Nuttige tips

Advertisement

Deutsche Bank

Waarom zijn de markten beducht voor een rentestijging?

6/12/2018

Tot tweemaal toe dit jaar werden de beurzen wereldwijd aan het wankelen gebracht door de plots stijgende rente. En telkens vond die stijging eerst plaats in de Verenigde Staten, om zich vervolgens uit te breiden naar de rest van de wereld.
Samengevat:

  • De rente stijgt als gevolg van de stijgende inflatie en het einde van buitengewone steunmaatregelen door de centrale banken.
    • Een stijging van de rentetarieven betekent niet noodzakelijkerwijs minder goede bedrijfsresultaten.
    • Door de volatiliteit van de aandelenmarkten kiezen sommige beleggers al voor obligaties. Maar een structurele stap in die richting is nog niet zichtbaar.

Wat geeft de aanzet voor rentestijgingen?

De obligatierente laat nu al bijna 40 jaar een geleidelijke daling optekenen. De evolutie bereikte recentelijk haar dieptepunt als gevolg van de financiële crisis van 2008. Om de economie terug op het goede spoor te krijgen opteerden de grote centrale banken voor een ongekend en ultra-accommoderend beleid.Dat ging gepaard met verlagingen van de beleidsrente en liquiditeitsinjecties die de obligatierente deed terugvallen tot historisch lage of zelfs negatieve niveaus.

De centrale bankiers tonen zich vandaag tevreden omdat ze met hun beleid het wankele vertrouwen een duw in de rug hebben gegeven, de wereldwijde groei weer op de sporen gekregen hebben en de financiële markten fors ondersteund hebben. De rente is ondertussen opnieuw aan het stijgen, maar niet overal en niet met dezelfde intensiteit. De afgelopen tien jaren daalde de rente als gevolg van de economische crisis en de tussenkomsten van de centrale banken. Vandaag stijgt ze door de aantrekkende inflatie en het einde van de uitzonderlijke maatregelen van de centrale banken.

Is een rentestijging slecht nieuws voor de economie?
Wie rentestijging zegt, zegt duurdere kredieten, zowel voor bedrijven als gezinnen. De eerste reactie van de markten op een rentestijging is dus veeleer negatief omdat de aandelenbeleggers moeilijkere tijden zien aankomen. Nochtans leidt een rentestijging niet noodzakelijk tot slechtere bedrijfsresultaten. Hogere rentevoeten wijzen doorgaans op een goed vormpeil van de economie en dus betere winstvooruitzichten voor de bedrijven.

Alles is echter een kwestie van timing, renteniveaus en intensiteit van de stijging. Te hoge inflatieverwachtingen zouden de rentevoeten doen stijgen en zouden de centrale banken verplichten om het monetair beleid te verstrakken, wat een economie zou kunnen verstikken. Een trapsgewijze rentestijging (ons scenario) zou daarentegen lichter “verteerbaar” zijn. Zo kondigde de Fed op 28 november aan dat de beleidsrente dicht bij haar neutrale niveau zit, wat ons scenario bevestigt.

Welke impact, en op welke activaklassen?

Aandelen:de rente zou moeten stijgen omwille van de voortgezette economische groei en de geleidelijke normalisatie van de monetaire politiek. Deze vaststelling, in combinatie met solide bedrijfsresultaten, is ondersteunend voor de aandelenmarkten. Daarom zou de impact van de rentestijging, die weliswaar ook gepaard gaat met een hogere volatiliteit op de beurzen, beperkt moeten blijven. Bovendien blijft het dividendrendement in Europa een stuk hoger dan het obligatierendement. Het algemene renteniveau zou dus serieus moeten stijgen vooraleer obligaties voor meer concurrentie zorgen ten opzichte van aandelen en zo op de beurskoersen wegen.

Obligaties:rendementen en prijzen van obligaties evolueren in omgekeerde richting, een rentestijging heeft dus een negatieve impact op de waarde van obligaties in portefeuille. Maar aangezien obligaties op vervaldag aan nominale waarde terugbetaald worden, realiseert de belegger geen verlies, tenzij hij voor vervaldag verkoopt aan een prijs lager dan de nominale waarde. Voor nieuw uit te geven obligaties zal een hogere coupon aangeboden worden, waardoor deze opnieuw interessanter kunnen worden. De rente in euro is echter nog steeds extreem laag, zodat voorlopig weinig beleggers de weg terug naar obligaties zullen vinden. Daarenboven dekt de geboden rente nauwelijks of niet de inflatie waardoor de belegger wel aan koopkracht verliest.

Naarmate de rente hogere regionen opzoekt, en naarmate een bepaalde drempel overschreden wordt, die voor ieder individu anders is, zullen meer beleggers de overstap maken van risicovol naar meer veilig beleggen. De toegenomen volatiliteit op de aandelenmarkten doet beleggers al eens twijfelen om die omslag nu al te maken, een structurele beweging van aandelen naar obligaties zien we echter nog niet.

_____________________________________________

Hoe navigeren tussen angst en kansen?

12/11/2018

Volatiliteit zal de financiële markten blijven beïnvloeden, al mag dat u niet afschrikken om geïnvesteerd te blijven. Een actuele doorlichting van de financiële markten.

Samengevat:

  • Aandelen blijven de voorkeur genieten boven obligaties.
  • De aversie bij beleggers voor groeilanden heeft de waarderingen van hun aandelenmarkten een stuk aantrekkelijker gemaakt.
  • Flexibele gemengde beleggingsfondsen gaan door een turbulente periode. Niettemin blijven ze best de kern van een beleggingsportefeuille uitmaken.

De aandelenmarkten vinden dit jaar moeilijk de weg omhoog. Ze worden ook gekenmerkt door een grotere volatiliteit.

Deze is een typisch fenomeen van de late fase waarin de economische cyclus zich nu bevindt. Komt daarbij dat de Amerikaanse centrale bank de rente aan het optrekken is. Dat zal een einde maken aan een lange periode van goedkoop geld.

De volatiliteit biedt kansen voor attente beleggers. Vandaar dat aandelen de voorkeur blijven genieten boven obligaties. De rente blijft relatief laag, en de bedrijfswinsten zitten nog steeds in de lift.

  1. Aandelen – VS

De Amerikaanse beurzen surfen nog altijd op een positief elan. Dit jaar werden opnieuw records neergezet. De economische groei is er hoger dan in de andere grote ontwikkelde landen, en de bedrijfsresultaten zijn er uitstekend. Ook de vooruitzichten voor Amerikaanse aandelen blijven positief.

De verwachtingen voor de bedrijfsresultaten liggen hoog, maar de Amerikaanse bedrijven hebben een erg sterke reputatie wat betreft het waarmaken of zelfs overtreffen van die verwachtingen. Niettemin zijn er enkele onzekerheden, zoals het sluimerende handelsconflict – dat tot nu toe maar een beperkte impact had op de Amerikaanse beurzen – en de komende parlementsverkiezingen.
2. Aandelen – eurozone

In de eurozone eiste het handelsconflict en de hetze in Italië zijn tol op de aandelenmarkten. Vooral de bankaandelen – die in de aandelenindex zwaar doorwegen – deden het niet goed. De sterk presterende technologie-aandelen hebben daarentegen maar een gering gewicht in de index. Het is wachten op een ommekeer voor aandelen uit de eurozone. Die kan er komen als het handelsconflict wat afkoelt – erg belangrijk voor een open economie als de eurozone.
3. Aandelen – groeilanden

De appetijt voor aandelen uit de groeilanden is geslonken. Dat is een gevolg van de crisis in landen als Turkije en Argentinië. De groeilanden zijn echter een erg heterogene groep, en het kind mag niet met het badwater weggegooid worden. Veel groeilanden zijn vandaag financieel sterker dan tijdens de vorige crisis.

De aversie bij beleggers voor groeilanden heeft de waarderingen van hun aandelenmarkten een stuk aantrekkelijker gemaakt.
4. Obligaties

Het rendement op bedrijfsobligaties van goede kwaliteit in euro blijft verwaarloosbaar. Bent u als belegger vooral op zoek naar kapitaalbescherming? Dan zijn financiële producten waarvan het kapitaal is beschermd maar de coupon afhangt van de prestatie van een onderliggende index of beleggingsfonds mogelijk interessante opties.

Wie op zoek is naar rendement in obligaties kan kiezen voor obligaties uit de groeilanden, die een correcte vergoeding bieden voor het hogere risico. Die rendementen werden ook een stuk aantrekkelijker na de tegenvallende prestaties van de jongste maanden. Ook hier is wel selectiviteit geboden.

  1. Flexibele gemengde fondsen

Flexibele gemengde beleggingsfondsen gaan momenteel door een turbulente periode. De financiële markten (aandelen, obligaties) zetten erg verschillende prestaties neer, en ook binnen de aandelen zijn er grote verschillen tussen de regio’s en sectoren. Elk fonds is op zijn eigen manier flexibel, waardoor de prestaties van deze fondsen op korte termijn sterk kunnen uiteenlopen. Niettemin kunnen deze flexibele gemengde fondsen de kern van de beleggingsportefeuille blijven uitmaken. Een ruime diversiteit aan beheerstrategieën en -stijlen die elkaar goed aanvullen, is dan wel aangewezen. Kortom, gezien de volatiliteit is het niet eenvoudig om aan- en verkopen goed te timen. Zeker indien men zich zou laten leiden door emotionele argumenten. Handelen op basis van emoties kan leiden tot verliezen.

_____________________________________________

Het wel en wee van 10 jaar ECB

8/10/2018

Is 0,11% rente op het spaarboekje het nieuwe normaal? Een terugblik op 10 jaar monetair beleid van de Europese Centrale Bank, en een vooruitblik.

Samengevat:

  • 10 jaar na de financiële crisis heeft de Europese Centrale Bank (ECB) het landschap voor Belgische spaarders en beleggers aardig hertekend.
  • Ontdek welke impact de gebeurtenissen van de afgelopen 10 jaar op uw rendement van morgen hebben.

In 2008 nam de Europese Centrale Bank (ECB) buitengewone maatregelen. Die waren nodig als reactie op de bankencrisis die Europa in het hart trof. De subprime-crisis die in de VS was ontsproten, had zich verspreid via toxische producten die op de balansen van de meeste Europese banken stonden.

  1. De Europese Centrale Brandweer

Na de eerste schokgolven, met onder meer het faillissement van de Amerikaanse investeringsbank Lehman Brothers, viel de interbancaire markt in 2008 zo goed als stil. Banken wilden geen geld meer aan elkaar uitlenen. De ECB besloot daarom al snel om de banken een onbeperkte hoeveelheid geld uit te lenen aan een vaste rente. Zo nam ze een stuk de rol van de interbancaire markt over.

  1. Van 3,75% rente naar 1% en terug naar 1,5%

De koers waartegen banken geld konden ontlenen, zakte tot 1% in mei 2009 (in najaar 2008 was dit nog 3,75%). Ondertussen had de Europese economie de ergste recessie meegemaakt sinds het interbellum. Alles wees er op dat consumentenprijzen eerder snel zouden dalen in plaats van stijgen. De beleidsrente bleef bijna twee jaar op 1% vastgenageld.

Rond die periode maakte de ECB waarschijnlijk haar enige fout. Hoewel de bankencrisis in de eurozone stilaan overvloeide naar een staatsschuldencrisis, focuste de ECB zich vooral op haar mandaat om de inflatie te beheersen. Vanaf het voorjaar van 2011 bedroeg de inflatie echter meer dan 2,5%. Dit leidde ertoe dat de ECB haar beleidsrente twee keer verhoogde tot 1,50%. Dat bleek een vergissing.

  1. Een nieuwe ECB-voorzitter, een nieuwe reeks renteverlagingen

Vlak na zijn aantreden in november 2011 gaf Mario Draghi het startschot voor nieuwe renteverlagingen in de eurozone. Aangezien de inflatie begon te dalen, totdat er uiteindelijk een dreigende deflatie ontstond (een blijvende prijsdaling), verlaagde de ECB de volgende vijf jaar de rente uiteindelijk tot 0%.

  1. Daar is de negatieve rente

Hoewel een beleidsrente van 0% ongezien was in de eurozone, ging de ECB midden 2014 nog een stapje verder. Om banken te dwingen geld uit te lenen aan bedrijven en particulieren, lanceerde de ECB een negatieve rente op geldoverschotten die banken bij de ECB parkeerden. Dat had tot gevolg dat banken moesten betalen om ongebruikt geld bij de ECB te stallen. Deze depositorente werd eerst vastgeprikt op -0,10% in juni 2014 om uiteindelijk in het voorjaar van 2016 te zakken tot -0,40%. Dat niveau is vandaag nog steeds van kracht.

  1. Opkoop van staatsobligaties

In de zomer van 2012 bereikte de schuldencrisis in Europa zijn hoogtepunt. De rente op staatsobligaties nam gestaag toe: in Ierland en Portugal klom de 10-jarige rente op nieuwe staatsobligaties boven de 10%. In Griekenland zelfs tot 30%. Die hoge rente werd onhoudbaar en de fundamenten van de eurozone vertoonden al kleine barsten. De ECB schoot de eurozone opnieuw te hulp. Ditmaal met de lancering van een gloednieuw wapen: het massaal opkopen van staatsobligaties uit de hele eurozone.

  1. “Whatever it takes”

In juli 2012 leverde de ECB-voorzitter in London zijn beroemdste toespraak af. Daar verklaarde hij dat de ECB er ten alle koste (whatever it takes)alles aan zou doen om de eurozone te redden. Op de financiële markten werd het self fulfilling-effect meteen zichtbaar: beleggers kochten opnieuw Europese schuldpapieren en de rente begon te dalen.

Hoewel de belofte om obligaties op te kopen aanvankelijk soelaas bracht, moest de ECB in 2015 nog fors optreden. Het deflatiespook dreigde op dat moment harder dan ooit. De ECB besloot daarom om niet alleen druk te zetten op de kortetermijnrente, maar ook op de langetermijnrente, via de aankoop van staatsobligaties met een looptijd van minstens 2 jaar. De maatregel werkte: op alle markten zakten de tarieven. Maar het duurde echter tot het najaar van 2016 voordat de inflatie uiteindelijk boven de 0,5% piepte, na meer dan twee jaar te hebben geflirt met de deflatiedrempel.

  1. To bubble or not to bubble

Hoewel de ECB puik huiswerk afleverde, is het beleid ook fors bekritiseerd. Haar beleid is eveneens een potentiële bron van speculatieve bubbels, met name op de vastgoed- en aandelenmarkten. De heel lage rente moedigde mensen aan om hypotheken te nemen en dreven beleggers tegelijk in de richting van aandelen. In een klimaat van lage rente bieden aandelen immers een mooier perspectief op rendement dan obligaties. De ECB verdedigde zich op deze kritiek door met enkele studies te zwaaien. Daaruit bleek dat bij gebrek aan aankopen van obligaties de inflatiesituatie slechter zou zijn geweest dan nu.

  1. Ondertussen op uw spaarboekje…

Hoe u het ook bekijkt, de afgelopen jaren had het beleid van de ECB een groot effect op alle Belgen. Terwijl u voor 2008 op gereglementeerde spaarrekeningen soms meer dan 3% rente kreeg, is dat op de meeste gezakt tot 0,11%. Hetzelfde geldt voor kasbons, obligaties en termijnrekeningen: alle vastrentende beleggingen zagen hun opbrengsten verdampen. Om toch een zeker rendement te halen, is het nu noodzakelijk om risico’s te nemen, bijvoorbeeld door te beleggen. Dit hebben veel beleggers ook gedaan, wat de aandelenindexen de afgelopen jaren de hoogte heeft ingestuwd.

  1. Wat brengt de toekomst?

Vandaag leunt de inflatie in de eurozone bijna tegen de 2% aan, wat ook de doelstelling van de ECB is. Maar het is afwachten of de prijsstijgingen van blijvende aard zijn. Toch kan de ECB het zich stilaan veroorloven om een deel van de ondersteunende maatregelen af te bouwen. Ondertussen heeft de ECB haar obligatie-aankopen verminderd en zal ze die in principe voor het einde van het jaar volledig stopzetten.

Een eerste renteverhoging wordt echter niet verwacht voor de zomer van 2019. Bovendien duurt het gewoonlijk lange tijd eer het monetaire beleid zijn stempel drukt op de hele rentecurve. En dat betekent dus ook dat de forse rentestijgingen op gereglementeerde spaarrekeningen en andere populaire beleggingen nog niet voor morgen zullen zijn.

_____________________________________________

Een regelmatig inkomen uit uw kapitaal verkrijgen? Een handleiding

14/9/2028

Net een woning verkocht, een pensioenkapitaal ontvangen of een grote som geërfd? Dan kunt u dit vermogen aanwenden om een regelmatig inkomen te genereren. Lees onze analyse.

Naarmate u de pensioenleeftijd nadert, zal uw financieel plaatje er anders beginnen uitzien. De reden is simpel: na uw pensioen zal uw inkomen wellicht drastisch dalen (zie kader). Om uw levensstandaard te kunnen handhaven, is het nodig om tijdens uw loopbaan uw financiële reservesaan te leggen.

Door de aanvullende pensioenspaarregelingen van de tweede pijler (via uw werkgever) of derde pijler (privé) krijgt u wellicht een mooi bedrag als u met pensioen gaat. Maar is dat wel voldoende? En wat kunt u nu precies doen met dit geld dat u van uw groepsverzekering of levensverzekeringsfonds ontvangt? Hoe kunt u ermee een zeker rendement behalen?

Sparen: geen risico, maar…

De eerste stap die u kunt overwegen is de gereglementeerde spaarrekening. In België zijn de voordelen van het spaarboekje talrijk. Ten eerste vallen deze rekeningen onder de wettelijke depositobescherming van 100.000 euro per volmachtshouder en per financiële instelling. Sparen is momenteel dan ook de veiligste keuze. Ten tweede is de eerste schijf rente van 960 euro (inkomstenjaar 2018), per jaar en per belastingplichtige vrijgesteld van de roerende voorheffing van 30%. Daarom is het ook een ​​fiscaal interessante oplossing. Tot slot is een spaarrekening heel liquide: indien nodig is uw geld onmiddellijk beschikbaar.

Drie grote voordelen dus. Maar er is één (heel) groot nadeel: de historisch lage rente. Die is momenteel zo laag dat een gereglementeerde spaarrekening nauwelijks rendementoplevert. En zeker onvoldoende rendement om in een betekenisvol, regelmatig inkomen te voorzien. Om extra rendement en inkomsten te krijgen, zal u dus een zeker risico moeten nemen.

Gestructureerde producten: een strategie op maat

Indien ze passen bij uw beleggersprofiel en uw risicotolerantie, kunnen sommige gestructureerde producteneen oplossing zijn. In de meeste gevallen zijn dit schuldinstrumenten waarvan de opbrengst afhangt van een vooraf bepaald scenario. Het rendement kan bijvoorbeeld gekoppeld worden aan de evolutie van een beursindex, een fonds of een korf van fondsen, een rentevoet of zelfs inflatie. Vaak wordt het rendement uit zo’n product uitgekeerd onder de vorm van een jaarlijkse coupon (zoals bij gewone obligaties) of in een eenmalige coupon op het einde van de looptijd van het product. Deze coupons zijn evenwel onderworpen aan de roerende voorheffing van 30%. Opgelet: deze bescherming is geen absolute garantie omdat de uitgever mogelijk niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. U zult ook rekening moeten houden met eventuele instapkosten.

In de overgrote meerderheid van de gevallen hebben gestructureerde producten een vooraf bepaalde looptijd (bijvoorbeeld 5 of 10 jaar). Om zich tegen eventueel kapitaalverlies te beschermen, geven beleggers vaak de voorkeur aan gestructureerde producten met het recht op 100% terugbetaling op de vervaldag. Opgelet: deze bescherming is geen absolute garantie omdat de uitgever mogelijk niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. U zult ook rekening moeten houden met eventuele instapkosten.

Gestructureerde producten hebben dus verschillende voordelen. Aan de ene kant ligt hun potentieel rendement hoger dan dat van klassieke bankproducten.Aan de andere kant kunt u, afhankelijk van de door u gekozen strategie, wel min of meer de omvang van het regelmatig inkomen inschatten. Bovendien is het aanbod aan gestructureerde producten voldoende gevarieerd. Op die manier kunt u een deel van uw vermogen spreiden over verschillende producten met verschillende strategieën, verschillende looptijden en uitgevers. Zo spreidt u de risico’s.

Gestructureerde producten zijn namelijk niet zonder risico. U moet altijd rekening houden met het risico op kapitaalverlies indien de uitgever niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. Bij gestructureerde producten in vreemde valuta geldt er een wisselkoersrisico.

Daarnaast is er ook het liquiditeitsrisico: als u voor het einde van de vervaldag een deel van uw geld wil terugvorderen, bent u afhankelijk van de prijzen op de secundaire markt. Op die manier riskeert u rendement te verliezen als de coupon gekoppeld is aan de evolutie van een index, fonds, rentecurve, enzovoort. Ten slotte is er ook een herbeleggingsrisico: op de vervaldatum hangen uw herinvesteringsmogelijkheden af van de toestand van de financiële markten op dat moment.

Aandelenmarkten: flexibiliteit heeft zijn prijs

Terwijl gestructureerde producten een zeker comfort bieden, zijn ze wellicht niet de ideale oplossing voor beleggers die een hoge graad van flexibiliteit voorop stellen. Bent u een belegger met een duidelijke beleggingshorizon, de nodige ervaring en kennis en kunt u met volatiliteit omgaan? Dan kan de aandelenmarkt een mogelijkheid zijn, indien dit binnen uw risicoprofiel past. Om een potentieel regelmatig inkomen te genereren kunt u in dat geval de voorkeur geven aan aandelen die een dividend uitkeren. Niettemin blijven individuele aandelen bijzonder riskant voor particuliere beleggers.

Daarom zijn flexibele gemengde fondsen1een mogelijk alternatief. De beheerders van deze fondsen beleggen in aandelen, obligaties en andere activa. Door hun flexibel beleid kunnen deze fondsen hun blootstelling aan de financiële markten herzien op basis van de risico’s die de beheerder verwacht. Op die manier streven deze fondsen een dubbel doel na: profiteren van het opwaartse potentieel van de aandelenmarkten én bescherming opbouwen tegen neerwaartse risico’s. Sommige van deze flexibele gemengde fondsen beogen bovendien een regelmatig inkomen uit te keren.Dit doen ze door bijvoorbeeld in dividendaandelen, (al of niet risicovollere hoogrentende) obligaties en zelfs in valuta te beleggen.

Voordat u zich inschrijft voor een van deze fondsen, gaat u uiteraard eerst na of dit type beleggingen bij uw doelstellingen en risicoprofiel past. Hoewel ze gediversifieerd zijn en professioneel beheerd worden, blijven fondsen risicovolle producten zonder kapitaalbescherming.

Voordat u zich op de financiële markten begeeft, is het belangrijk om even voor de spiegel te staan. U moet immers goed de afweging maken of u een deel tot al uw opgebouwd vermogen via uw belegging wenst bloot te stellen aan een risico in de hoop een regelmatig inkomen te ontvangen.

Een oplossing met levenslange rente

Een andere piste is om in te tekenen op een oplossing dat u een minimumrente garandeert voor het leven. Dit type instrument – onder meer berekend op basis van de leeftijd waarop u intekent, het bedrag van de premie en de periodiciteit van de rente – bestaat onder de vorm van een levensverzekering (tak 21 of tak 23) en stelt u in staat om een regelmatig inkomen te genereren. Dat inkomen kan bijvoorbeeld maandelijks zijn, naast het wettelijke pensioen en eventuele andere extra middelen (inkomsten uit onroerende goederen, enz.) die u ontvangt. Gedurende de hele levensduur van het product (tot uw overlijden) wordt het ingebrachte startkapitaal belegd in een onderliggend product, zoals een fonds.

Het voordeel van zo’n oplossing is meteen duidelijk: u weet welk minimumbedrag aan rente u levenslang zal ontvangen.Of u na de startdatum nog 10, 20 of 40 jaar leeft, verandert hier niets aan. In sommige gevallen kan de rente zelfs worden verhoogd, in het bijzonder wanneer de onderliggende waarde een goede prestatie op de beurs neerzet. De renteperiode geniet vaak van een gunstig belastingstelsel en in sommige gevallen is er zelfs geen belasting verschuldigd³.

Na het overlijden van de verzekerde wordt de betaling van de rente beëindigd. De toekomst van het resterende kapitaal hangt af van de productomstandigheden. Als u voor een klassieke levensverzekering hebt gekozen, wordt het kapitaal aan de verzekeringsmaatschappij overgelaten. Voor bepaalde soorten levensverzekeringen wordt het resterende kapitaal echter terugbetaald aan de begunstigden in geval van overlijden.4 Dit laatste type oplossing komt tegemoet aan de schrik om een stuk vermogen te zien ontsnappen aan uw erfgenamen in het geval van een vroeg overlijden. In ieder geval weet u zeker dat u een minimale rente ontvangt tot het einde van uw dagen.

 

Een aanvullend inkomen: ja, maar waarom?

In België bedraagt het pensioen na een volledige loopbaan 1.220,86 euro3. Door de lage activiteitsgraad na 60 jaar, bedraagt het feitelijk ontvangen gemiddelde slechts 1.065 euro voor een werknemer. Voor zelfstandigen daalt dit gemiddelde zelfs tot 740 euro. Nochtans loopt u bij het ouder worden net een steeds groter risico op toenemende uitgaven, zoals gezondheidskosten. Na het pensioen kunnen ook andere recreatieve uitgaven stijgen. U heeft wellicht immers niet uw hele leven gewerkt om thuis voor altijd op de sofa te blijven zitten.

Alternatief voor ‘couponeters’

Veel beleggers bouwden decennia voor de crisis van 2008 losbrak, regelmatige inkomsten op via obligatiecoupons (of kasbons). Door de forse daling van de obligatiekoersen over 10 jaar, is deze optie echter riskanter geworden, toch als we willen kiezen voor sterke uitgevers van eerste rang met uitgiften in euro’s.

 

_____________________________________________

Drie potentiële risico’s voor de beurzen in de komende maanden

14/8/2018

Na maanden van onafgebroken koersstijgingen die de beurzen in januari 2018 naar nieuwe historische records voerden, stak volatiliteit opnieuw de kop op.

Samengevat:

  • Op 6 juli traden de eerste door Washington aangekondigde invoerheffingen in werking.
  • De wereldwijde groei blijft het goed doen met de Verenigde Staten en China als de twee belangrijkste locomotieven.
  • De midterm-verkiezingen in de Verenigde Staten zullen cruciaal zijn voor Donald Trump.
    Politieke spanningen en een dreigende handelsoorlog brachten de aandelenmarkten in vertwijfeling, maar tot vandaag vonden de beurzen steun in de goede economische kerncijfers. Toch zijn een aantal risico’s niet geweken en enkele daarvan zouden de markten de komende maanden opnieuw aan het wankelen kunnen brengen. Wij staan stil bij de 3 belangrijkste ervan.
    Handelsoorlog

Er gaat geen dag voorbij of Donald Trump slaat de beurzen om de oren met een of andere protectionistische maatregel. Op 6 juli traden de eerste door Washington aangekondigde invoerheffingen in werking: op ingevoerde Chinese producten ter waarde van 34 miljard dollar. China reageerde prompt door van zijn kant het equivalent aan heffingen op te leggen. De beurzen reageerden nauwelijks doordat deze aankondigingen reeds verwerkt waren in de koersen.

De dreigementen van de Amerikaanse president om Europese auto’s te belasten en om Chinese importgoederen tot mogelijk 500 miljard dollar te belasten (wat neerkomt op nagenoeg alle goederen afkomstig uit China) zorgden wel voor nervositeit bij de beleggers.

Hoewel Peking zich niet zal laten intimideren, gaan wij er toch vanuit dat de spanningen niet zullen leiden tot een regelrechte en grootschalige “handelsoorlog”, wat niet wegneemt dat het steekspel van maatregelen, tegenmaatregelen en compromissen voor de nodige beroering kan blijven zorgen op de beurzen.

  1. Wereldwijde economische vertraging

De wereldwijde groei blijft het goed doen en zou dit jaar kunnen uitkomen op 3,9%, met de Verenigde Staten en China als de twee belangrijkste locomotieven.

Toch ziet het ernaar uit dat na bijna 10 jaar van expansie de Amerikaanse economie stilaan het einde van de cyclus nadert. De belastinghervorming gaf de Amerikaanse bedrijven een nieuwe boost, maar het effect daarvan zal vroeg of laat wegebben. Voor de komende twee jaar verwachten wij echter geen recessie in de Verenigde Staten.

In China zet de economie haar zachte landing voort en de laatste statistieken voor het tweede kwartaal wijzen op een lichte vertraging van de industriële productie en van de groei (tot 6,7%).

In de Eurozone werden de groeiverwachtingen onlangs neerwaarts bijgesteld (tot 2,1% voor 2018) omdat de Europese Commissie vreest dat de politieke spanningen zullen aanhouden en dat de protectionistische maatregelen niet zonder gevolgen zullen blijven.

Hoe dan ook evolueert de wereldwijde groei nog steeds in een gunstige omgeving, wat in het voordeel van de beurzen werkt. Tegelijk zullen de beleggers steeds meer op hun hoede zijn voor signalen van economische vertraging. En die kunnen er sneller dan voorzien komen als de handelsspanningen verder zouden oplopen.

  1. (Geo-)politieke risico’s

Het migratiebeleid in Europa blijft zorgen baren. In afwachting van een gemeenschappelijke oplossing wordt de toon harder, worden grenzen gesloten en blijft extreemrechts terrein winnen. De eerste grote leider die wankelde, was Angela Merkel. Zwaar onder druk gezet door haar regeringspartner (de CSU) restte de Bondskanselier geen andere keuze dan te plooien en een verstrenging van haar migratiebeleid te aanvaarden. Afgezien van het menselijke aspect zou deze crisis op termijn nefaste effecten kunnen hebben voor de Europese economie.

De midterm-verkiezingen (november 2018) in de Verenigde Staten zullen cruciaal zijn voor Donald Trump. Van het resultaat zal de machtspositie van de republikeinen in het Congres afhangen. Een verschuiving van de meerderheid zou het einde kunnen betekenen voor de hervormingen die de sterke man van Washington wil doorvoeren en zou mogelijk een negatieve weerslag kunnen hebben op de Amerikaanse beurzen.

De Europese Commissie waarschuwde Italië al voor budgettaire ontsporingen, terwijl het na Griekenland het land is met de hoogste overheidsschuld in Europa. Ze is ook beducht voor het voornemen van de Italiaanse coalitie om belangrijke hervormingen op de lange baan te schuiven. Spanningen op de Italiaanse schuld en bij uitbreiding op de euro zijn de komende maanden dan ook niet uitgesloten.

_____________________________________________

Wie zijn de favorieten van het economische WK?

3/7/2018

Het WK voetbal in Rusland, van 14 juni tot 15 juli, is een goed moment om de deelnemende landen met een economische bril te bekijken. De machtsverhoudingen zijn er vaak helemaal anders dan wat men op het voetbalveld te zien krijgt… Lees ons speciaal dossier.

Samengevat:

Het ziet ernaar uit dat de competitie tussen de verschillende nationale economieën meedogenloos wordt.

De toename van het protectionisme, het voorzienbare einde van de economische cyclus en de progressieve vermindering van het genereuze monetaire beleid zorgen voor redelijk wat uitdagingen voor de landen die elkaar zullen treffen op het WK.

Ziehier een paar economische pronostieken voor de landen die – al dan niet – meedoen aan de voetbalcompetitie.

Het WK voetbal in Rusland, van 14 juni tot 15 juli, is een goed moment om de deelnemende landen met een economische bril te bekijken. De machtsverhoudingen zijn er vaak helemaal anders dan wat men op het voetbalveld te zien krijgt…

Twee grote scheidsrechters… die schitteren door hun afwezigheid op het wereldkampioenschap.

Gezien door een economische bril zijn de grote afwezigen op het wereldkampioenschapde Verenigde Staten en China, samen goed voor 40% van de wereldeconomie. Deze twee zwaargewichten zullen in de komende maanden voor de groei een belangrijke scheidsrechtersrol spelen.

Verwacht wordt dat de Amerikaanse economie zich verder zal herstellen en zijn expansie zelfs zal versnellen. De werkloosheidsgraad zou verder dalen. De grote uitdaging voor de Verenigde Staten is echter zijn dubbel tekort: zowel de handelsbalans als de overheidsfinanciën zijn nog nooit zo diep in het rood gegaan. De vrijgevige belastingpolitiek van president Trump zal het overheidstekort allicht geen goed doen. Wat het handelsonevenwicht betreft, wijst niets erop dat de protectionistische maatregelen van het Witte Huis het verwachte effect zullen opleveren, namelijk een terugkeer van bedrijfsactiviteiten naar het land.

Chinazou dan weer zijn overgang naar een meer consumptiegerichte economie verderzetten, wat volgens de laatste prognoses van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) gepaard zou gaan met een lichte vertraging van de groei. De Chinese groei bedroeg vorig jaar 6,9% en zal sowieso hoog blijven in vergelijking met de andere wereldmachten. Het blijft ook afwachten hoe de Aziatische reus zal evolueren nu de VS een handelsoorlog heeft ontketend.

We mogen er dus van uitgaan dat de twee scheidsrechters van de wereldeconomie de komende maanden in goede conditie blijven. Hoe ze er echter zullen voorstaan bij het volgende wereldkampioenschap, in 2022 in Qatar, is nog onduidelijk. Men zegt immers dat de grootste economie ter wereld zich aan het einde van een cyclus bevindt…

Japan en zijn vergrijzende ploeg

Japan, na de VS en China de derde grootste economie ter wereld, maakt wel zijn opwachting voor het wereldkampioenschap van 2018. Het land van de rijzende zon koestert evenwel geen grote economische ambities. De Japanse groei zou dit jaar immers vertragen tot 1,2%. Vorig jaar bedroeg die nog 1,7%. De economische expansie van Japan wordt ingetoomd door de demografie van het land. Zoals het IMF het formuleert “blijven de vooruitzichten op middellange termijn matig, vooral als gevolg van het teruglopen van de actieve bevolking”.

Ook al heeft Japan een vergrijzingsprobleem, toch heeft het nog steeds een zwakke inflatie. Dit kan de Bank van Japan, de centrale bank van het land, ertoe aanzetten om zijn aankoopbeleid van overheidsobligaties nog een tijdlang te voort te zetten om de langetermijnrente onder controle te houden. Als gevolg van deze terugkerende zwakheden heeft het land de gewoonte gekweekt om alles in te zetten op de aanval in de vorm van zijn grootste troef: exporterende bedrijven. Het spreekt voor zich dat dit het land erg afhankelijk maakt van de wereldconjunctuur. In dat opzicht stemt een handelsoorlog, die bovendien ingeleid werd door hun oude vriend Amerika, niet bepaald tot optimisme…

De Europese landen: niet allemaal op dezelfde lijn

Naast de drie economische grootmachten zijn de grootste teams van de economische competitie van Europese komaf. Zowel Duitsland, Frankrijk als het Verenigd Koninkrijk zijn vertegenwoordigd op het WK in Rusland, ook al is het Engeland dat voor de Britten de honneurs waarneemt. Het laatste dat we echter kunnen zeggen is dat hun conditie vergelijkbaar is.

De Duitse kampioenen, die zich in 2014 nog tot wereldkampioen voetbal kroonden liggen nu al uit het tornooi. Op economisch vlak zetten ze nog steeds de toon. De Duitse groei bereikte vorig jaar 2,5% van het BBP en zou dat niveau volgens het IMF dit jaar moeten aanhouden. Het land laat ook een begrotingsoverschot van 38 miljard euro optekenen, of 1,2% van het BBP. De werkloosheidsgraad heeft er een dieptepunt bereikt en bedraagt 3,4% van de actieve bevolking. Maar zoals bij alle grote teams is het net in goede tijden dat men problemen mag verwachten.

Als coach van een natie met een hele reeks troeven, zit kanselier Angela Merkel met een luxeprobleem. De Duitse kapitein werd aangevallen door extreem-rechts voor haar immigratiebeleid en tegelijk getackeld door de eurosceptici. Om haar land toch te kunnen besturen zag ze zich verplicht een grote ploeg samen te stellen en konden de socialisten niet op de bank blijven zitten. Een dergelijke ploeg valt echter moeilijker te leiden. Op Europees en mondiaal niveau krijgt de sterkste economie van de eurozone regelmatig kritiek voor het overschot op zijn handelsbalans, dat anderen lager willen zien.

In haar lentevooruitzichten benadrukt het IMF dat “Duitsland over een begrotingsmarge beschikt die het zou moeten gebruiken om de overheidsinvesteringen te verhogen in de domeinen die de potentiële groei zullen versnellen (…)”. Meer overheidsinvesteringen in Duitsland zou als belangrijk gevolg hebben dat de import van de rest van de eurozone stijgt, wat het makkelijker zou maken om binnen de eurozone opnieuw een evenwicht van de vraag te bereiken. De sterke punten van de Duitse Mannschaft zouden wel eens zijn zwakheden kunnen worden.

Frankrijk: gouden toekomst als het zijn hervormingen verderzet

Frankrijkvan zijn kant, dat erin slaagde de dubbel WK en EK van 1998 en 2000 op zijn naam te schrijven, lijkt momenteel één bouwwerf.Onder impuls van president Emmanuel Macron zijn de lang uitgestelde maar broodnodige hervormingeneindelijk in gang gezet. Hierover zegt het IMF in haar jaarlijkse overzicht van de Franse economie dat Frankrijk de “aanvoerder is van de hervormingen in Europa”, en moedigt het land aan om zo verder te gaan. Frankrijk zou zo zijn overheidstekort kunnen verminderen.

We mogen niet vergeten dat Frankrijk nog niet zo lang geleden het laatste land was van de eurozone dat een gele kaart riskeerde wegens een buitensporig overheidstekort. Het handelstekort – Frankrijk is een netto-importeur – wordt geleidelijk aan kleiner. Voor dit wereldkampioenschap is het nog wat vroeg maar de Franse economie lijkt een gouden toekomst tegemoet te gaan als het land zijn inspanningen volhoudt.

Dat geldt helemaal niet voor het Verenigd Koninkrijk, in het wereldkampioenschap vertegenwoordigd door Engeland. Nu de gevolgen van de Brexitzich steeds duidelijker aftekenen (een groei die het laat afweten, bedrijven die het nationale grondgebied verlaten, de nationale munt onder druk, enz.), wordt het land geconfronteerd met te lage bedrijfsinvesteringen als gevolg van de onzekerheid over de handelsakkoorden die van toepassing zullen zijn nadat het land de Europese Unie heeft verlaten.

Spanje onzeker, België stagneert

Achter de drie grootste Europese economieën lijken de andere formaties ter plaatse te blijven trappelen.

Spanje, altijd kandidaat voor een wereldtitel, zou zijn economische groei kunnen zien vertragen. Italië, dat zich deze keer zelfs niet kon kwalificeren voor het wereldkampioenschap, doet het nauwelijks beter. Het voornaamste probleem van deze twee landen is welbekend: de werkloosheidsgraad blijft er veel te hoog (15,9% in Spanje en 11,2% in Italië). Te veel jongeren blijven op de reservebank zitten. De jeugdwerkloosheid loopt in Italië op tot 33,1%, in Spanje is zelfs tot 34,4%. Deze variabelen hebben de bal klaargelegd voor een reeks populistische partijendie met name Italië in grote politieke onzekerheid hebben gestort. De vraag stelt zich dan ook hoe deze landen er tegen het volgende wereldkampioenschap zullen voorstaan…

Overigens zien we de kleinere economieën niet het voortouw nemen, niet tijdens dit WK en evenmin erna. Zo zal Belgiënet zoals veel andere landen zijn groei zien stagneren. Is het niet dit jaar, dan toch in 2019. België heeft een kleine, open economie, en riskeert te lijden onder de toename van het protectionisme, datde wereldhandel dreigt te vertragen. België zou ook last kunnen hebben van de aanhoudende stijging van de energiekosten in het kielzog van de heropleving van de olieprijzen. Dat komt vooral omdat de Belgische inflatienog steeds hoog is in vergelijking met het gemiddelde van de eurozone.

Energie: een te bedwingen parameter

Olie kreeg in de aanloop naar het wereldkampioenschap al meteen veel aandacht: het WK begon met een interessante Russisch-Saoedische aftrap op 14 juni, nog geen week voor de langverwachte bijeenkomst van de OPEC-landen (de organisatie van olie-exporterende landen). Met een productie van zo’n 11 à 11,5 miljoen vaten ruwe olie per dag zijn Rusland en Saoedi-Arabië concurrenten van de Verenigde Staten voor de titel van grootste olieproducent ter wereld.

Olie blijft in de komende maanden en jaren een cruciale rol spelen. Meer nog dan het monetaire beleid van de centrale banken is het de prijs van een vat ruwe olie die op het gebied van inflatie voor regen of zonneschijn zorgt. We weten ook hoe hoog de kosten zijn van energie-import voor de groeilanden. Nu de olieprijzen sneller stijgen dan ze willen, zouden Saoedi-Arabië en Rusland het wel eens op een akkoord kunnen gooien om hun productie te verhogen. De twee landen lieten verstaan bezorgd te zijn dat een te hoge prijs per vat uiteindelijk de vraag naar ruwe olie zou kunnen drukken.

Er zal ook gepoogd worden om een tegengewicht te bieden aan de verlaging van de olieproductie van Iran, dat van de Verenigde Staten een rode kaart kreeg in de vorm van nieuwe sancties. De vermindering van de Iraanse export wordt geschat op een miljoen vaten per dag, ook al produceert het land in weerwil van de situatie 4 miljoen vaten olie per dag. Met dat land, waarvan de economie sterk afhankelijk is van zijn handelsoverschot, valt dus weinig zaken te doen. Iran blijft overigens kampen met een bijzonder hoge werkloosheidsgraad.

De Afrikaanse landen spelen in een andere divisie

Met een productie van net geen 2 miljoen vaten per dag speelt Nigeriamisschien niet mee met de grote jongens, maar tekende zijn nationale ploeg wel present op het wereldkampioenschap, net zoals Senegal. Maar ondanks de dollarinkomsten uit de olie-export blijft de armoede in Nigeria drie mensen op vier treffen. De Nigeriaanse economie kan geen grote ambities koesteren zolang de corruptie er welig tiert.

Deze vaststelling geldt overigens voor heel wat Afrikaanse naties die meedingen in deze editie van het wereldkampioenschap. Noord-Afrika was dankzij Marokko, Tunesië en Egypte, goed vertegenwoordigd in de competitie. Deze landen blijven na de ‘Arabische lentes’ evenwel tegen gigantische economische uitdagingen aankijken. De werkloosheid is er namelijk bijzonder hoog. Het IMF merkt overigens op dat de stijging van de olieprijzen voor deze landen tot slechtere prognoses heeft geleid. Ze importeren immers allemaal olie.

Het juiste moment voor Brazilië?

De vooruitzichten lijken beter vooreen aantal Latijns-Amerikaanse landendie meedoen aan het WK. Het IMF stelt vast dat “het herstel in Latijns-Amerika zich doorzet”. De groei zou in 2018 stijgen naar 2,0% en naar 2,8% in 2019. Dat is een aantrekkelijk vooruitzicht. De Zuid-Amerikanen, beroemd voor hun behendigheid met de bal, zouden bijgevolg ook op economisch vlak wel eens in rang kunnen stijgen. Daarbij mogen we echter een aantal terugkerende zwakheden niet uit het oog verliezen: problematische overheidstekorten, een hoge werkloosheid in landen zoals Brazilië, Colombia en Argentinië, en, vooral dan voor dit laatste land, een inflatie die dringend onder controle gebracht moet worden…

Bovendien kan de stijging van de dollareen handicap van formaat worden voor economieën die de gewoonte hebben om voor hun schulden te kiezen voor de munt van de Verenigde Staten. We denken hier met name aan Argentinië en aan Mexico. Tegelijk kent Brazilië een windstilte die mooi samenvalt met het WK. Na de lange recessie in 2015 en 2016, vond de Braziliaanse economie de weg terug naar de groei(+1% vorig jaar). Die groei zou in 2018 stijgen tot 2,3% en volgend jaar zelfs 2,5% bereiken dankzij de gestegen privéconsumptie en de hogere investeringen. Brazilië lijkt dus een uitgelezen kans te hebben, ook al kan de politieke onzekerheid de komende maanden roet in het eten gooien.

En de outsiders?

Ver van de favorieten in de competitie die in Rusland wordt uitgevochten, zijn er een aantal Europese groeilanden met goede troeven. Los van hun structurele werkloosheid genieten Kroatië en Servië van meer dan redelijke economische vooruitzichten. Het is echter vooral Polen dat zich als een serieuze concurrent profileert. De Poolse economie, gedragen door een sterke binnenlandse consumptie, profiteert van een beleid dat de bedrijven erg goed gezind is, wat een groei zou moeten opleveren van boven de 3% over een periode van ten minste twee jaar.

Tijdens dit wereldkampioenschap en erna houden we ook de economieën in het oog die afhankelijk zijn van scheidsrechter China, zoalsZuid-Korea of Australië, waar de grondstoffen vooral China ten goede zijn gekomen. Met groeicijfers rond de 3% voor de komende jaren, zijn dit twee landen die kunnen meetellen.

De glorieuze onzekerheid van de… dollar

Wat is een sportcompetitie zonder zijn traditionele onverwachte gebeurtenissen? Hetzelfde geldt voor de economie, waar rekening gehouden moet worden met de dollar, die zowat de weersvoorspeller is van het WK der economieën.

Het scheidsrechterteamzal een hartig woordje meepraten over het financiële veld mocht zich op de deviezenmarkt zwaar weer voordoen: De Federal Reserve (Fed), de centrale bank van de Verenigde Staten, zou zijn rentetarieven in de komende kwartalenverder verhogen, wat de groene bankbriefjes uiteraard een duw in de rug moet geven. De vraag is hoe snel de Amerikaanse munt in waarde gaat toenemen en wat hiervan de invloed zal zijn op onder meer de grondstofprijzen. Ziedaar een mooie economische onzekerheid, minstens even mooi als de glorieuze onzekerheid van de sport…

_____________________________________________

8 goede redenen om te beleggen in Azië

11/6/2018

Jaar na jaar tekent Azië (excl. Japan) mooie groeicijfers op. Er is een shift aan de gang van zware industrie naar technologie. Daarnaast zwengelt de koopkracht aan. Welke opportuniteiten biedt deze regio voor beleggers?

Samengevat:

  • Azië (excl. Japan) tekent jaar na jaar mooie groeicijfers op. Er is een shift aan de gang van zware industrie naar technologie. Plus: de koopkracht zwengelt er aan.
  • Als regio biedt het nog steeds kansen voor beleggers die bereid zijn een hoger risico te aanvaarden.

Beleggen in Azië: is dat (nog) de moeite?

In 2017 klommen de Aziatische aandelenindexen (excl. Japan) gemiddeld 38%. Daarmee was Azië de best presterende regio ter wereld. Maar als u kijkt naar de evolutie sinds begin 2008, dan ziet u dat de korf van Aziatische aandelenindexen (MSCI Asia excl. Japan) nog steeds 10% achterop hinkt ten opzichte van de totale wereldindex (MSCI AC World).

Is er potentieel om die achterstand bij te benen?

8 elementen wijzen er op dat de inhaalbeweging van de jongste jaren zich nog zal doorzetten, en de wereldindex zelfs kan overtreffen.

  1. De economische groei is erg solide

In 2017 bedroeg die voor de hele regio (excl. Japan) 6,1%. De belangrijkste sterkhouder China tekende 6,9% groei op, India 6,8% en Zuid-Korea 3,1%. Voor de hele regio (excl. Japan) verwachten analisten 6% groei in 2018.

  1. Nog steeds in herstelfase

Landen als China en India (herstelfase) zitten nog niet zo ver in de economische cyclus als Europa (expansie) en de VS (late cyclus). Er is dus nog potentieel.

  1. Gunstige koers/winst-verhoudingen

De koers/winst-verhoudingen (k/w) van Aziatische aandelen (k/w MSCI Asia excl. Japan = 12,2) liggen gemiddeld een pak lager dan die van Amerikaanse (k/w S&P500 = 17,5) en Europese aandelen (k/w Eurostoxx600 = 14,4)

  1. Hoge verwachtingen over bedrijfswinsten

Economen verwachten in 2018 een stijging van 15% voor de bedrijfswinsten in Azië (excl. Japan). Voor Europa liggen de verwachtingen op 8%, voor de VS op 12%.

  1. Winstverwachtingen opwaarts bijgesteld

Vorig jaar stelden heel wat analisten hun winstverwachtingen voor beursgenoteerde Aziatische bedrijven opwaarts bij. Uit het verleden blijkt dat opwaarts bijgestelde bedrijfswinsten een goede voorspellende waarde hebben voor de beursprestaties.

  1. Meesurfen op de mondiale groeigolf

Omdat Azië sterk exportgericht is, profiteert de regio van de globale economische groei en het globaal stijgend consumentenvertrouwen.

  1. Regionale economie in transitie

De Aziatische economie zelf is ook in een overgangsfase: terwijl de export sterk blijft, stijgt de binnenlandse consumptie. Bovendien is er een industriële shift van grondstoffen naar technologie. Terwijl grondstofverwerkende bedrijven 10 jaar geleden nog 20% van de Aziatische aandelenkorf (excl. Japan) uitmaakten, is dat vandaag slechts de helft. Terzelfder tijd steeg de weging van technologiebedrijven van 17% naar 39%.

  1. Meer dan alleen China

In het voetspoor van China, steken ook andere landen op economisch vlak een tandje bij. Zo ontgroeit India met zijn populatie van 1,3 miljard mensen stilaan zijn status als landbouweconomie. Daarnaast is er ook nog de groep van zogenaamde ASEAN-landen (Association of Southeast Asian Nations). Dit is een associatie van 10 landen in Zuid-Oost Azië, waarvan de 5 belangrijkste (Indonesië, Thailand, Maleisië, Filippijnen en Singapore) vorig jaar nog een groei neerzetten van 5,2%.

Met welke risico’s moet ik rekening houden als belegger?

  • De financiële markten zijn er over het algemeen een stuk volatieler dan de Europese en Amerikaanse. Het opwaarts potentieel kan hoger liggen, maar het neerwaarts potentieel dus ook.
  • Het opkomend protectionisme kan sterk exportgerichte economieën zoals Zuid-Korea benadelen.
  • De stijgende rente in de VS vergroot de kans dat beleggers kapitaal uit Azië terugtrekken om te herbeleggen in de VS, zoals we dat ook al in het verleden zagen.
  • Tot slot zijn er ook (nog steeds) geopolitieke spanningen in de regio.

Hoe kan ik inspelen op het groeipotentieel?

Voor Deutsche Bank is Azië een van de 10 grote beleggingsthema’s voor 2018. Maar als particuliere belegger is het een minder evidente markt die door zijn omvang en complexiteit moeilijk behapbaar is. Daarom vinden we dat een actief beheerd fonds hier een meerwaarde biedt voor beleggers die een bepaald risico willen en kunnen aanvaarden.

______________________________________________

Tijd om obligaties boven aandelen te verkiezen?

Door Deutsche Bank Belgium

7/5/2018

De trendwijziging lijkt ingezet: wereldwijd begint de rente langzaam maar zeker te stijgen. Wat betekent dat voor beleggers?

Samengevat:

  • Ook al stijgt de rente wereldwijd langzaam maar zeker, toch is het afgeraden om nu al in obligaties te stappen. Aandelen verdienen de voorkeur, als dat binnen uw beleggersprofiel past.
  • Wenst u toch in obligaties te beleggen, dan bieden obligaties van groeilanden de beste risico-rendementsverhouding.

1.De rente stijgt. Is dat goed of slecht nieuws?

Dat is uiteraard goed nieuws. De rente stijgt omdat de macro-economische groei eindelijk op ritme geraakt. Zowel in de groeilanden als in de ontwikkelde landen groeit de economie sneller dan voorheen.

Los van de economische groei wordt de geleidelijke rentestijging ook ondersteund door de beleidswijziging van de centrale banken: de Federal Reserve in de VS en de Europese Centrale Bank. De jongste jaren hebben die de obligatiekoersen enorm ondersteund, waardoor de rendementen naar beneden werden geduwd. Nu is de Fed begonnen met de beleidsrente beetje bij beetje op te trekken en bouwt ze haar balans obligaties langzaam af. Ook de ECB verandert het geweer stilaan van schouder. Tot eind 2017 kocht ze maandelijks voor 60 miljard euro obligaties op. Vandaag is dat de helft. Doordat de centrale banken de obligaties minder ondersteunen, kunnen de koersen zakken en de rendementen stijgen.

  1. Is het in dit klimaat een goed idee om in obligaties te stappen?
  • In een context van sterke economische groei presteren aandelen beter dan obligaties. Aandelengenieten dus onze voorkeur indien deze passen bij uw beleggersprofiel.
  • Wil u toch obligaties aankopen, dan geven obligaties van groeilandende beste risico-rendementsverhouding. In dat geval neemt u er wel een muntrisico bij.
  1. Wanneer kan ik best instappen?

Daar valt geen datum op te plakken. De beleidsrente zal nog een aantal jaren heel laag blijven. We verwachten pas midden 2019 een eerste verhoging van de Europese beleidsrente. Er is dus zeker geen haast bij om in obligaties te stappen.

Een trigger om in te stappen zou zijn als de risicopremie op obligaties zou stijgen. Dat is de premie die de uitgever betaalt bovenop het tarief voor een risicoloze lening, als compensatie voor het kredietrisico dat de belegger op de uitgever neemt. Vandaag zitten we helemaal aan de bodem en wordt het kredietrisico onvoldoende vergoed. Op termijn zal de risicopremie wel normaliseren waardoor ook andere obligaties dan die van groeilanden een correcte vergoeding zullen geven voor het kredietrisico.

  1. In afwachting van het juiste instapmoment: wat zijn vandaag de verschillende alternatieven in het obligatiesegment?
  • Obligaties met variabele rente, waarvan de coupon groter wordt naarmate de rente stijgt. Maar die zijn zeldzaam. Wel worden er af en toe gestructureerde producten uitgegeven die daarop inspelen, maar ook die zijn dun gezaaid.
  • Fondsen die actief inspelen op de duratie. Duratie geeft aan hoe gevoelig een instrument is aan schommelingen van de rentevoeten. Obligaties hebben normaal gesproken een positieve duratie: als de rente stijgt, daalt de waarde van een obligatie. Maar fondsbeheerders kunnen via afgeleide producten inspelen op die duratie. Zo zijn er zelfs fondsbeheerders die de mogelijkheid hebben om een negatieve duratie te verkrijgen, en dus juist waarde creëren bij stijgende rente. Maar: als de rente tegen de verwachtingen in toch niet verder stijgt, kunnen de verliezen oplopen. Uitsluitend in dat soort fondsen beleggen, is af te raden.
  • Zoveel mogelijk obligaties met korte looptijdin portefeuille houden. Het rendement zal laag zijn, maar de vervaldag ligt dichter. Als binnen pakweg drie jaar de rente een stuk hoger ligt, dan kunt u herbeleggen op een hoger niveau.
  1. Wat met obligaties die ik al in portefeuille heb?

Obligaties met een negatief netto restrendement op de vervaldag kunt u beter nu verkopen. Met negatief rendement bedoelen we dat het totaalinkomen bij vervaldag, alle coupons meegerekend, lager ligt dan bij verkoop vandaag.
Is het restrendement nog altijd positief en bent u tevreden met uw coupons, dan kunt u uw obligaties houden. Let wel op met speculatieve obligaties die een gedisciplineerde opvolging van het kredietrisico vragen.

_____________________________________________

10 essentiële vragen voor jouw bankier

10/4/2018

Kunnen we even kennismaken?

De persoon die verantwoordelijk wordt voor jouw geld zal heel wat over jou te weten komen. Logisch dus dat je hem/haar ook wat beter wilt leren kennen. Welke ervaring heeft die persoon, heeft hij of zij bepaalde specialiteiten en volgt hij of zij regelmatig een extra opleiding? Ben je ook benieuwd of hij getrouwd is of wie haar personal trainer is? Vraag maar raak. Maar begin met de essentials.

Waarom deze bank?

Ben je al klant, dan is het interessant om dit weer even op een rijtje te zetten. En ben je van plan om van een andere bank over te stappen, dan is deze vraag essentieel. Wat is de meerwaarde van deze bank? Wat onderscheidt haar?

Hoe gaan jullie samenwerken?

Kan je jouw adviseur contacteren wanneer je maar wil? Per telefoon, e-mail of via sociale media? Bereikbaarheid is een cruciaal criterium. Hoe vaak jullie een afspraak inplannen, hangt af van jouw persoonlijke situatie, maar zorg zeker voor een paar face to face- momenten per jaar. Niet alleen om antwoord te krijgen op specifieke vragen, maar ook om te kunnen anticiperen op de veranderingen in jouw leven. Voor je een belangrijke beslissing neemt, vraag je toch ook raad aan je vrienden, aan mensen die je vertrouwt, en dat doe je vast niet via de telefoon. Hetzelfde geldt voor een afspraak met je bankier!

Matchen de ambities?

Definieer om te beginnen de ambities van je bankportefeuille: wat is jouw beleggingshorizon, wat zijn de risico’s en wat zijn jouw toekomstplannen? Je financiële gedrag is natuurlijk anders als je van plan bent om een mooie reis te maken dan als je vooral geld wil beleggen en mikt op een zo hoog mogelijk rendement. Dit is een heel brede vraag, maar wel de basis van alles. Kortom: maak een duidelijk balans op van jouw huidige situatie en toekomstige projecten.

Hoe zit het met de kwaliteit?

Uiteraard wil je alleen kwalitatief hoogstaande bankproducten in je portefeuille. Heb je nog nooit belegd? Dan is dit het moment om met je adviseur op zoek te gaan naar de beste producten van het moment en te kijken welke het hoogste rendement opleveren. Je moet je durven afvragen of de bankproducten ‘van het huis’ die de traditionele banken voorstellen wel toereikend zijn. Misschien kan jouw bank je betere oplossingen op de financiële markt voorstellen?

Krijg je van hen een globaal advies, ook over producten van andere financiële instellingen? Als jouw adviseur je enkel kant- en klaarproducten voorstelt, geen globale visie heeft en geen rekening houdt met producten die elders worden aangeboden, dan moet je hem of haar een wake-up call geven. Zachtjes, uiteraard!

Welk kostenplaatje?

Zijn de beheerskosten van mijn portefeuille gestegen? Zo ja, waarom? En zo nee, waarom niet? Zijn er instapkosten bij het beleggen? Misschien stellen die kosten op zich niet zo veel voor. Maar op het einde van het jaar presenteren bepaalde banken toch een onverwacht hoge rekening. Zorg er dus voor dat je van in het begin een transparant beeld hebt van het kostenplaatje, zo kom je niet voor vervelende verrassingen te staan.

Hoe proactief is je adviseur?

Als een van jouw producten wijzigt of als iets niet meer bij jouw profiel past, neemt jouw bank dan contact met jou op? In de drukte van je dagelijkse leven, kan het gebeuren dat je nieuwe informatie mist en financiële kansen laat schieten. Op dat moment moet jouw adviseur zich proactief opstellen en ervoor zorgen dat jouw financiële belangen verdedigd worden. Waarom heb je hem/haar anders?

Wat met de effecten die je meebrengt vanuit een andere bank?

Als je jouw portefeuille overzet vanuit een andere bank, dan is het belangrijk dat jouw bankier die effecten goed mee opvolgt. Je moet een breed advies krijgen over een grote waaier aan producten. Dat is belangrijk om een goed advies te kunnen geven, en om jou te kunnen begeleiden bij het maken van de juiste keuze.

Krijg ik goed advies als er in mijn privéleven iets gebeurt?

Een bank is natuurlijk geen psychotherapeutisch centrum. Maar als iemand gaat scheiden, of uit elkaar gaat, een naaste verliest of een carrièreswitch maakt, dan is het belangrijk om te kunnen rekenen op iemand die je ondersteunt in het maken van financiële beslissingen. Het is belangrijk dat je snel een afspraak kunt maken zodat je niet wakker moet liggen van praktische zaken op een moment dat je met zware stress of emoties moet omgaan…

Bespaar je kostbare tijd?

Het is belangrijk dat je zeker weet dat jouw bank oplossingen aanreikt om jou zoveel mogelijk te ontlasten. Je moet het beheer van jouw bankzaken kunnen delegeren aan specialisten die zich ontfermen over jouw portefeuille en jou regelmatig updates bezorgen. Is dit het geval? Slaap dan gerust op beide oren!