Niet alleen de vorm, maar ook de kleur van het herstel is van belang voor beleggers, groen of bruin?

Door Schroders

Er wordt veel gesproken over een U-, V-, of W-vormig herstel. Ook de kleur van het herstel is van belang voor beleggers. Groen of bruin? Dat is de vraag.

De CO2-uitstoot is tijdens de coronapandemie drastisch gedaald. Volgens het Internationaal Energie Agentschap zal de uitstoot dit jaar zo’n 8% lager liggen dan in 2019. De totale primaire energiebehoefte zal dit jaar naar verwachting 6% lager uitvallen. Dat betekent dat de schok die Covid-19 toebrengt aan de wereldeconomie zevenmaal groter is dan tijdens de financiële crisis.

Nu gaat de CO2-uitstoot hand in hand met de macro-economische activiteit. Als die herstelt, zal ook de uitstoot weer toenemen. Een bruin herstel betekent dat de economische activiteiten sterk afhankelijk blijven van fossiele brandstoffen. Een dergelijk herstel trad steeds op na de voorgaande crises. Maar wat als het deze keer anders is?

Groen herstel wellicht?

De pandemie grijpt diep in op de vooruitzichten voor de oliemarkt. Een groot deel van de vraag naar olie is afkomstig van de transportsector en die is grotendeels stilgevallen. Tegelijkertijd zal de structurele druk op de oliesector –  die al voor de uitbraak van het coronavirus aanwezig was – waarschijnlijk ook na de coronacrisis aanhouden.

Bedrijven in fossiele brandstoffen presteren sinds 2014 minder dan de S&P500. Men verwacht dat deze trend aanhoudt, gezien de neerwaartse druk op de olieprijzen, de mindere vraag uit de reissector en de transitie naar duurzame energie.

Hoe hebben oliemaatschappijen gereageerd op de olieprijsschok?

De laatste maanden hebben oliemaatschappijen diverse afschrijvingen op hun olie- en gasreserves doorgevoerd. Deels door de lagere olieprijzen. Maar ook de druk op de CO2-emissies spelen daarbij een rol. Als dit het geval is, dan kan zelfs als de olieprijs zich herstelt een groot deel van deze activa in de grond blijven zitten.

Drie jaar geleden had geen enkel Europees energiebedrijf zich tot doel gesteld om de CO2-emissies van de geleverde energie te reduceren. Nu werkt elk bedrijf met zo’n doelstelling.  Daarnaast hebben vijf grote energiebedrijven (BP, Eni, Repsol, Shell en Total) onlangs hun klimaatambities voor de lange termijn bijgewerkt. Repsol en Total zijn nu afgestemd op Parijs en Shell is van plan om haar emissie-intensiteit in 2050 met 65% te verlagen.

Verliezers en winnaars

Zoals bij elke transitie zullen er winnaars en verliezers zijn. Aangezien de druk op bedrijven om de klimaatverandering aan te pakken waarschijnlijk alleen maar zal toenemen, zouden de financiële markten de economische risico’s van de overgang naar een koolstofarme economie moeten gaan inprijzen.

Elke poging om de wereldwijde CO2-uitstoot te beperken, betekent dat de hoeveelheid fossiele brandstoffen die wordt verbrand zal moeten afnemen. Toch gaan de huidige waarderingen van energiebedrijven er bijvoorbeeld impliciet vanuit dat hun energiereserves in de toekomst marktwaarde hebben. Als dit verandert, zal dat gevolgen hebben voor de aandelenmarkten.

‘Stranded assets’ onvoldoende ingeprijsd

Om de doelstellingen uit het klimaatakkoord te kunnen bereiken, zal 60% van de huidige olie- en gasreserves en 80% van de steenkoolreserves ongebruikt blijven. Dat leidt tot ‘stranded assets’. Volgens de IEA zijn dat investeringen die al gedaan zijn, maar die voor het einde van hun economische leven al geen rendement meer opleveren.

We zijn nog ver verwijderd van de doelstellingen uit het Klimaatakkoord. Er zijn structurele veranderingen nodig om de transitie naar een economie met lage emissiewaarden te versnellen.

Groen is beter – voor milieu, economie en werkgelegenheid

Sinds het begin van de pandemie presteert de duurzame energiesector significant beter dan de fossiele energiebedrijven. Een groen herstel is gunstig voor het milieu, beperkt de vervuiling en kan wel eens sterker zijn dan een herstel waarbij de CO2-uitstoot gelijke tred houdt met de aantrekkende economische activiteiten.

Recent onderzoek wijst uit dat een investering in schone energie drie banen creëert voor elke baan die verloren gaat in de fossiele sector. Elke miljoen dollar aan investeringen die van fossiel naar duurzaam verschuift, schept nog eens vijf banen extra. Dat is het kortetermijneffect op de werkgelegenheid. Groene energie is een relatief jonge sector, het terugdringen van de CO2-uitstoot in de energiesector gaat gepaard met een sterke groei in de productie en installatie van duurzame technologieën. Dat ondersteunt weer de werkgelegenheid in een tijd waarin de overheden de Covid-19 crisis het hoofd proberen te bieden.

Lees ook Green or brown? Why the colour of the recovery matters to investors, door Schroders

Lees ook corner investeringen

Dit bericht is geplaatst in Actualiteit met de tags , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *