Pleidooi voor transparante overheidsrekeningen

IMG_1491 - Version 3Etienne de Callataÿ, Econoom Bank Degroof en gastdocent universiteit van Namen, Alexandre de Streel, Prof. universiteit van Namen, Olivier Lefebvre, Dokter in de economie, Luc Leruth, Prof. ULg, Pierre Pestieau, Prof. ULg en Prof. CORE

Samenvatting door Isabelle de Laminne

Zich buigen over de efficiëntie van het overheidsbeleid is delicaat. Enerzijds vertonen de boekhoud- en begrotingsgegevens en de statistieken immers lacunes en anderzijds is het bijzonder moeilijk kwantificeerbare maatregelen voor te stellen om die efficiëntie te verbeteren. Maar, binnen de huidige crisisomgeving en context van zwakke groei, mogen we ons terecht zorgen maken over het efficiënte gebruik van de overheidsmiddelen en zoeken naar een beter overheidsbeleid. In 2014 bedraagt het totale begrotingstekort in België 3,2%. In tegenstelling tot wat iedereen denkt, is het niet enkel de redding van de banken die hiervoor gezorgd heeft. Tussen 2000 en 2013 zijn de overheidsuitgaven in reële termen gestegen met gemiddeld jaarlijks 2,8%, wat geleid heeft tot een toename ervan met 5,7 punten van bbp. We mogen dus niet enkel stilstaan bij de studie van de inkomsten van de staat, maar we moeten ook de uitgaven van de overheid scherp onder de loep nemen.

Gebrek aan transparantie

Op het ogenblik dat we ons buigen over de efficiëntie van het overheidsbeleid, moeten we meteen al iets vaststellen, namelijk het gebrek aan transparantie en informatie over de overheidsrekeningen. Reeds in 2008 wees het Internationaal Monetair Fonds (IMF) op dit gebrek aan transparantie in de overheidsrekeningen. Het IMF merkt op dat de informatie voor het grote publiek over allerlei onderwerpen verbeterd zou moeten worden: informatie over het fiscale risico en de uitgaven in de begrotingsdocumenten, inlichtingen over de jaarlijkse boekhoud- en begrotingsregels van de lokale overheden, over de overdracht van de inhoud van de finale overheidsrekeningen alsook over de gegevens inzake het bestuur van holdings die volledig of deels in handen van de staat zijn. Ook de OESO maakt in haar recentste verslag gewag van dit gebrek. Daardoor geeft de overheidsboekhouding geen correct beeld van de financiële toestand van de overheid en nog minder van perspectieven die betrouwbaar zijn op lange termijn.         Trouwens, in België is de overheidsboekhouding hybride. Er zijn geen boekhoudstandaarden tussen de verschillende niveaus van lokale, regionale en federale overheden. In dit kader moeten er zo drie soorten gegevens worden herzien en verbeterd: de statistieken van de overheidsfinanciën, de begrotingsgegevens en de boekhoudgegevens ex post. De statistieken worden vandaag opgesteld door het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR), dat onderdak heeft bij de Nationale Bank van België (NBB). Die statistieken zouden beschikbaar moeten zijn voor alle bevoegdheidsniveaus. We stellen weliswaar een verbetering van hun kwaliteit vast, maar er moeten toch nog heel wat inspanningen worden geleverd. Wat betreft de begrotingsgegevens, die worden opgesteld door het Planbureau, verstrekt de Hoge Raad voor Financiën aanbevelingen. Die organen die de begrotingsprognoses opstellen, zouden ook onafhankelijker moeten zijn.

Facelift van de boekhouding

De opstelling van de boekhoudgegevens op alle bevoegdheidsniveaus zou een grondige facelift moeten ondergaan. De overheidsrekeningen zouden moeten worden opgesteld door onafhankelijke accountants (bijvoorbeeld op gemeentelijk niveau). De verhouding tussen inkomsten en uitgaven zou moeten worden geanalyseerd en er zou een controle ex post op alle niveaus moeten worden uitgevoerd. Het lijkt onontbeerlijk dat de rekeningen worden voorgelegd binnen een redelijke termijn, dat ze volledig zijn, actueel en transparant. Het is belangrijk om, net zoals voor ondernemingen, strikte boekhoudnormen op te stellen voor de overheid en een dubbele boekhouding in te voeren. Vandaag wordt de notie nettoschuld niet voorgesteld. Er zou rekening moeten worden gehouden met de aankopen, maar ook met de activa aanwezig in het overheidspatrimonium: musea, bossen, gronden, wegen, financiële participaties, … Er zou minstens rekening moeten worden gehouden met de gemakkelijk te vervreemden goederen. In sommige overheidsrekeningen worden goederen in bezit van de staat voor nul opgenomen. Dat lijkt erop te wijzen dat bepaalde activa niet bestaan en de opportuniteitskosten van het opnieuw mobiliseren ervan voor de economie nul is. Deze verkeerde opname van bepaalde activa in de overheidsboekhouding heeft een averechts effect en leidt tot een kunstgreep die de politieke beslissingen vervalst. Het lijkt dus hoog tijd de boekhoudwijze en de boekhoudnormen die de overheden zouden moeten volgen, te herzien.

Methodologie en harmonisering

De transparantieplicht in deze materie is onmiskenbaar: zowel de boekhoudgegevens als alle informatie over de inkomsten en uitgaven zouden voor de burgers toegankelijk moeten zijn. Maar dan moet die informatie duidelijk zijn. Teveel informatie kan de transparantie vertroebelen: te veel informatie doodt de informatie. Maar er zou toch een minimum aan informatie vereist moeten zijn: Hoeveel bedragen de gemeentebelastingen? Waarvoor worden ze gebruikt? Er zouden ook vergelijkingen tussen gemeenten mogelijk moeten zijn: tussen stedelijke gemeenten en landelijke gemeenten, nabije gemeenten of verre gemeenten, … Er zou toegang moeten worden verschaft tot de geconsolideerde cijfers van de overheidsfinanciën.

Hoe kunnen die statistische, budgettaire, boekhoudkundige en transparantiedoeleinden worden bereikt? Het is onontbeerlijk om in eerste instantie een coherente en geharmoniseerde methodologie op te stellen voor alle bevoegdheidsniveaus. Vervolgens zouden onafhankelijke instellingen kunnen worden aangesteld om die methodologie toe te passen. Wanneer de overheidsrekeningen zullen zijn opgesteld volgens een duidelijke, geharmoniseerde methodologie, door onafhankelijke experts, moeten ze openbaar worden gemaakt, moeten ze toegankelijk – in termen van leesbaarheid en transparantie – worden gemaakt voor de burgers en dit via de huidige beschikbare technische hulpmiddelen (internet). Het gebrek aan informatie en transparantie verminderen is de eerste prioriteit in een benadering die ernaar streeft het overheidsbeleid efficiënter te maken. Die transparantie van de aanwending van de belastingen zou het begrip en de aanvaarding ervan door de burger vereenvoudigen.

Hier vindt u de link naar het volledige document “Economische denkpistes en inzichten – Voor een efficiënter overheidsbeleid”

 

 

Dit bericht is geplaatst in Club der wijzen met de tags , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *