliteit opnieuw de kop op.

Samengevat:

  • Op 6 juli traden de eerste door Washington aangekondigde invoerheffingen in werking.
  • De wereldwijde groei blijft het goed doen met de Verenigde Staten en China als de twee belangrijkste locomotieven.
  • De midterm-verkiezingen in de Verenigde Staten zullen cruciaal zijn voor Donald Trump.
    Politieke spanningen en een dreigende handelsoorlog brachten de aandelenmarkten in vertwijfeling, maar tot vandaag vonden de beurzen steun in de goede economische kerncijfers. Toch zijn een aantal risico’s niet geweken en enkele daarvan zouden de markten de komende maanden opnieuw aan het wankelen kunnen brengen. Wij staan stil bij de 3 belangrijkste ervan.
    Handelsoorlog

Er gaat geen dag voorbij of Donald Trump slaat de beurzen om de oren met een of andere protectionistische maatregel. Op 6 juli traden de eerste door Washington aangekondigde invoerheffingen in werking: op ingevoerde Chinese producten ter waarde van 34 miljard dollar. China reageerde prompt door van zijn kant het equivalent aan heffingen op te leggen. De beurzen reageerden nauwelijks doordat deze aankondigingen reeds verwerkt waren in de koersen.

De dreigementen van de Amerikaanse president om Europese auto’s te belasten en om Chinese importgoederen tot mogelijk 500 miljard dollar te belasten (wat neerkomt op nagenoeg alle goederen afkomstig uit China) zorgden wel voor nervositeit bij de beleggers.

Hoewel Peking zich niet zal laten intimideren, gaan wij er toch vanuit dat de spanningen niet zullen leiden tot een regelrechte en grootschalige “handelsoorlog”, wat niet wegneemt dat het steekspel van maatregelen, tegenmaatregelen en compromissen voor de nodige beroering kan blijven zorgen op de beurzen.

  1. Wereldwijde economische vertraging

De wereldwijde groei blijft het goed doen en zou dit jaar kunnen uitkomen op 3,9%, met de Verenigde Staten en China als de twee belangrijkste locomotieven.

Toch ziet het ernaar uit dat na bijna 10 jaar van expansie de Amerikaanse economie stilaan het einde van de cyclus nadert. De belastinghervorming gaf de Amerikaanse bedrijven een nieuwe boost, maar het effect daarvan zal vroeg of laat wegebben. Voor de komende twee jaar verwachten wij echter geen recessie in de Verenigde Staten.

In China zet de economie haar zachte landing voort en de laatste statistieken voor het tweede kwartaal wijzen op een lichte vertraging van de industriële productie en van de groei (tot 6,7%).

In de Eurozone werden de groeiverwachtingen onlangs neerwaarts bijgesteld (tot 2,1% voor 2018) omdat de Europese Commissie vreest dat de politieke spanningen zullen aanhouden en dat de protectionistische maatregelen niet zonder gevolgen zullen blijven.

Hoe dan ook evolueert de wereldwijde groei nog steeds in een gunstige omgeving, wat in het voordeel van de beurzen werkt. Tegelijk zullen de beleggers steeds meer op hun hoede zijn voor signalen van economische vertraging. En die kunnen er sneller dan voorzien komen als de handelsspanningen verder zouden oplopen.

  1. (Geo-)politieke risico’s

Het migratiebeleid in Europa blijft zorgen baren. In afwachting van een gemeenschappelijke oplossing wordt de toon harder, worden grenzen gesloten en blijft extreemrechts terrein winnen. De eerste grote leider die wankelde, was Angela Merkel. Zwaar onder druk gezet door haar regeringspartner (de CSU) restte de Bondskanselier geen andere keuze dan te plooien en een verstrenging van haar migratiebeleid te aanvaarden. Afgezien van het menselijke aspect zou deze crisis op termijn nefaste effecten kunnen hebben voor de Europese economie.

De midterm-verkiezingen (november 2018) in de Verenigde Staten zullen cruciaal zijn voor Donald Trump. Van het resultaat zal de machtspositie van de republikeinen in het Congres afhangen. Een verschuiving van de meerderheid zou het einde kunnen betekenen voor de hervormingen die de sterke man van Washington wil doorvoeren en zou mogelijk een negatieve weerslag kunnen hebben op de Amerikaanse beurzen.

De Europese Commissie waarschuwde Italië al voor budgettaire ontsporingen, terwijl het na Griekenland het land is met de hoogste overheidsschuld in Europa. Ze is ook beducht voor het voornemen van de Italiaanse coalitie om belangrijke hervormingen op de lange baan te schuiven. Spanningen op de Italiaanse schuld en bij uitbreiding op de euro zijn de komende maanden dan ook niet uitgesloten.

_____________________________________________

Wie zijn de favorieten van het economische WK?

3/7/2018

Het WK voetbal in Rusland, van 14 juni tot 15 juli, is een goed moment om de deelnemende landen met een economische bril te bekijken. De machtsverhoudingen zijn er vaak helemaal anders dan wat men op het voetbalveld te zien krijgt… Lees ons speciaal dossier.

Samengevat:

Het ziet ernaar uit dat de competitie tussen de verschillende nationale economieën meedogenloos wordt.

De toename van het protectionisme, het voorzienbare einde van de economische cyclus en de progressieve vermindering van het genereuze monetaire beleid zorgen voor redelijk wat uitdagingen voor de landen die elkaar zullen treffen op het WK.

Ziehier een paar economische pronostieken voor de landen die – al dan niet – meedoen aan de voetbalcompetitie.

Het WK voetbal in Rusland, van 14 juni tot 15 juli, is een goed moment om de deelnemende landen met een economische bril te bekijken. De machtsverhoudingen zijn er vaak helemaal anders dan wat men op het voetbalveld te zien krijgt…

Twee grote scheidsrechters… die schitteren door hun afwezigheid op het wereldkampioenschap.

Gezien door een economische bril zijn de grote afwezigen op het wereldkampioenschapde Verenigde Staten en China, samen goed voor 40% van de wereldeconomie. Deze twee zwaargewichten zullen in de komende maanden voor de groei een belangrijke scheidsrechtersrol spelen.

Verwacht wordt dat de Amerikaanse economie zich verder zal herstellen en zijn expansie zelfs zal versnellen. De werkloosheidsgraad zou verder dalen. De grote uitdaging voor de Verenigde Staten is echter zijn dubbel tekort: zowel de handelsbalans als de overheidsfinanciën zijn nog nooit zo diep in het rood gegaan. De vrijgevige belastingpolitiek van president Trump zal het overheidstekort allicht geen goed doen. Wat het handelsonevenwicht betreft, wijst niets erop dat de protectionistische maatregelen van het Witte Huis het verwachte effect zullen opleveren, namelijk een terugkeer van bedrijfsactiviteiten naar het land.

Chinazou dan weer zijn overgang naar een meer consumptiegerichte economie verderzetten, wat volgens de laatste prognoses van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) gepaard zou gaan met een lichte vertraging van de groei. De Chinese groei bedroeg vorig jaar 6,9% en zal sowieso hoog blijven in vergelijking met de andere wereldmachten. Het blijft ook afwachten hoe de Aziatische reus zal evolueren nu de VS een handelsoorlog heeft ontketend.

We mogen er dus van uitgaan dat de twee scheidsrechters van de wereldeconomie de komende maanden in goede conditie blijven. Hoe ze er echter zullen voorstaan bij het volgende wereldkampioenschap, in 2022 in Qatar, is nog onduidelijk. Men zegt immers dat de grootste economie ter wereld zich aan het einde van een cyclus bevindt…

Japan en zijn vergrijzende ploeg

Japan, na de VS en China de derde grootste economie ter wereld, maakt wel zijn opwachting voor het wereldkampioenschap van 2018. Het land van de rijzende zon koestert evenwel geen grote economische ambities. De Japanse groei zou dit jaar immers vertragen tot 1,2%. Vorig jaar bedroeg die nog 1,7%. De economische expansie van Japan wordt ingetoomd door de demografie van het land. Zoals het IMF het formuleert “blijven de vooruitzichten op middellange termijn matig, vooral als gevolg van het teruglopen van de actieve bevolking”.

Ook al heeft Japan een vergrijzingsprobleem, toch heeft het nog steeds een zwakke inflatie. Dit kan de Bank van Japan, de centrale bank van het land, ertoe aanzetten om zijn aankoopbeleid van overheidsobligaties nog een tijdlang te voort te zetten om de langetermijnrente onder controle te houden. Als gevolg van deze terugkerende zwakheden heeft het land de gewoonte gekweekt om alles in te zetten op de aanval in de vorm van zijn grootste troef: exporterende bedrijven. Het spreekt voor zich dat dit het land erg afhankelijk maakt van de wereldconjunctuur. In dat opzicht stemt een handelsoorlog, die bovendien ingeleid werd door hun oude vriend Amerika, niet bepaald tot optimisme…

De Europese landen: niet allemaal op dezelfde lijn

Naast de drie economische grootmachten zijn de grootste teams van de economische competitie van Europese komaf. Zowel Duitsland, Frankrijk als het Verenigd Koninkrijk zijn vertegenwoordigd op het WK in Rusland, ook al is het Engeland dat voor de Britten de honneurs waarneemt. Het laatste dat we echter kunnen zeggen is dat hun conditie vergelijkbaar is.

De Duitse kampioenen, die zich in 2014 nog tot wereldkampioen voetbal kroonden liggen nu al uit het tornooi. Op economisch vlak zetten ze nog steeds de toon. De Duitse groei bereikte vorig jaar 2,5% van het BBP en zou dat niveau volgens het IMF dit jaar moeten aanhouden. Het land laat ook een begrotingsoverschot van 38 miljard euro optekenen, of 1,2% van het BBP. De werkloosheidsgraad heeft er een dieptepunt bereikt en bedraagt 3,4% van de actieve bevolking. Maar zoals bij alle grote teams is het net in goede tijden dat men problemen mag verwachten.

Als coach van een natie met een hele reeks troeven, zit kanselier Angela Merkel met een luxeprobleem. De Duitse kapitein werd aangevallen door extreem-rechts voor haar immigratiebeleid en tegelijk getackeld door de eurosceptici. Om haar land toch te kunnen besturen zag ze zich verplicht een grote ploeg samen te stellen en konden de socialisten niet op de bank blijven zitten. Een dergelijke ploeg valt echter moeilijker te leiden. Op Europees en mondiaal niveau krijgt de sterkste economie van de eurozone regelmatig kritiek voor het overschot op zijn handelsbalans, dat anderen lager willen zien.

In haar lentevooruitzichten benadrukt het IMF dat “Duitsland over een begrotingsmarge beschikt die het zou moeten gebruiken om de overheidsinvesteringen te verhogen in de domeinen die de potentiële groei zullen versnellen (…)”. Meer overheidsinvesteringen in Duitsland zou als belangrijk gevolg hebben dat de import van de rest van de eurozone stijgt, wat het makkelijker zou maken om binnen de eurozone opnieuw een evenwicht van de vraag te bereiken. De sterke punten van de Duitse Mannschaft zouden wel eens zijn zwakheden kunnen worden.

Frankrijk: gouden toekomst als het zijn hervormingen verderzet

Frankrijkvan zijn kant, dat erin slaagde de dubbel WK en EK van 1998 en 2000 op zijn naam te schrijven, lijkt momenteel één bouwwerf.Onder impuls van president Emmanuel Macron zijn de lang uitgestelde maar broodnodige hervormingeneindelijk in gang gezet. Hierover zegt het IMF in haar jaarlijkse overzicht van de Franse economie dat Frankrijk de “aanvoerder is van de hervormingen in Europa”, en moedigt het land aan om zo verder te gaan. Frankrijk zou zo zijn overheidstekort kunnen verminderen.

We mogen niet vergeten dat Frankrijk nog niet zo lang geleden het laatste land was van de eurozone dat een gele kaart riskeerde wegens een buitensporig overheidstekort. Het handelstekort – Frankrijk is een netto-importeur – wordt geleidelijk aan kleiner. Voor dit wereldkampioenschap is het nog wat vroeg maar de Franse economie lijkt een gouden toekomst tegemoet te gaan als het land zijn inspanningen volhoudt.

Dat geldt helemaal niet voor het Verenigd Koninkrijk, in het wereldkampioenschap vertegenwoordigd door Engeland. Nu de gevolgen van de Brexitzich steeds duidelijker aftekenen (een groei die het laat afweten, bedrijven die het nationale grondgebied verlaten, de nationale munt onder druk, enz.), wordt het land geconfronteerd met te lage bedrijfsinvesteringen als gevolg van de onzekerheid over de handelsakkoorden die van toepassing zullen zijn nadat het land de Europese Unie heeft verlaten.

Spanje onzeker, België stagneert

Achter de drie grootste Europese economieën lijken de andere formaties ter plaatse te blijven trappelen.

Spanje, altijd kandidaat voor een wereldtitel, zou zijn economische groei kunnen zien vertragen. Italië, dat zich deze keer zelfs niet kon kwalificeren voor het wereldkampioenschap, doet het nauwelijks beter. Het voornaamste probleem van deze twee landen is welbekend: de werkloosheidsgraad blijft er veel te hoog (15,9% in Spanje en 11,2% in Italië). Te veel jongeren blijven op de reservebank zitten. De jeugdwerkloosheid loopt in Italië op tot 33,1%, in Spanje is zelfs tot 34,4%. Deze variabelen hebben de bal klaargelegd voor een reeks populistische partijendie met name Italië in grote politieke onzekerheid hebben gestort. De vraag stelt zich dan ook hoe deze landen er tegen het volgende wereldkampioenschap zullen voorstaan…

Overigens zien we de kleinere economieën niet het voortouw nemen, niet tijdens dit WK en evenmin erna. Zo zal Belgiënet zoals veel andere landen zijn groei zien stagneren. Is het niet dit jaar, dan toch in 2019. België heeft een kleine, open economie, en riskeert te lijden onder de toename van het protectionisme, datde wereldhandel dreigt te vertragen. België zou ook last kunnen hebben van de aanhoudende stijging van de energiekosten in het kielzog van de heropleving van de olieprijzen. Dat komt vooral omdat de Belgische inflatienog steeds hoog is in vergelijking met het gemiddelde van de eurozone.

Energie: een te bedwingen parameter

Olie kreeg in de aanloop naar het wereldkampioenschap al meteen veel aandacht: het WK begon met een interessante Russisch-Saoedische aftrap op 14 juni, nog geen week voor de langverwachte bijeenkomst van de OPEC-landen (de organisatie van olie-exporterende landen). Met een productie van zo’n 11 à 11,5 miljoen vaten ruwe olie per dag zijn Rusland en Saoedi-Arabië concurrenten van de Verenigde Staten voor de titel van grootste olieproducent ter wereld.

Olie blijft in de komende maanden en jaren een cruciale rol spelen. Meer nog dan het monetaire beleid van de centrale banken is het de prijs van een vat ruwe olie die op het gebied van inflatie voor regen of zonneschijn zorgt. We weten ook hoe hoog de kosten zijn van energie-import voor de groeilanden. Nu de olieprijzen sneller stijgen dan ze willen, zouden Saoedi-Arabië en Rusland het wel eens op een akkoord kunnen gooien om hun productie te verhogen. De twee landen lieten verstaan bezorgd te zijn dat een te hoge prijs per vat uiteindelijk de vraag naar ruwe olie zou kunnen drukken.

Er zal ook gepoogd worden om een tegengewicht te bieden aan de verlaging van de olieproductie van Iran, dat van de Verenigde Staten een rode kaart kreeg in de vorm van nieuwe sancties. De vermindering van de Iraanse export wordt geschat op een miljoen vaten per dag, ook al produceert het land in weerwil van de situatie 4 miljoen vaten olie per dag. Met dat land, waarvan de economie sterk afhankelijk is van zijn handelsoverschot, valt dus weinig zaken te doen. Iran blijft overigens kampen met een bijzonder hoge werkloosheidsgraad.

De Afrikaanse landen spelen in een andere divisie

Met een productie van net geen 2 miljoen vaten per dag speelt Nigeriamisschien niet mee met de grote jongens, maar tekende zijn nationale ploeg wel present op het wereldkampioenschap, net zoals Senegal. Maar ondanks de dollarinkomsten uit de olie-export blijft de armoede in Nigeria drie mensen op vier treffen. De Nigeriaanse economie kan geen grote ambities koesteren zolang de corruptie er welig tiert.

Deze vaststelling geldt overigens voor heel wat Afrikaanse naties die meedingen in deze editie van het wereldkampioenschap. Noord-Afrika was dankzij Marokko, Tunesië en Egypte, goed vertegenwoordigd in de competitie. Deze landen blijven na de ‘Arabische lentes’ evenwel tegen gigantische economische uitdagingen aankijken. De werkloosheid is er namelijk bijzonder hoog. Het IMF merkt overigens op dat de stijging van de olieprijzen voor deze landen tot slechtere prognoses heeft geleid. Ze importeren immers allemaal olie.

Het juiste moment voor Brazilië?

De vooruitzichten lijken beter vooreen aantal Latijns-Amerikaanse landendie meedoen aan het WK. Het IMF stelt vast dat “het herstel in Latijns-Amerika zich doorzet”. De groei zou in 2018 stijgen naar 2,0% en naar 2,8% in 2019. Dat is een aantrekkelijk vooruitzicht. De Zuid-Amerikanen, beroemd voor hun behendigheid met de bal, zouden bijgevolg ook op economisch vlak wel eens in rang kunnen stijgen. Daarbij mogen we echter een aantal terugkerende zwakheden niet uit het oog verliezen: problematische overheidstekorten, een hoge werkloosheid in landen zoals Brazilië, Colombia en Argentinië, en, vooral dan voor dit laatste land, een inflatie die dringend onder controle gebracht moet worden…

Bovendien kan de stijging van de dollareen handicap van formaat worden voor economieën die de gewoonte hebben om voor hun schulden te kiezen voor de munt van de Verenigde Staten. We denken hier met name aan Argentinië en aan Mexico. Tegelijk kent Brazilië een windstilte die mooi samenvalt met het WK. Na de lange recessie in 2015 en 2016, vond de Braziliaanse economie de weg terug naar de groei(+1% vorig jaar). Die groei zou in 2018 stijgen tot 2,3% en volgend jaar zelfs 2,5% bereiken dankzij de gestegen privéconsumptie en de hogere investeringen. Brazilië lijkt dus een uitgelezen kans te hebben, ook al kan de politieke onzekerheid de komende maanden roet in het eten gooien.

En de outsiders?

Ver van de favorieten in de competitie die in Rusland wordt uitgevochten, zijn er een aantal Europese groeilanden met goede troeven. Los van hun structurele werkloosheid genieten Kroatië en Servië van meer dan redelijke economische vooruitzichten. Het is echter vooral Polen dat zich als een serieuze concurrent profileert. De Poolse economie, gedragen door een sterke binnenlandse consumptie, profiteert van een beleid dat de bedrijven erg goed gezind is, wat een groei zou moeten opleveren van boven de 3% over een periode van ten minste twee jaar.

Tijdens dit wereldkampioenschap en erna houden we ook de economieën in het oog die afhankelijk zijn van scheidsrechter China, zoalsZuid-Korea of Australië, waar de grondstoffen vooral China ten goede zijn gekomen. Met groeicijfers rond de 3% voor de komende jaren, zijn dit twee landen die kunnen meetellen.

De glorieuze onzekerheid van de… dollar

Wat is een sportcompetitie zonder zijn traditionele onverwachte gebeurtenissen? Hetzelfde geldt voor de economie, waar rekening gehouden moet worden met de dollar, die zowat de weersvoorspeller is van het WK der economieën.

Het scheidsrechterteamzal een hartig woordje meepraten over het financiële veld mocht zich op de deviezenmarkt zwaar weer voordoen: De Federal Reserve (Fed), de centrale bank van de Verenigde Staten, zou zijn rentetarieven in de komende kwartalenverder verhogen, wat de groene bankbriefjes uiteraard een duw in de rug moet geven. De vraag is hoe snel de Amerikaanse munt in waarde gaat toenemen en wat hiervan de invloed zal zijn op onder meer de grondstofprijzen. Ziedaar een mooie economische onzekerheid, minstens even mooi als de glorieuze onzekerheid van de sport…

_____________________________________________

8 goede redenen om te beleggen in Azië

11/6/2018

Jaar na jaar tekent Azië (excl. Japan) mooie groeicijfers op. Er is een shift aan de gang van zware industrie naar technologie. Daarnaast zwengelt de koopkracht aan. Welke opportuniteiten biedt deze regio voor beleggers?

Samengevat:

  • Azië (excl. Japan) tekent jaar na jaar mooie groeicijfers op. Er is een shift aan de gang van zware industrie naar technologie. Plus: de koopkracht zwengelt er aan.
  • Als regio biedt het nog steeds kansen voor beleggers die bereid zijn een hoger risico te aanvaarden.

Beleggen in Azië: is dat (nog) de moeite?

In 2017 klommen de Aziatische aandelenindexen (excl. Japan) gemiddeld 38%. Daarmee was Azië de best presterende regio ter wereld. Maar als u kijkt naar de evolutie sinds begin 2008, dan ziet u dat de korf van Aziatische aandelenindexen (MSCI Asia excl. Japan) nog steeds 10% achterop hinkt ten opzichte van de totale wereldindex (MSCI AC World).

Is er potentieel om die achterstand bij te benen?

8 elementen wijzen er op dat de inhaalbeweging van de jongste jaren zich nog zal doorzetten, en de wereldindex zelfs kan overtreffen.

  1. De economische groei is erg solide

In 2017 bedroeg die voor de hele regio (excl. Japan) 6,1%. De belangrijkste sterkhouder China tekende 6,9% groei op, India 6,8% en Zuid-Korea 3,1%. Voor de hele regio (excl. Japan) verwachten analisten 6% groei in 2018.

  1. Nog steeds in herstelfase

Landen als China en India (herstelfase) zitten nog niet zo ver in de economische cyclus als Europa (expansie) en de VS (late cyclus). Er is dus nog potentieel.

  1. Gunstige koers/winst-verhoudingen

De koers/winst-verhoudingen (k/w) van Aziatische aandelen (k/w MSCI Asia excl. Japan = 12,2) liggen gemiddeld een pak lager dan die van Amerikaanse (k/w S&P500 = 17,5) en Europese aandelen (k/w Eurostoxx600 = 14,4)

  1. Hoge verwachtingen over bedrijfswinsten

Economen verwachten in 2018 een stijging van 15% voor de bedrijfswinsten in Azië (excl. Japan). Voor Europa liggen de verwachtingen op 8%, voor de VS op 12%.

  1. Winstverwachtingen opwaarts bijgesteld

Vorig jaar stelden heel wat analisten hun winstverwachtingen voor beursgenoteerde Aziatische bedrijven opwaarts bij. Uit het verleden blijkt dat opwaarts bijgestelde bedrijfswinsten een goede voorspellende waarde hebben voor de beursprestaties.

  1. Meesurfen op de mondiale groeigolf

Omdat Azië sterk exportgericht is, profiteert de regio van de globale economische groei en het globaal stijgend consumentenvertrouwen.

  1. Regionale economie in transitie

De Aziatische economie zelf is ook in een overgangsfase: terwijl de export sterk blijft, stijgt de binnenlandse consumptie. Bovendien is er een industriële shift van grondstoffen naar technologie. Terwijl grondstofverwerkende bedrijven 10 jaar geleden nog 20% van de Aziatische aandelenkorf (excl. Japan) uitmaakten, is dat vandaag slechts de helft. Terzelfder tijd steeg de weging van technologiebedrijven van 17% naar 39%.

  1. Meer dan alleen China

In het voetspoor van China, steken ook andere landen op economisch vlak een tandje bij. Zo ontgroeit India met zijn populatie van 1,3 miljard mensen stilaan zijn status als landbouweconomie. Daarnaast is er ook nog de groep van zogenaamde ASEAN-landen (Association of Southeast Asian Nations). Dit is een associatie van 10 landen in Zuid-Oost Azië, waarvan de 5 belangrijkste (Indonesië, Thailand, Maleisië, Filippijnen en Singapore) vorig jaar nog een groei neerzetten van 5,2%.

Met welke risico’s moet ik rekening houden als belegger?

  • De financiële markten zijn er over het algemeen een stuk volatieler dan de Europese en Amerikaanse. Het opwaarts potentieel kan hoger liggen, maar het neerwaarts potentieel dus ook.
  • Het opkomend protectionisme kan sterk exportgerichte economieën zoals Zuid-Korea benadelen.
  • De stijgende rente in de VS vergroot de kans dat beleggers kapitaal uit Azië terugtrekken om te herbeleggen in de VS, zoals we dat ook al in het verleden zagen.
  • Tot slot zijn er ook (nog steeds) geopolitieke spanningen in de regio.

Hoe kan ik inspelen op het groeipotentieel?

Voor Deutsche Bank is Azië een van de 10 grote beleggingsthema’s voor 2018. Maar als particuliere belegger is het een minder evidente markt die door zijn omvang en complexiteit moeilijk behapbaar is. Daarom vinden we dat een actief beheerd fonds hier een meerwaarde biedt voor beleggers die een bepaald risico willen en kunnen aanvaarden.

______________________________________________

Tijd om obligaties boven aandelen te verkiezen?

Door Deutsche Bank Belgium

7/5/2018

De trendwijziging lijkt ingezet: wereldwijd begint de rente langzaam maar zeker te stijgen. Wat betekent dat voor beleggers?

Samengevat:

  • Ook al stijgt de rente wereldwijd langzaam maar zeker, toch is het afgeraden om nu al in obligaties te stappen. Aandelen verdienen de voorkeur, als dat binnen uw beleggersprofiel past.
  • Wenst u toch in obligaties te beleggen, dan bieden obligaties van groeilanden de beste risico-rendementsverhouding.

1.De rente stijgt. Is dat goed of slecht nieuws?

Dat is uiteraard goed nieuws. De rente stijgt omdat de macro-economische groei eindelijk op ritme geraakt. Zowel in de groeilanden als in de ontwikkelde landen groeit de economie sneller dan voorheen.

Los van de economische groei wordt de geleidelijke rentestijging ook ondersteund door de beleidswijziging van de centrale banken: de Federal Reserve in de VS en de Europese Centrale Bank. De jongste jaren hebben die de obligatiekoersen enorm ondersteund, waardoor de rendementen naar beneden werden geduwd. Nu is de Fed begonnen met de beleidsrente beetje bij beetje op te trekken en bouwt ze haar balans obligaties langzaam af. Ook de ECB verandert het geweer stilaan van schouder. Tot eind 2017 kocht ze maandelijks voor 60 miljard euro obligaties op. Vandaag is dat de helft. Doordat de centrale banken de obligaties minder ondersteunen, kunnen de koersen zakken en de rendementen stijgen.

  1. Is het in dit klimaat een goed idee om in obligaties te stappen?
  • In een context van sterke economische groei presteren aandelen beter dan obligaties. Aandelengenieten dus onze voorkeur indien deze passen bij uw beleggersprofiel.
  • Wil u toch obligaties aankopen, dan geven obligaties van groeilandende beste risico-rendementsverhouding. In dat geval neemt u er wel een muntrisico bij.
  1. Wanneer kan ik best instappen?

Daar valt geen datum op te plakken. De beleidsrente zal nog een aantal jaren heel laag blijven. We verwachten pas midden 2019 een eerste verhoging van de Europese beleidsrente. Er is dus zeker geen haast bij om in obligaties te stappen.

Een trigger om in te stappen zou zijn als de risicopremie op obligaties zou stijgen. Dat is de premie die de uitgever betaalt bovenop het tarief voor een risicoloze lening, als compensatie voor het kredietrisico dat de belegger op de uitgever neemt. Vandaag zitten we helemaal aan de bodem en wordt het kredietrisico onvoldoende vergoed. Op termijn zal de risicopremie wel normaliseren waardoor ook andere obligaties dan die van groeilanden een correcte vergoeding zullen geven voor het kredietrisico.

  1. In afwachting van het juiste instapmoment: wat zijn vandaag de verschillende alternatieven in het obligatiesegment?
  • Obligaties met variabele rente, waarvan de coupon groter wordt naarmate de rente stijgt. Maar die zijn zeldzaam. Wel worden er af en toe gestructureerde producten uitgegeven die daarop inspelen, maar ook die zijn dun gezaaid.
  • Fondsen die actief inspelen op de duratie. Duratie geeft aan hoe gevoelig een instrument is aan schommelingen van de rentevoeten. Obligaties hebben normaal gesproken een positieve duratie: als de rente stijgt, daalt de waarde van een obligatie. Maar fondsbeheerders kunnen via afgeleide producten inspelen op die duratie. Zo zijn er zelfs fondsbeheerders die de mogelijkheid hebben om een negatieve duratie te verkrijgen, en dus juist waarde creëren bij stijgende rente. Maar: als de rente tegen de verwachtingen in toch niet verder stijgt, kunnen de verliezen oplopen. Uitsluitend in dat soort fondsen beleggen, is af te raden.
  • Zoveel mogelijk obligaties met korte looptijdin portefeuille houden. Het rendement zal laag zijn, maar de vervaldag ligt dichter. Als binnen pakweg drie jaar de rente een stuk hoger ligt, dan kunt u herbeleggen op een hoger niveau.
  1. Wat met obligaties die ik al in portefeuille heb?

Obligaties met een negatief netto restrendement op de vervaldag kunt u beter nu verkopen. Met negatief rendement bedoelen we dat het totaalinkomen bij vervaldag, alle coupons meegerekend, lager ligt dan bij verkoop vandaag.
Is het restrendement nog altijd positief en bent u tevreden met uw coupons, dan kunt u uw obligaties houden. Let wel op met speculatieve obligaties die een gedisciplineerde opvolging van het kredietrisico vragen.

_____________________________________________

10 essentiële vragen voor jouw bankier

10/4/2018

Kunnen we even kennismaken?

De persoon die verantwoordelijk wordt voor jouw geld zal heel wat over jou te weten komen. Logisch dus dat je hem/haar ook wat beter wilt leren kennen. Welke ervaring heeft die persoon, heeft hij of zij bepaalde specialiteiten en volgt hij of zij regelmatig een extra opleiding? Ben je ook benieuwd of hij getrouwd is of wie haar personal trainer is? Vraag maar raak. Maar begin met de essentials.

Waarom deze bank?

Ben je al klant, dan is het interessant om dit weer even op een rijtje te zetten. En ben je van plan om van een andere bank over te stappen, dan is deze vraag essentieel. Wat is de meerwaarde van deze bank? Wat onderscheidt haar?

Hoe gaan jullie samenwerken?

Kan je jouw adviseur contacteren wanneer je maar wil? Per telefoon, e-mail of via sociale media? Bereikbaarheid is een cruciaal criterium. Hoe vaak jullie een afspraak inplannen, hangt af van jouw persoonlijke situatie, maar zorg zeker voor een paar face to face- momenten per jaar. Niet alleen om antwoord te krijgen op specifieke vragen, maar ook om te kunnen anticiperen op de veranderingen in jouw leven. Voor je een belangrijke beslissing neemt, vraag je toch ook raad aan je vrienden, aan mensen die je vertrouwt, en dat doe je vast niet via de telefoon. Hetzelfde geldt voor een afspraak met je bankier!

Matchen de ambities?

Definieer om te beginnen de ambities van je bankportefeuille: wat is jouw beleggingshorizon, wat zijn de risico’s en wat zijn jouw toekomstplannen? Je financiële gedrag is natuurlijk anders als je van plan bent om een mooie reis te maken dan als je vooral geld wil beleggen en mikt op een zo hoog mogelijk rendement. Dit is een heel brede vraag, maar wel de basis van alles. Kortom: maak een duidelijk balans op van jouw huidige situatie en toekomstige projecten.

Hoe zit het met de kwaliteit?

Uiteraard wil je alleen kwalitatief hoogstaande bankproducten in je portefeuille. Heb je nog nooit belegd? Dan is dit het moment om met je adviseur op zoek te gaan naar de beste producten van het moment en te kijken welke het hoogste rendement opleveren. Je moet je durven afvragen of de bankproducten ‘van het huis’ die de traditionele banken voorstellen wel toereikend zijn. Misschien kan jouw bank je betere oplossingen op de financiële markt voorstellen?

Krijg je van hen een globaal advies, ook over producten van andere financiële instellingen? Als jouw adviseur je enkel kant- en klaarproducten voorstelt, geen globale visie heeft en geen rekening houdt met producten die elders worden aangeboden, dan moet je hem of haar een wake-up call geven. Zachtjes, uiteraard!

Welk kostenplaatje?

Zijn de beheerskosten van mijn portefeuille gestegen? Zo ja, waarom? En zo nee, waarom niet? Zijn er instapkosten bij het beleggen? Misschien stellen die kosten op zich niet zo veel voor. Maar op het einde van het jaar presenteren bepaalde banken toch een onverwacht hoge rekening. Zorg er dus voor dat je van in het begin een transparant beeld hebt van het kostenplaatje, zo kom je niet voor vervelende verrassingen te staan.

Hoe proactief is je adviseur?

Als een van jouw producten wijzigt of als iets niet meer bij jouw profiel past, neemt jouw bank dan contact met jou op? In de drukte van je dagelijkse leven, kan het gebeuren dat je nieuwe informatie mist en financiële kansen laat schieten. Op dat moment moet jouw adviseur zich proactief opstellen en ervoor zorgen dat jouw financiële belangen verdedigd worden. Waarom heb je hem/haar anders?

Wat met de effecten die je meebrengt vanuit een andere bank?

Als je jouw portefeuille overzet vanuit een andere bank, dan is het belangrijk dat jouw bankier die effecten goed mee opvolgt. Je moet een breed advies krijgen over een grote waaier aan producten. Dat is belangrijk om een goed advies te kunnen geven, en om jou te kunnen begeleiden bij het maken van de juiste keuze.

Krijg ik goed advies als er in mijn privéleven iets gebeurt?

Een bank is natuurlijk geen psychotherapeutisch centrum. Maar als iemand gaat scheiden, of uit elkaar gaat, een naaste verliest of een carrièreswitch maakt, dan is het belangrijk om te kunnen rekenen op iemand die je ondersteunt in het maken van financiële beslissingen. Het is belangrijk dat je snel een afspraak kunt maken zodat je niet wakker moet liggen van praktische zaken op een moment dat je met zware stress of emoties moet omgaan…

Bespaar je kostbare tijd?

Het is belangrijk dat je zeker weet dat jouw bank oplossingen aanreikt om jou zoveel mogelijk te ontlasten. Je moet het beheer van jouw bankzaken kunnen delegeren aan specialisten die zich ontfermen over jouw portefeuille en jou regelmatig updates bezorgen. Is dit het geval? Slaap dan gerust op beide oren!