Successieplanning in Wallonië – wat is er gewijzigd sedert 01/01/2018?

@ Pexels

Door Cécile Baijot & Anouck Lejeune, Senior Wealth Planners, Puilaetco Dewaay Private Bankers

In deze bijdrage staan wij stil bij twee wijzigingen die ingang vonden op 1 januari 2018.

De eerste wijziging situeert zich op het vlak van de successierechten terwijl de tweede wijziging verband houdt met de registratierechten aangaande de schenking van roerende goederen.

  1. Successierechten: vrijstelling van de gezinswoning indien de overledene woonachtig is in het Waalse Gewest

Tot en met 31 december 2017 konden de langstlevende der echtgenoten en de langstlevende wettelijk samenwonende partner genieten van een vrijstelling van successierechten met betrekking tot de gezinswoning. Deze vrijstelling was echter geplafonneerd tot 160 000 Euro. Indien het aandeel van de langstlevende der echtgenoten/de langstlevende wettelijk samenwonende partner meer bedroeg dan 160 000 Euro, was het surplus onderworpen aan het progressief tarief van de successierechten (met een maximumtarief van 30%).

Sedert 1 januari 2018 zijn de langstlevende der echtgenoten en de langstlevende wettelijk samenwonende partner geheel vrijgesteld van successierechten voor wat het deel betreft dat hij/zij in de gezinswoning zal erven. Voorwaarde is evenwel dat desbetreffend onroerend goed al minstens vijf jaar dienst doet als hoofdverblijfplaats (en dus gezinswoning). Het bewijs hiervan kan, behoudens bewijs van het tegendeel, geleverd worden aan de hand van uittreksel uit het bevolkings- of vreemdelingenregister (nieuw artikel 55 quinquies W. Succ.).

De vrijstelling van successierechten zal automatisch worden toegekend van zodra hogervermeld bewijs geleverd is aan de hand van de gegevens opgenomen in het bevolkings- of vreemdelingenregister.

Het is uiteraard steeds mogelijk dat de overledene of zijn langstlevende echtgeno(o)t(e) / wettelijk samenwonende partner zijn/haar hoofdverblijfplaats op het ogenblik van overlijden niet meer in de gezinswoning heeft omwille van overmacht of een dwingende reden van medische, familiale, beroeps- of maatschappelijke aard. In voorkomend geval zal de vrijstelling toch toegekend worden, maar zij dient dan uitdrukkelijk te worden aangevraagd en de overmacht of de dwingende reden dient bewezen te worden.

Door de invoering van deze vrijstelling plaatst het Waalse Gewest zich op eenzelfde lijn met het Brusselse en het Vlaamse Gewest. Toch zullen er nog steeds verschillen bestaan tussen de Gewesten op het vlak van de definities van wettelijke samenwoning enerzijds en de feitelijk samenwonenden anderzijds. Deze laatsten worden immers niet in alle Gewesten gelijkgesteld met gehuwden.

  1. Registratierechten op de schenking van roerende goederen indien de schenker woonachtig is het Waalse Gewest

De registratie van de schenking van roerende goederen (geld, effecten, kunstwerken, etc.) is onderworpen aan een registratie- of schenkingsrecht, waarvan de hoogte afhankelijk is van de graad van verwantschap tussen de schenker en de begiftigde.

Tot en met 31 december 2017 werden de volgende tarieven toegepast:

  • 3,3% voor schenkingen in rechte lijn, tussen echtgenoten en wettelijk samenwonenden;
  • 5,5% voor schenkingen tussen broers en zussen en tussen ooms en tantes of neven en nichten;
  • 7,7% voor schenkingen tussen alle andere personen (vreemden).

Vanaf 1 januari 2018 wordt het tarief van 7,7% afgeschaft. Voortaan zal de schenking tussen « alle andere personen » eveneens onderworpen zijn aan het tarief van 5,5%. Het tarief van 3,3% blijft van toepassing voor de schenkingen in rechte lijn (artikel 131 bis W. Reg.).

Lees ook corner Overdracht

Dit bericht is geplaatst in Erfenis met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *