Samenwonen of huwen ?

@Pexels

Door Anouck Lejeune & Martin Desimpel, Puilaetco Dewaay Private Bankers

Voor velen onder u stellen zich op een bepaald ogenblik in hun leven de prangende vraag : samenwonen of huwen met de liefde van mijn leven ?

De beslissing die men dan neemt, heeft vele gevolgen zowel op het vlak van de bescherming van de partner als op fiscaal vlak. Hierna gaan wij dieper in op de gevolgen van uw keuze om feitelijk dan wel wettelijk samen te wonen, om in een volgende bijdrage stil te staan bij de gevolgen van een huwelijk.

Feitelijke samenwoning

De feitelijke samenwoning is aan geen enkele formaliteit onderworpen. Bovendien zijn er geen rechten en plichten voorzien tussen feitelijke samenwoners op het vlak van eigendom en betaling van schulden.

Iedere samenwoner blijft eigenaar van zijn/haar goederen. Kopen de partners samen iets aan dan is er sprake van een onverdeeldheid : de rechten van beide partners staan in verhouding tot hun repsectievelijke bijdrage in de prijs.

Ook de inkomsten blijven eigen, zodoende zal elke partner een afzonderlijke aangifte in de Personenbelasting moeten indienen.

Deze onafhankelijkheid heeft echter ook zijn prijs : u bent immers op geen enkele manier beschermd, noch tijdens het samenleven (o.a. hulp en bijstand) noch bij de beëindiging ervan door scheiding (bijv. alimentatie) of overlijden.

Zo kan de partner die eigenaar is van de gezinswoning alleen over het lot ervan beslissen, meer nog, in geval van een “scheiding” zal de andere partner gedwongen kunnen worden om de gezinswoning te verlaten.

Wil men hier aan verhelpen dan is het raadzaam om een samenlevingscontract op te stellen waarin één en ander wordt vastgelegd.

Belangrijk om te weten is dat feitelijk samenwonende partners geen erfgenamen van elkaar zijn, laat staan dat de feitelijk samenwonende partner op enig ogenblik beschermd wordt tegen de erfgenamen van de eerststervende.

Mocht u een testament hebben opgesteld en heeft u meer dan één jaar een gemeenschappelijke huishouding gevoerd, dan zal u voor de Erfbelasting in het Vlaamse Gewest gelijkgesteld worden met gehuwden (max.tarief = 27% en vrijstelling gezinswoning). Stiefkinderen worden ook gelijkgesteld aan erfgenamen in rechte lijn.

Het Waals en het Brussels Gewest daarentegen beschouwen de feitelijk samenwonende én hun stiefkinderen als vreemden met tarieven tot max. 80% tot gevolg.

Wettelijke samenwoning

Er is sprake van een wettelijke samenwoning als men een verklaring van wettelijke samenwoning heeft afgelegd voor de ambtenaar van burgerlijke stand van de gemeente waar men woont.

Eénieder kan een dergelijk verklaring afleggen, zolang men op het ogenblik van het afleggen van voormelde verklaring maar niet gehuwd is.

Vanaf het ogenblik waarop u de verklaring heeft ondertekend, treedt een beperkte wettelijke bescherming in werking. Zo wordt o.a. voorzien in een bescherming van de gezinswoning (die voortaan kan verkocht of gehypothekeerd worden mits instemming van de wettelijke samenwonende partner) en dient men bij te dragen in de kosten van de samenwoning in functie van de mogelijkheden. Maar er is dan weer geen –wettelijke- verplichting tot samenwoning noch een onderhoudsverplichting.

Wenst men een grotere bescherming in te bouwen dan is het raadzaam om een samenlevingscontract op te stellen. In voorkomend geval moet het een notarieel contract betreffen dat vervolgens zal opgenomen worden in het Centraal Register.

Algemeen gelden de principes van zuivere scheiding van goederen.

U kan, in uw samenlevingscontract, ook een soort beperkt gemeenschappelijk vermogen creëren alwaar u bijvoorbeeld de gezinswoning inbrengt. Een dergelijke inbreng gaat wel gepaard met een fiscale kost van 10% of 12,5% alnaargelang het Gewest. Verder kan uitgewerkt worden wie instaat voor de betaling van welke kosten, op welke wijze het beheer van de goederen wordt geregeld, …

Daarenboven kan u eveneens bepalen wat er zal gebeuren in geval van “scheiding”. Zo kan voorzien worden in een (in de tijd beperkte) onderhoudsuitkering en kan een verdelingsregeling uitgewerkt worden i.g.v. ongelijke financiering van bepaalde (onroerende) goederen.

Mocht één van beide partners komen te overlijden, is er wel een erfrecht voorzien ten voordele van de langstlevende. Deze krijgt immers het vruchtgebruik –of het recht op de huur- van de “gezinswoning” en de daarin aanwezige huisraad. Maar de wettelijk samenwonende partner is geen reservatair erfgenaam en kan dan ook onterfd worden.

Wenst u het erfrecht van uw partner uit te breiden dan kan dit maar hiervoor moet een testament opgemaakt worden en dient men rekening te houden met het beschermd deel van uw reservataire erfgenamen.

In alle drie de Gewesten wordt de wettelijk samenwonende partner voor de Erfbelasting volledig gelijkgesteld met de echtgenoot (tarieven én vrijstelling gezinswoning). Stiefkinderen worden gelijkgesteld met gewone kinderen. De gelijkschakeling geldt ook als de natuurlijke ouder reeds vooroverleden is weliswaar op voorwaarde dat hij/zij nog steeds wettelijk samenwonend (of gehuwd) was op het ogenblik van diens overlijden.

Lees ook corner overdracht

Dit bericht is geplaatst in Erfenis, Overdracht, Vrouwen met de tags , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *