Hoe wij onze vooroordelen op basis van recente ervaringen kunnen overwinnen

Door Fidelity

Recency bias is de naam voor de sterke invloed die onze recente ervaringen kunnen uitoefenen op onze besluitvorming. Het vormt met name een probleem voor beleggers op de financiële markten, waar de effecten van een bepaalde dynamiek sterk en overtuigend kunnen zijn. Toch moeten wij ons bewust zijn van de nadelen als wij goed willen omgaan met de omslagpunten op de markt, of zelfs als wij alleen al de huidige vermogensprijzen in een langetermijncontext willen plaatsen. De actualiteit heeft voortdurend invloed op ons. Vaak gaat dat subtiel en onbewust. Dat neemt echter niet weg dat de belegger een aantal praktische stappen kan nemen om de negatieve gevolgen ervan te vermijden.

Uit tests met onze herinneringen is duidelijk gebleken dat mensen het laatste wat je tegen ze zegt, het beste kunnen onthouden.1 Aan de hand van het concept van het begrensde werkgeheugen kunnen wij begrijpen waarom mensen het laatste punt op de lijst het beste kunnen onthouden. Dezelfde analogie gaat echter op voor een actualiteitseffect op een langere termijn, dat ons denken al evenzeer beïnvloedt, en dat bekend staat onder de naam “contextual drift”.2 Hiermee wordt bedoeld dat de context die wij op een gegeven moment op ons denken toepassen, kan worden beschouwd als de naar actualiteit gewogen som van onze eerdere ervaringen of herinneringen.

Deze wetenschap suggereert dat beleggers geneigd zijn hun persoonlijke ervaringen veel te zwaar te laten tellen, ten koste van de statistieken. Persoonlijke ervaringen wekken de indruk algemeen te zijn. De oorzaak hiervan is het effect van de emotie. Als je eigen belangen op het spel staan, ervaar je de positieve en negatieve marktgebeurtenissen die doorwerken op je portefeuille veel sterker, met als gevolg een emotionele reactie die langer blijft hangen. Wordt het aspect van actualiteit gekoppeld aan levendigheid (een verschijnsel dat gedragspsychologen “salience” noemen), is het effect nog sterker. De combinatie van de twee verklaart de huidige hoge prijs voor veiligheid op de financiële markten.

De financiële en schuldencrisis ligt nog vers in het geheugen van de belegger, ondanks het feit dat de aandelenmarkten de laatste maanden behoorlijk zijn gestegen. Nog maar een jaar gelegen dachten velen dat Griekenland de eurozone zou verlaten, met een nog veel grotere eurocrisis als gevolg. Naarmate de tijd verstrijkt, neemt de recency bias weer af, maar de hevige paniek die werd veroorzaakt door de val van Lehman in oktober 2008 is nog altijd recent en levendig genoeg aanwezig in de hoofden van tal van beleggers. Dit was immers de meest ernstige crisis die deze generatie heeft meegemaakt.

Feitelijk zijn dergelijke crises heel erg zeldzaam – voor een echt precedent moeten we teruggaan tot de Grote Depressie van de jaren dertig. Vóór de financiële crisis hadden de meeste beleggers de kans op een dergelijke gebeurtenis nog onderschat, juist omdat de laatste grote crisis al zo ver in het verleden lag (en niemand er persoonlijke ervaringen mee had). Nu is juist het tegenovergestelde aan de hand: het feit dat zo’n ernstige crisis in het recente verleden heeft plaatsgevonden, maakt dat beleggers de kans overschatten dat het weer gebeurt. De grote vraag naar veilige vermogenstitels heeft de prijs van staatsobligaties als Amerikaanse Treasuries en Duitse Bunds naar een historische laagte gedreven.

De recente opleving op de aandelenmarkten is vooral te danken aan de indruk dat wij het ergste van de schuldencrisis achter de rug hebben. Toch hebben veel beleggers nog altijd een forse overweging in veilige vermogenstitels, en dat in een tijd dat het absolute risico-/beloningsprofiel van die beleggingscategorieën juist minder aantrekkelijk is geworden. Uit een recente enquête van State Street onder particuliere beleggers bleek dat deze nog steeds het meest vertegenwoordigd waren in liquide middelen. 31% van het totale vermogen was belegd in deze categorie en naar verwachting zou dit cijfer de komende tien jaar rond de 30% blijven. En dat ondanks het wijdverbreide besef dat de tijd vraagt om een agressievere benadering.

Deze voorkeur voor veiligheid is voor een groot deel te verklaren door de recency bias. Soms kan een dergelijke vooringenomenheid niet zo veel kwaad. Dynamiek is een welbekende factor die van tijd tot tijd de markten omhoog stuwt: “The trend is your friend.” Het probleem met dynamiek is echter dat deze niet altijd werkt. Soms reageren de markten veel te sterk en worden beleggingscategorieën over- dan wel ondergewaardeerd, totdat het punt komt dat ze weer terugkeren naar hun historische gemiddelde. Wij moeten accepteren dat onze besluitvorming soms wat beneveld raakt door deze overgangsfasen. Natuurlijk, recency bias helpt ons om te begrijpen waarom het een tijdje duurt voordat beleggers pas reageren op de echte keerpunten op de markt.

Wat kunnen beleggers dan doen om niet in de val te trappen en hun oordeel te laten beïnvloeden door de recente gebeurtenissen? Een van de oplossingen is om systematische regels toe te passen. Professionele beleggers weten allang dat een consistent beleggingsproces op basis van onderzoek een belangrijk afweermiddel kan zijn tegen psychologische vooroordelen. In het geval van de actualiteit kan het helpen om bewust uit te gaan van een verdere horizon of van een gegevensset waarmee het huidige klimaat in de juiste context kan worden geplaatst. Waarderingen van historische gemiddelden kunnen ons bijvoorbeeld helpen om de huidige waarde van financiële activa beter in te schatten.

De huidige situatie geplaatst in een langetermijncontext

Bron: Citi, Datastream, per 20-2-2013. Standaardafwijking rendementen op financiële activa gedurende de laatste tien jaar.

De grafiek laat zien hoe ver de rendementen op financiële activa verwijderd zijn van hun gemiddelde over de laatste tien jaar. Aandelen zijn momenteel het goedkoopst – de rendementen op niet-financiële activa zijn bovengemiddeld – en dus het meest aantrekkelijk, afgezet tegen hun eigen historie. Deze aantrekkelijkheid wordt des te overtuigender als je wat verder om je heen kijkt – liquide middelen en obligaties bieden rendementen die aanzienlijk onder hun respectieve 10-jarige gemiddelden liggen. Sterker nog, met name staatsobligaties zijn momenteel uitermate kostbaar. Statistisch gezien kunnen we stellen dat hun huidige rendement met ruim twee maal de standaardafwijking onder het 10-jarige gemiddelde ligt. Anders gezegd, dit betekent dat ruim 95% van de rendementen op staatsobligaties de laatste tien jaar in een bereik lag dat hoger is dan het huidige rendement op staatsobligaties. Langetermijnbeleggers die geloven in terugkeer tot het gemiddelde, zouden zich eens goed moeten bezinnen op de wegingen in hun portefeuilles van aandelen, obligaties en liquide middelen.

Een ander afweermiddel tegen de recency bias is een zorgvuldige blootstelling aan financiële media. Het effect van de actualiteit kan door media-aandacht te veel gewicht krijgen. Dan steekt een andere neiging de kop op: het psychologische effect dat ook wel de narrative fallacy wordt genoemd. Dit komt erop neer dat wij zeer ontvankelijk zijn voor verhalen, zo zeer zelfs dat wij op zoek gaan naar patronen en verklaringen terwijl het vaak alleen maar om toevalligheden gaat. Elke beweging en elke ommekeer op de markt wordt toegekend aan iets of iemand. Hierdoor wordt voortdurend olie op het vuur van de contextual drift gegooid, waar beleggers zo voor moeten oppassen. Helaas worden beleggers hierdoor gestimuleerd op zoek te gaan naar ‘trigger events’, terwijl ze tegelijkertijd gewoon voorbijgaan aan het cumulatieve belang van het toenemende goede nieuws.

Wat moeten wij doen om de recency bias te weerstaan? Probeer waar mogelijk altijd naar de lange termijn te kijken, filter de mediaverhalen zorgvuldig en pas goed op voor de oogkleppen van recente ervaringen. Haal daarentegen uw plezier uit saaie statistieken zoals gemiddelde waarderingen, en ga over het algemeen uit van een meer systematische benadering (of beleg in een professionele belegger die dat doet). U zult zien dat u de kans om zich te onderscheiden van de meute aanzienlijk vergroot.

1. Voor meer informatie over het “serial position effect”, zie Ebbinghaus, Hermann (1913), “Memory: A Contribution to Experimental Psychology”.

2. Davelaar E.J., Goshen-Gottstein Y., Ashkenazi A., Haarmann H.J. en Usher M., “The Demise of Short-Term Memory Revisited: Empirical and Computational Investigations of Recency Effects”. Psychological Review. 2005; 112: p. 3-42.

3. State Street Center for Applied Research, “The Influential Investor”. Onderzoek verricht over een periode van twaalf maanden eindigend in november 2012 op basis van 2.725 beleggers uit 14 landen.

Dit bericht is geplaatst in Aandelen met de tags , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *